Peter Ghyssaert, J.R.R. Tolkien, Smith Henderson, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Jean Muno, John Gould Fletcher, Jacob Balde

De Vlaamse dichter Peter Ghyssaert werd geboren op 3 januari 1966 te Wilrijk. Zie ook alle tags voor Peter Ghyssaert op dit blog.

De spinnen

Sjaals van zilver zijn de webben
in de rododendrons waar de spinnen
ateliers en woonplaats hebben;
langs de uitgebloeide bollen
hangt het franje van hun werk;
als het warme waaien in
de holtes van een struik, zo is
het weven ingewikkeld voor
de domme prooien die hun lijf
en vleugels op de lijm beproeven,
huiverend de koudste
opperklem voorvoelend; zonder
één geluid verschijnt de spin,
het dodelijk geruis van een blad
stijgt op als een applausje uit
het muffe spookhuis van de struik;
de doden drogen hier in lichte
sarcofagen, blind gedaald
in voorraadkamers die naar schimmel
en voorbije zomers ruiken.

 

Het wonderkind

Van doden kende hij de naam,
hij noemde die en maakte hem opmerkzaam
op zijn bestaan.

Hij sprak soms uren met de grond.

Zijn ouders lazen hem uit sprookjesboeken voor.

Hij schreeuwde naar de maan, hij sloeg
zijn vuist stuk op de muur;
het hielp niets:

ze trokken met miljoenen handen
aan zijn naam.

 
Peter Ghyssaert (Wilrijk, 3 januari 1966)

Doorgaan met het lezen van “Peter Ghyssaert, J.R.R. Tolkien, Smith Henderson, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Jean Muno, John Gould Fletcher, Jacob Balde”

Peter Ghyssaert, J.R.R. Tolkien, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Jean Muno, Jacob Balde, John Gould Fletcher, Douglas Jerrold

De Vlaamse dichter Peter Ghyssaert werd geboren op 3 januari 1966 te Wilrijk. Zie ook alle tags voor Peter Ghyssaert op dit blog.

Rijm

De velden zijn vol rijm vanavond. Als ik nu
verdwaal wil ik jou tegenkomen
en je vragen naar de weg. Wat zou je klein
en stil zijn, vol gebaren en
onuitgesproken tekens. En je handen
koud, nerveus en nauwelijks te bedwingen.
Maar je stem, vader, je stem kan ik
me niet herinneren terwijl je onvermurwbaar
van me wegloopt en je witte haar zich oplost
in de avond als een stukgetrokken nest.

 

Reisnecessaire

Ik ken je niet, maar je bent mooi
een golf die op de stenen slaat
bezit je schoonheid niet, en de mist
van water ragfijn over velden
heeft niet dat onaanraakbare
jou eigen; je bent bijna
uit je gezicht afwezig, bijna
vertrokken uit de lijnen
van je voorouders gegeven,
maar voldoende nog aanwezig
om een droom in gang te zetten.
Ik ken je niet, maar je bent mooi;
met jou vertrekkend word ik mooi.

 
Peter Ghyssaert (Wilrijk, 3 januari 1966)

Doorgaan met het lezen van “Peter Ghyssaert, J.R.R. Tolkien, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Jean Muno, Jacob Balde, John Gould Fletcher, Douglas Jerrold”

Henry Handel Richardson, Xavier Orville, Jacob Balde, Wolf von Aichelburg, Elsa Asenijeff, John Gould Fletcher

De Australische schrijfster Henry Handel Richardson (eig. Ethel Florence) werd geboren op 3 januari 1870 in Melbourne. Zie ook alle tags voor Henry Handel Richardson op dit blog.

Uit:The Getting of Wisdom

“And Laura? … In Laura’s case, no kindly Atropos snipped the thread of her aspirations:these, large, vague, extemporary, one and all achieved fulfilment; then withered off to make room for more. But this, the future still securely hid from her She went out from school with the uncomfortable sense of being a square peg, which fitted into none of the round holes of her world; the wisdom she had got, the experience she was richer by, had, in the process of equipping her for life, merely seemed to disclose her unfitness. She could notthen know that, even for the squarest peg, the right hole may ultimately be found; seeming unfitness prove to be only another aspect of a peculiar and special fitness. But, of the after years, and what they brought her, it is not the purport of this little book to tell. It is enough to say: many a day came and went before she grasped that, oftentimes, just those mortals who feel cramped and unsure in the conduct of everyday life, will find themselves to rights, with astounding ease, in that freer, more spacious world where no practical considerations hamper, and where the creatures that inhabit dance to their tune: the world where are stored up men’s best thoughts, the hopes, and fancies; where the shadow is the substance, and the multitude of business pales before the dream.”

