Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

Konrad Wallenrod (Fragment)

O tijding der gemeente, gij arke des verbonds
Tussen oude en jongere jaren;
In U legt het volk het wapen zijns ridders,
Het geweef zijner gedachten, de bloemen van zijn gevoel
O arke! Gij zijt gebroken door geen slag,
Zolang Uw eigen volk U niet veronachtzaamt:
O lied der gemeente, gij staat op de wacht
Bij de monumenten van de kerk der natie,
Met vleugelen en stem van de aartsengel –
Bijwijlen ook houdt gij des aartsengels wapen…
De vlam verteert geschilderde historie,
Schatten, die vernielen rovers met zwaarden:
Het lied ontkomt gaaf! ’t Gaat rond bij de scharen;
En wanneer lage zielen niet vermogen
Het te voeden met erbarmen en te drenken met hoop,
Dan vlucht het in de bergen, hecht zich vast aan ruïnen
En vandaar verhaalt het de oude tijden…
Zo vliegt een nachtegaal weg uit het huis,
Dat vol is van vuur; zet zich een wijle op het dak:
Als de daken instorten, vlucht hij in de wouden,
En in een kwelende zang, over puinhopen en graven,
Neuriet hij voor de reizenden het lied van de rouw.

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Standbeeld in Krakau

 

De Duitse schrijfster Angelika Schrobsdorff werd geboren op 24 december 1927 in Freiburg im Breisgau. Zie ook alle tags voor Angelika Schrobsdorff op dit blog.

Uit: Wenn ich dich je vergesse, oh Jerusalem

»Na ja, das sage ich doch«, unterbrach sie mich ungeduldig, »sie geraten durcheinander und explodieren.«
»Sollen sie«, sagte ich ermattet, denn wenn unsere Gespräche bereits an den simpelsten Themen scheiterten, wie da erst, wenn es sich um etwas so Unbegreifliches wie Computer handelte. Ich versuchte also, das Thema zu wechseln, doch das ließ sie nicht zu. Für sie, so wie für viele ihrer Generation, war die potentielle Apokalypse ein ebenso anregender Gesprächsstoff wie etwa der Simpson-Prozeß oder die Sexaffäre zwischen Clinton und Monica.
»Hältst du es für möglich«, fragte sie hoffnungsfroh, »daß die Welt untergeht?«
»Nein«, enttäuschte ich sie, »ich fürchte, das dauert noch ein Weilchen.«
Für sie wäre es zweifellos eine gute Nachricht gewesen, denn die Vorstellung, daß die Welt nach ihrem Tod noch weiter existieren könnte, empfand sie als ungerecht.
»Also sehr viele Menschen halten es für möglich«, belehrte sie mich, »besonders die Deutschen. Ich sehe doch manchmal RTL, und was man da so alles sagt! Richtig gruselig! Stell dir vor, die Flugzeuge fallen plötzlich vom Himmel und der Computerbug ist nicht mehr aufzuhalten und zerstört die ganze Technik.«
»Ich hoffe, als erstes zerstört er RTL.«
»Du scheinst das nicht ernst zu nehmen«, warf sie mir vor, »aber ich sage dir, viele kluge Leute, mit denen ich gesprochen habe und die etwas von diesen Dingen verstehen, haben große Zweifel, daß die Sache gutgeht.«
Die hatte ich nun leider nicht. »Die Welt geht nicht unter mit einem Knall, sondern mit einem Gewimmer«, hatte ein wirklich kluger Kopf einmal gesagt, und so sah ich es auch. Möglicherweise würden ein paar Pannen eintreten und die Versorgung der Stadt mit Elektrizität, Wasser und Telefon unterbrochen werden. Aber solange ich genug Katzenfutter hatte, konnte mir persönlich gar nichts passieren. Ich rief meine Tierhandlung an und bestellte vorsichtshalber hundert Dosen »Cat-Star«.
»Na ja«, sagte Harry, der seit einiger Zeit bei mir wohnte und die schwere Bürde der Katzenbetreuung mit mir teilte, »das reicht ja dann auch für uns.«


Angelika Schrobsdorff (24 december 1927 – 30 juli 2016)
Cover

 

De Amerikaanse schrijfster Stephenie Meyer werd geboren in Connecticut op 24 december 1973. Zie ook alle tags voor Stephenie Meyer op dit blog.

Uit: New Moon

“I knew it wasn’t personal, just a precaution, and I tried not to be overly sensitive about it. Jasper had more trouble sticking to the Cullens’ diet than the rest of them; the scent of human blood was much harder for him to resist than the others–he hadn’t been trying as long.
“Time to open presents,” Alice declared. She put her cool hand under my elbow and towed me to the table with the cake and the shiny packages.
I put on my best martyr face. “Alice, I know I told you I didn’t want anything–“
“But I didn’t listen,” she interrupted, smug. “Open it.” She took the camera from my hands and replaced it with a big, square silver box.
The box was so light that it felt empty. The tag on top said that it was from Emmett, Rosalie, and Jasper. Self-consciously, I tore the paper off and then stared at the box it concealed.
It was something electrical, with lots of numbers in the name. I opened the box, hoping for further illumination. But the box was empty.
“Um . . . thanks.”
Rosalie actually cracked a smile. Jasper laughed. “It’s a stereo for your truck,” he explained. “Emmett’s installing it right now so that you can’t return it.”
Alice was always one step ahead of me.
“Thanks, Jasper, Rosalie,” I told them, grinning as I remembered Edward’s complaints about my radio this afternoon–all a setup, apparently. “Thanks, Emmett!” I called more loudly.
I heard his booming laugh from my truck, and I couldn’t help laughing, too.
“Open mine and Edward’s next,” Alice said, so excited her voice was a high-pitched trill. She held a small, flat square in her hand.
I turned to give Edward a basilisk glare. “You promised.”
Before he could answer, Emmett bounded through the door. “Just in time!” he crowed. He pushed in behind Jasper, who had also drifted closer than usual to get a good look.
“I didn’t spend a dime,” Edward assured me. He brushed a strand of hair from my face, leaving my skin tingling from his touch.
I inhaled deeply and turned to Alice. “Give it to me,” I sighed.
Emmett chuckled with delight.
I took the little package, rolling my eyes at Edward while I stuck my finger under the edge of the paper and jerked it under the tape.”

 
Stephenie Meyer (Connecticut, 24 december 1973)

 

De Turkse dichter Tevfik Fikret werd geboren op 24 december 1867 in Istanbul. Zie ook alle tags voor Tevfik Fikret op dit blog.

Als het ochtend wordt

Als het ook in dit land eens ochtend wordt, Hauluk,
Als dat in mist gehulde noodlot van dit land
Wordt afgeschud door een krachtige, levenschenkende trilling
Doorde aanraking van een krachtige hand en als dat beslagen
Roestige gezicht van de natie een beetje lachen zal… – Die dag
Heb ik, zelfs als ik niet gestorven ben, zeker al een zeer verwelkte
Band met het leven; – Vestig op die dag geen hoop meer op mij, vergeet mij
Met mijn ellende in mijn verlamde en lege wereld; want mijn lamme
En kreupele blikken willen jou naar het verleden trekken; jij bent
Met heel jouw wezen en organisme de toekomst;
Jouw stem zingt nog steeds zachtjes liedjes in mijn oren!
Ja, het zal ochtend zijn, het wordt ochtend, de nachten
Zullen niet duren tot aan de dag des oordeels; tenslotte zal deze hemel,
Deze blauwe hemel jullie op een dag betreuren; wees niet bedroefd.
Vrolijkheidis de zon voor het leven, in droefenis vergaat de mens
Zoals wij… Jullie, o kleine zonnen
Van het universum van morgen, ontwaakt eindelijk één voor één!
De verten hebben het eeuwig verlangen naar licht.
Verlichting… Dat is de geest en de aspiratie van onze eeuw;
Verwijdert de wolken, schudt de schaduwen van de angsten af;
Rent in het licht naar een dankenswaardige bevrijding.
Dat is onze hoop; ook als wij zouden sterven, zal het vaderland
Zeker met en door jullie leven, ver van die duisternis der kerkers!