 
Henry Handel Richardson (3 januari 1870 – 20 maart 1946)
Henry Handel Richardson afdeling in het Chiltern Athenaeum Museum

Doorgaan met het lezen van “Henry Handel Richardson, Xavier Orville, Jacob Balde, Wolf von Aichelburg, Elsa Asenijeff, John Gould Fletcher”

Henry Handel Richardson, Xavier Orville, Jacob Balde, Wolf von Aichelburg, Elsa Asenijeff, John Gould Fletcher

De Australische schrijfster Henry Handel Richardson (eig. Ethel Florence) werd geboren op 3 januari 1870 in Melbourne. Zie ook alle tags voor Henry Handel Richardson op dit blog.

Uit: Australia Felix

“That had been the hardest job of any: keeping the party together. They had only been eight in all–a hand-to-mouth number for a deep wet hole. Then, one had died of dysentery, contracted from working constantly in water up to his middle; another had been nabbed in a manhunt and clapped into the “logs.” And finally, but a day or two back, the three men who completed the nightshift had deserted for a new “rush” to the Avoca. Now, his pal had gone, too. There was nothing left for him, Long Jim, to do, but to take his dish and turn fossicker; or even to aim no higher than washing over the tailings rejected by the fossicker.
At the thought his tears flowed anew. He cursed the day on which he had first set foot on Ballarat.
“It’s ‘ell for white men–‘ell, that’s what it is!”
“‘Ere, ‘ave another drink, matey, and fergit yer bloody troubles.”
His re-filled pannikin drained, he grew warmer round the heart; and sang the praises of his former life. He had been a lamplighter in the old country, and for many years had known no more arduous task than that of tramping round certain streets three times daily, ladder on shoulder, bitch at heel, to attend the little flames that helped to dispel the London dark.”

 
Henry Handel Richardson (3 januari 1870 – 20 maart 1946)
Cover

Doorgaan met het lezen van “Henry Handel Richardson, Xavier Orville, Jacob Balde, Wolf von Aichelburg, Elsa Asenijeff, John Gould Fletcher”

J.R.R. Tolkien, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Drieu la Rochelle, Xavier Orville, Jacob Balde

De Engelse schrijver J.R.R. Tolkien werd geboren op 3 januari 1892 in Bloemfontein, Zuid-Afrika. Zie ook alle tags voor J.R.R. Tolkien op dit blog.

 

Uit: The Lord of the Rings (The Hobbit)

“Not that Belladonna Took ever had any adventures after she became Mrs Bungo Baggins. Bungo, that was Bilbo’s father, built the most luxurious hobbit-hole for her (and partly with her money) that was to be found either under The Hill or over The Hill or across The Water, and there they remained to the end of their days. Still it is probable that Bilbo, her only son, although he looked and behaved exactly like a second edition of his solid and comfortable father, got something a bit queer in his make-up from the Took side, something that only waited for a chance to come out. The chance never arrived, until Bilbo Baggins was grown up, being about fifty years old or so, and living in the beautiful hobbit-hole built by his father, which I have just described for you, until he had in fact apparently settled down immovably.

 

Scene uit de film “The Hobbit” van Peter Jackson, 2012

 

By some curious chance one morning long ago in the quiet of the world, when there was less noise and more green, and the hobbits were still numerous and prosperous, and Bilbo Baggins was standing at his door after breakfast smoking an enormous long wooden pipe that reached nearly down to his woolly toes (neatly brushed)—Gandalf came by. Gandalf! If you had heard only a quarter of what I have heard about him, and I have only heard very little of all there is to hear, you would be prepared for any sort of remarkable tale. Tales and adventures sprouted up all over the place wherever he went, in the most extraordinary fashion. He had not been down that way under The Hill for ages and ages, not since his friend the Old Took died, in fact, and the hobbits had almost forgotten what he looked like. He had been away over The Hill and across The Water on businesses of his own since they were all small hobbit-boys and hobbit-girls.
All that the unsuspecting Bilbo saw that morning was an old man with a staff. He had a tall pointed blue hat, a long grey cloak, a silver scarf over which his long white beard hung down below his waist, and immense black boots”