 

Vertaald door S Sötemann

 
Tevfik Fikret (24 december 1867 – 19 augustus 1915)
Borstbeeld bij het voormalige woonhuis van Fikret, nu het Aşiyan Museum in Istanboel

 

De Engelse dichter en cultuurcriticus Matthew Arnold werd geboren op 24 december 1822 in Laleham, Middlesex. Zie ook alle tags voor Matthew Arnold op dit blog.

Stanzas From The Grande Chartreuse(Fragment)

Approach, for what we seek is here!
Alight, and sparely sup, and wait
For rest in this outbuilding near;
Then cross the sward and reach that gate.
Knock; pass the wicket! Thou art come
To the Carthusians’ world-famed home.

The silent courts, where night and day
Into their stone-carved basins cold
The splashing icy fountains play–
The humid corridors behold!
Where, ghostlike in the deepening night,
Cowl’d forms brush by in gleaming white.

The chapel, where no organ’s peal
Invests the stern and naked prayer–
With penitential cries they kneel
And wrestle; rising then, with bare
And white uplifted faces stand,
Passing the Host from hand to hand;

Each takes, and then his visage wan
Is buried in his cowl once more.
The cells!–the suffering Son of Man
Upon the wall–the knee-worn floor–
And where they sleep, that wooden bed,
Which shall their coffin be, when dead!


Matthew Arnold (24 december 1822 – 15 april 1888)
Karikatuur door Frederick Waddy, 1872

Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

Konrad Wallenrod (Fragment)

Want als ’t betaamt de wajdeloten te geloven,
Staat menigmaal op verlaten kerkhoven en weiden
In zichtbare gedaante de pest-jonkvrouw,
In wit gewaad, met vurige krans op de slapen.
Haar hoofd verheft zich boven de Bialowiez-se bomen1)
En in haar hand wuift ze een bloedige doek.
De wachters der sloten dekken hun ogen met de helm;
En de honden van de boeren graven hun snuit in de aarde,
Wroeten, ruiken de dood en huilen luguber.
De jonkvrouw schrijdt voort met onheilspellende tred
Naar dorpen, kastelen en rijke steden:
En zovele malen ze wuift met haar bloedige doek,
Zovele paleizen veranderen in woestenijen;
Waar ze haar voet zet, daar verrijst een vers graf.
Verderf-volle verschijning!… Maar groter verderf
Kondigde de Litauers van Duitse zijde
De glanzende helm met struisveren,
En de brede mantel, met zwart kruis!
Waar passeerden de schreden van zulk een spook,
Daar is niets het verderf van dorpen of burchten:
Een geheel land daalde ten grave!
O! wie een Litause ziel vermocht te bewaren,
Die kome tot mij, laat ons nederzitten op ’t graf der volken,
Laat ons peinzen, zingen en tranen storten.

Vertaald door N. van Wijk

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Konrad Wallenrod door Władysław Majeranowski, 1844

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold”

Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

De steppen van Akerman

Ik voer in in de uitgestrektheid des drogen oseaans;
De wagen duikt in het groen en waadt als een boot:
Te midden van golven van ruisende weiden, te midden van een vloed van bloemen
Vaar ik heen om koraaleilanden van steppegras.

Reeds valt de schemer, nergens een weg noch heuvel;
Ik zie naar de hemel, zoek de sterren, de gidsen mijner boot;
Daar vèrwèg glanst een wolk, daar gaat de morgenster op…
Nu glanst de Dniester, nu ging op de lamp van Akerman!

Laat ons pozen!… Hoe stil!… Ik hoor de trekkende kraanvogels,
Die het scherpe oog van geen valk zou bereiken;
Ik hoor, waar een vlinder zich wiegelt op een grashalm,

Waar een slang met gladde borst een plant aanraakt…
In zulk een stilte span ik mijn oren in, scherp luisterend,
Dat ik een stem uit Litauen zou horen… Voorwaarts, niemand roept!

Vertaald door N. van Wijk

 

The Akkerman Steppe

I launch myself across the dry and open narrows,
My carriage plunging into green as if a ketch,
Floundering through the meadow flowers in the stretch.
I pass an archipelago of coral yarrows.

It’s dusk now, not a road in sight, nor ancient barrows.
I look up at the sky and look for stars to catch.
There distant clouds glint—there tomorrow starts to etch;
The Dnieper glimmers; Akkerman’s lamp shines and harrows.

I stand in stillness, hear the migratory cranes,
Their necks and wings beyond the reach of preying hawks;
Hear where the sooty copper glides across the plains,

Where on its underside a viper writhes through stalks.
Amid the hush I lean my ears down grassy lanes
And listen for a voice from home. Nobody talks.

Vertaald door Leo Yankevich

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Borstbeeld in het Jorfana Park in Krakau

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold”

Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

Morgen und Abend

Der Sonnenaufgang schimmert durch die Wolkendecken,
und gegenüber sinkt der Mond, löscht sein Gesicht.
Die Rose öffnet ihre Knospen, Schicht um Schicht,
und taugebeugte Veilchen woll’n sich lichtwärts strecken.
 
Das Bildnis Lauras will mich aus den Träumen wecken.
Ich knie vorm Fenster, als sie ihre Zöpfe flicht
und fragt: Warum, ach, leuchten eure Augen nicht,
woll’n sich mein Liebster, Veilchen und der Mond verstecken?
 
Zum Abend zeige ich ihr wieder meine Treue,
Der Mond kehrt wieder und die Veilchen blühn verborgen,
süß duftend, auch der Himmel rötet sich aufs Neue.
 
Doch ich steh dort vom Fenster mit den alten Sorgen,
seh’ wie sie sich herausputzt, und sich d’ran erfreue.
Nur ich knie ihr zu Füßen, traurig wie am Morgen.

Vertaald door ZaunköniG

 

Aloesjta bij dag

De berg opent zijn nevelgordijnen,
Het graan ruist knielend neer, een golf van goud;
Als uit ’s kaliefen bidsnoer schudt het woud.
Granaten uit zijn lokken en robijnen.

De weide bloeit; boven de weide deinen
Ook bloemen- vleugelige – zover ’t oog schouwt;
’t Insectenheir veelkleurig zwermend, bouwt
Hoog in de lucht briljanten baldakijnen.

Maar als de rots zijn donkere gezicht
In ’t water spiegelt, wordt de zee ontsticht:
Een dreigend grommen spelt de stormfanfaren

Terwijl de branding tijgerogig licht;
Maar over d’afgrond wiegen stil de baren
Waarover zwanen drijven, schepen varen.

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Portret door S. Chejmann, 1897

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Stephenie Meyer,Tevfik Fikret, Matthew Arnold”

Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Tevfik Fikret, Matthew Arnold, Stephenie Meyer

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

Within their silent perfect glass

Within their silent perfect glass
The mirror waters, vast and clear,
Reflect the silhouette of rocks,
Dark faces brooding on the shore.

Within their silent, perfect glass
The mirror waters show the sky;
Clouds skim across the mirror’s face,
And dim its surface as they die.

Within their silent, perfect glass
The mirror waters image storm;
They glow with lightning, but the blast
Of thunder do not mar their calm.

Those mirror waters, as before,
Still lie in silence, vast and clear.

The mirror me, I mirror them,
As true a glass as they I am:
And as I turn away I leave
The images that gave them form.

Dark rocks must menace from the shore,
And thunderheads grow large with rain;
Lightning must flash above the lake,
And I must mirror and pass on,
Onward and onward without end.

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Portret door Aleksander Kamiński, 1850

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Tevfik Fikret, Matthew Arnold, Stephenie Meyer”

Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Tevfik Fikret, Matthew Arnold, Stephenie Meyer

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

Morgen und Abend

Der Sonnenaufgang schimmert durch die Wolkendecken,
und gegenüber sinkt der Mond, löscht sein Gesicht.
Die Rose öffnet ihre Knospen, Schicht um Schicht,
und taugebeugte Veilchen woll’n sich lichtwärts strecken.

Das Bildnis Lauras will mich aus den Träumen wecken.
Ich knie vorm Fenster, als sie ihre Zöpfe flicht
und fragt: Warum, ach, leuchten eure Augen nicht,
woll’n sich mein Liebster, Veilchen und der Mond verstecken?

Zum Abend zeige ich ihr wieder meine Treue,
Der Mond kehrt wieder und die Veilchen blühn verborgen,
süß duftend, auch der Himmel rötet sich aufs Neue.

Doch ich steh dort vom Fenster mit den alten Sorgen,
seh’ wie sie sich herausputzt, und sich d’ran erfreue.
Nur ich knie ihr zu Füßen, traurig wie am Morgen.

 

Baktschi Sarai

Öd liegt das Schloß, wo ehedem die Khane prangen.
Kein Pascha wandelt heute durch den langen Flur.
Aus seidnem Sofathron flieht scheu die Kreatur;
Drin nisten Ungeziefer und ein Knäuel von Schlangen.

Schon Efeuranken durch die Fensternischen langen,;
durch feuchte Mauern und Gewölbe führt die Spur
und zeichnet, was ein jeden Menschenwerks Natur,
graviert Belsazars Menetekel ein: „Vergangen“

Dort in der Mitte rinnt noch aus den Marmorschalen
des Harems letzter Glanz und muß erblassen,
Weil Tränen eine Botschaft in die Wüste malen:

„Wo ist nun Liebe, Macht und Ehre, stolzes Prassen?
Muß man die Freude mit Vergänglichkeit bezahlen?
Warum bin ich allein, der Tränenquell, belassen?“

 

Vertaald door Dirk Strauch

 
Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)
Portret van Adam Mickiewicz bij de Judahu rots door Walenty Wańkowicz, 1828

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Angelika Schrobsdorff, Tevfik Fikret, Matthew Arnold, Stephenie Meyer”

Adam Mickiewicz, Ingo Baumgartner, Tevfik Fikret, Dominique Manotti, Matthew Arnold, Stephenie Meyer

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

 

Primel

Lerche zu des Frühlings Ruhme

Hat ihr Erstlingslied gesungen,

Blumenerstling Schlüsselblume

Hat sich goldnem Kelch entrungen.

Blümchen, bist zu früh gekommen!

Mitternacht haucht noch so kalt.

Hast den Schnee nicht wahrgenommen?

Feucht ist noch der Eichenwald.

Schließ die goldnen Äuglein wieder,

Birg dich in der Mutter Schoß,

Eh der Reif dir mitleidslos

Starren macht die zarten Glieder.

Unsre Tage Falterstage,

Morgen Leben, Mittag sterben.

Ganzem Herbst ich gern entsage,

Einen Lenztag zu erwerben.

Willst den Freunden Kränze bringen,

Oder der Geliebten dein?

Wirst aus meiner Blüt; ihn schlingen,

Soll´s der Kranz der Kränze sein.

Unterm Gras, in wildem Hain

Keimtest du, geliebte Blume,

Klein an Wuchs, an Glanze klein,

Darfst du späh´n nach solchem Ruhme?

Wo sind deiner Schönheit Pfänder,

Wo der Tulpe stolzer Bund?

Wo der Lilie Lichtgewänder,

Wo der Rose Brust so rund?

Will zum Kranze dich verflechten,

Doch woher so viel Vertaun?

Freunde und Geliebte, möchten

Sie auch huldvoll auf dich schaun?

Glaub´s, der Freund heißt mich willkommen,

Mich, des jungen Frühlings Engel,

Glanz nicht mag der Freundschaft frommen,

Schatten liebt sie wie mein Stengel.

Ob ich wert der Liebsten Hände,

Sag´s Marie, du himmlisch hehre!

Für der Erstlingsknospe Spende

Wird mir, ach! nur eine Zähre.

 

Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)

Buste in Weimar

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Ingo Baumgartner werd op 24 december 1944 in Oberndorf an der Salzach geboren. Zie ook alle tags voor Ingo Baumgärtner op dit blog.

 

Adventversuchung

Schnuppernasen wittern Gutes,

Ihre Träger rüsten sich.

Kleine Hände, ach, so tut es,

Nehmt von Keks und Bienenstich!

Mutter würde freilich rügen,

Teller wären raschest leer.

Christkind, darf ich etwas lügen,

Einmal nur, dann nimmermehr?

So verschwinden Herzen, Sterne,

Fein gezog’ner Zuckerguss,

Honigbrot und Mandelkerne

Marzipan und Haselnuss.

Christkind lächelt, kennt die Kinder,

Schließlich nascht es selber gern.

Doch auch Vater greift nicht minder

Häufig zu, wenn Mama fern.

 

Christbaumkugel

Der Kugel Ebenmaß, in Sonne, Erde, Mond

als Stern und Weltprinzip ins All gesetzt,

erfreut durch Harmonie, die Wölbung innewohnt.

Das Auge wird alleine durch die Form belohnt,

als Murmel und im Tau, der Blätter netzt.

Am Christbaum hängt sie neben Glocken, Ringen,

ein Glashauch, der dein Abbild wundersam verändert.

Sie spiegelt wachsgegossne Engelschwingen,

ein rotes Feuer zwischen all den Dingen,

erstrahlt in Seidenglanz und bunt gebändert.

Ein Kind verliert sich in Gedanken, sieht im Rund

sein Angesichtins Grün des Tannenzweigs gerückt.

Das Christkind öffnet mit dem goldnen Schlüsselbund

ein Notenbuch. Es klingt die frohe Weihnachtskund.

Die Sehnsuchtsreise in den Glitzerball beglückt.

 

 

Ingo Baumgartner (Oberndorf an der Salzach, 24 december 1944)

 

De Turkse dichterTevfik Fikret werd geboren op 24 december 1867 in Istanbul. Zie ook alle tags voor Tevfik Fikret op dit blog.

 

Mist (Fragment) (Vertaald door Sytske Sötemann)

Hoe volgzaam schijn je met je ogen van smachtend blauw

Voor hen die uit de verten jou nemen in ogenschouw!

Volgzaam, maar volgzaam als de meest verdorven wijven,

Gevoelloos voor al hun tranen die je overstromen blijven.

Een giftig verdoemd water als verhief zich een verradershand

Tegen je bouw, als was hij er bij je stichting reeds tegen gekant.

Steeds golft het vuil van de hypocrisie op je kleinste onderdelen,

Geen kruimeltje reinheid is er te vinden, geen daglicht te velen.

Altijd het vuil van de hypocrisie, van de jaloezie, van het eigenbelang;

Alleen dit… en alleen de hoop hiermee te stijgen: die eeuwige drang.

Hoeveel hoofden zullen schoon en glanzend tussen de lijken vandaan

Tevoorschijn komen, onder de miljoenen die bij jou ter ziele zijn gegaan?

     Ja, sluier je, o tragedie… Sluier je, o stad van de wereld;

     Ja, sluier je en slaap eeuwig,… o hoer van de wereld!…

O pracht, praal, glorie, triomftocht en parades;

Dodelijke torens, vestingpaleizen en kerkers;

O onwrikbaar graf van herinneringen, grootse tempel;

O trotse zuilen, elk een geketende reus en bestempeld

Tot het vertellen van het verleden aan komende tijden;

O grijnzende wallen, waarvan de tanden aan uitval lijden;

O koepels, o gebedsgebouwen, roemrijk in lengte van dagen,

O minaretten die de woorden van de waarheid dragen;

 

Tevfik Fikret (24 december 1867 – 19 augustus 1915)

 

De Franse schrijfster en historica Dominique Manotti werd geboren op 24 december 1942 in Parijs. Zie ook alle tags voor Dominique Manotti op dit blog.

 

Uit: L’Honorable société (Dominique Manotti et DOA)

« Dans la pénombre de sa chambre d’hôtel, Neal émerge difficilement d’un sommeil lour, plombé au whisky. Très mal au crâne. Un rai de soleil entre les rideaux. Regarde sa montre, bientôt quatorze heures. Souvenirs confus de ce qui s’est passé la veille. Début de beuverie dans les bureaux de Reuters. Et après ? Comment s’est-il retrouvé à son hôtel et dans son lit ? Il se traîne jusqu’à la douche, chaude, froide. Lendemain de cuite difficile à gérer, parce qu’il trimbale une énorme mauvaise conscience. Et qu’il n’a plus l’habitude. Il s’habille, en s’appliquant à chaque geste. Vaguement mal au coeur. »

 

Dominique Manotti (Parijs, 24 december 1942)

 

De Engelse dichter en cultuurcriticus Matthew Arnold werd geboren op 24 december 1822 in Laleham, Middlesex. Zie ook alle tags voor Matthew Arnold op dit blog.

The Good Shepherd With The Kid

He saves the sheep, the goats he doth not save._
So rang Tertullian’s sentence, on the side
Of that unpitying Phrygian Sect which cried:
‘Him can no fount of fresh forgiveness lave,

Who sins, once washed by the baptismal wave.’–
So spake the fierce Tertullian. But she sighed,
The infant Church! of love she felt the tide
Stream on her from her Lord’s yet recent grave.

And then she smiled; and in the Catacombs,
With eye suffused but heart inspired true,
On those walls subterranean, where she hid

Her head in ignominy, death, and tombs,
She her good Shepherd’s hasty image drew–
And on his shoulders, not a lamb, a kid.


Matthew Arnold (24 december 1822 – 15 april 1888)

 

De Amerikaanse schrijfster Stephenie Meyer werd geboren in Connecticut op 24 december 1973. Zie ook alle tags voor Stephenie Meyer op dit blog.

 

Uit: Twilight

“As we walked north across the multihued stones toward the driftwood seawall, the clouds finally closed ranks across the sky, causing the sea to darken and the temperature to drop. I shoved my hands deep into the pockets of my jacket.
“So you’re, what, sixteen?” I asked, trying not to look like an idiot as I fluttered my eyelids the way I’d seen girls do on TV.
“I just turned fifteen,” he confessed, flattered.
“Really?” My face was full of false surprise. “I would have thought you were older.”
“I’m tall for my age,” he explained.
“Do you come up to Forks much?” I asked archly, as if I was hoping for a yes. I sounded idiotic to myself. I was afraid he would turn on me with disgust and accuse me of my fraud, but he still seemed flattered.

“Not too much,” he admitted with a frown. “But when I get my car finished I can go up as much as I want—after I get my license,” he amended.
“Who was that other boy Lauren was talking to? He seemed a little old to be hanging out with us.” I purposefully lumped myself in with the youngsters, trying to make it clear that I preferred Jacob.
“That’s Sam—he’s nineteen,” he informed me.
“What was that he was saying about the doctor’s family?” I asked innocently.
“The Cullens? Oh, they’re not supposed to come onto the reservation.” He looked away, out toward James Island, as he confirmed what I’d thought I’d heard in Sam’s voice.”

 

Stephenie Meyer(Connecticut, 24 december 1973)

Adam Mickiewicz, Tevfik Fikret, Dominique Manotti, Matthew Arnold, Stephenie Meyer

De Poolse dichter Adam Mickiewicz werd geboren op 24 december 1798 in Zaosie, nabij Nowogródek. Zie ook alle tags voor Adam Mickiewicz op dit blog.

 

Chatir Dah

Trembling the Muslim comes to kiss the foot of your crags,
Mast on Crimea’s raft, towering Chatir Dah!
Minaret of the World! Mightiest Padishah Of Mountains!
From the plain Fugitive into the Clouds!

As great Gabriel once stood over portals of Eden,
You at Heaven’s Gate watch, wrapped in your forest cloak,
And, in turban of clouds with lightning flashes bespangled,
On your forehead you wear janissaries of dread.

Hot sun may roast our limbs, mountain mists blind our eyes,
Locusts may eat our grain, infidels burn our homes,
You, Chatir Dah, would still, unmindful of man’s fate,

Rise between earth and sky, Dragoman of Creation;
Far spreads the plain at your feet, home of men and of thunder,
But you can only hear what God to nature speaks.

Vertaald door John Saly

 

Mount Kikineis

Look, the abyss, the downward sky, the sea!
Bird-mountain, shot with thunder, furls below
feathers and wings, in curve beyond rainbow,
snow-sails and mast, immobile, vast, free;
and cloudlike over spacious limbo, covers
wide azure – oh, island-hemisphere in flight,
darkens a half-world with its own sad night.
Look, on its forehead ribbon flames and hovers!
Lightning! But stop here. At our feet, abysses,
ravines, thresholds we must at gallop span.
I leap; stand ready with whip and spur; stare
past rock escarpment where I vanish. This is
your sign: If white panache gleams, I am there;
if not, there is no path beyond for man.

 

Vertaald door Clark Mills

 

Adam Mickiewicz (24 december 1798 – 26 november 1855)

Portret door Józef Oleszkiewicz, 1828

Doorgaan met het lezen van “Adam Mickiewicz, Tevfik Fikret, Dominique Manotti, Matthew Arnold, Stephenie Meyer”

Matthew Arnold

 

De Engelse dichter en cultuurcriticus Matthew Arnold werd geboren op 24 december 1822 in Laleham, Middlesex. Hij bezocht vanaf 1837 de Rugby School en studeerde vervolgens aan de universiteit van Oxford. Met zijn vroege poëzie won hij een aantal prijzen. In Oxford was hij bevriend met de latere katholieke kardinaal John Henry Newman. Vroeg gaf hij blijk van zijn enthousiasme voor de Franse cultuur, vrij ongewoon voor een Brit deze tijd. Arnold studeerde in 1844 af. Vanaf 1847 was hij prive-secretaris van Lord Lansdowne, een invloedrijk politicus. 1851 Arnold trouwde met Frances Lucy Wightman, dochter van een rechter. Door de bemiddeling van Lansdowne in hetzelfde jaar kreeg hij een baan als een school-inspecteur. Uit hoofde van zijn beroep reisde Arnold in de daaropvolgende jaren veel, bezocht Frankrijk, Nederland, Zwitserland en Duitsland. In 1849 Matthew publiceerde Arnold zijn eerste dichtbundel, in 1852 volgde met “Empedocles on Etna,” de tweede bundel. Pas vanaf 1853 publiceerde hij poëzie onder zijn echte naamIn 1857 werd Arnold hoogleraar literatuur in zijn geliefde Oxford. Hij was een van de eerste die zijn colleges niet in het Latijn gaf. Uit zijn lezingen kwamen de boeken „On Translating Homer“ (1861, 1862) en „On the Study of Celtic Literature“ (1867) voort. Een belangrijke bijdrage aan een nieuwe vorm van culturele kritiek werden zijn werken „Essays in Criticism“ (1865) en „Culture and Anarchy“ (1869).

Dover Beach

The sea is calm tonight.
The tide is full, the moon lies fair
Upon the straits; on the French coast the light
Gleams and is gone; the cliffs of England stand,
Glimmering and vast, out in the tranquil bay.
Come to the window, sweet is the night-air!
Only, from the long line of spray
Where the sea meets the moon-blanched land,
Listen! you hear the grating roar
Of pebbles which the waves draw back, and fling,
At their return, up the high strand,
Begin, and cease, and then again begin,
With tremulous cadence slow, and bring
The eternal note of sadness in.

Sophocles long ago
Heard it on the Ægean, and it brought
Into his mind the turbid ebb and flow
Of human misery; we
Find also in the sound a thought,
Hearing it by this distant northern sea.

The Sea of Faith
Was once, too, at the full, and round earth’s shore
Lay like the folds of a bright girdle furled.
But now I only hear
Its melancholy, long, withdrawing roar,
Retreating, to the breath
Of the night-wind, down the vast edges drear
And naked shingles of the world.

Ah, love, let us be true
To one another! for the world, which seems
To lie before us like a land of dreams,
So various, so beautiful, so new,
Hath really neither joy, nor love, nor light,
Nor certitude, nor peace, nor help for pain;
And we are here as on a darkling plain
Swept with confused alarms of struggle and flight,
Where ignorant armies clash by night.

 


Matthew Arnold (24 december 1822 – 15 april 1888
)
Portret door George Frederick Watts, 1880