 

J.R.R. Tolkien (3 januari 1892 – 2 september 1973)

Doorgaan met het lezen van “J.R.R. Tolkien, Marie Darrieussecq, Alex Wheatle, Cicero, Drieu la Rochelle, Xavier Orville, Jacob Balde”

Jacob Balde, Cicero, J.R.R. Tolkien

De Duitse dichter en schrijver Johann Jacob Balde S.J. werd geboren op 3 januari 1604 in Ensisheim in de Elzas. Zijn in het Neolatijn geschreven werken maaken van hem de „Duitse Horatius“, een titel die de dichter Sigmund von Birken hem verleende. In 1620 begon Balde aan de jezuïetenschool in Ensisheim een studie filosofie. Toen de Dertigjarige Oorlog in 1621 het bisdom Straatsburg bereikte vluchtte Balde naar Ingolstadt, waar hij filosofie en rechten studeerde. Van 1635 tot 1636 was hij professor voor rhetorica aan de gymnasia van München en Innsbruck, nadat hij in 1624 tot de orde van de Jezuïeten was toegetreden. In 1654 werd hij aan het hof van Pfalzgraf Philipp Wilhelm als biechtvader en predikant aangesteld in Neuburg an der Donau, waar hij in 1668 stierf.

 

Das Schachspiel

Warum schlagen wir noch Bücher und Blätter auf?
Alle Lehre Sokrats über die Nichtigkeit
Unsres Erdegedrängs lehret im Spiel uns hier
Ein mit Puppen besetztes Brett.

 

Siehst du, Freund, wie das Glück Würden und Ämter teilt?
Wie’s die Plätze bestimmt? Wie sie im Wechsel sind?
Freund, so spielen auch wir selber ein Spiel des Glücks,
Ungleich, aber im Ausgang gleich.

 

Mächtig steht ein Heer gegen das andere auf;
Hier Trojaner und hier tapferer Griechen Reih’n,
Stark mit Türmen verwacht. Mutige Ritter stehn
Bei den Türmen. Es schweigt das Heer.

 

Wartend schweiget das Feld: denn die Gebieter sind
Noch im Kampfe mit sich, sinnen Entwürfe. Furcht
Und die Ehre gebeut. Jetzo beginnt die Schlacht.
Arme Bauern, in euren Reih’n.

 

Schau, sie fallen dahin. Siehe, mit ihrem Blut
Wird der Lorbeer erkauft. Ihre Gefilde mäht,
Ihre Hütte beraubt jeder der Streitenden:
Sie nur haben die Schuld verübt.

 

Doch wer springet hervor? Listiger Springer, du ?
Aus der Mitte des Heers, über die Köpfe der
Kämpfer? Willst du zurück, Parther! Es hüte sïch
Vor dir Schwarzem das ganze Feld.

 

Und doch wünschet sich auch keiner den Tod von dir,
Narr und Läufer! Du hast eine beträchtliche
Zunft in unserer Welt; Narren und Läufern stehn
Häuser offen und Hof und Zelt.

 

Sieh, die Königin regt als Amazone sich,
Geht, wie ihr es beliebt; Damen ist viel erlaubt.
Vor ihr weichet hinweg Ritter und Elephant,
Bauer, Porus und Hannibal.

 

Alles weichet der Macht weiblicher Krieger, die
Viel begehren und viel wagen; sie kennen nicht
Das Zuviele. Die jetzt ihren Gemahl beschützt
Ist’s, die jetzo den Herrn verrät.

 

Schach dem Könige! Tritt, höchster Gebieter, selbst
Von dem Platze der Ruh! Traue die Majestät
Nicht Beamten allein, nicht der Gemahlin an!
Aber leider, es ist zu spät.

 

Schach dem Könige, Schach! – Siehe, geendet sind
Unsre Züge; du siehst Ritter und Bauer jetzt,
König, Springer und Narr hier in der Büchse Grab
Durch- und übereinander ruhn.

 

Also gehet die Welt: Liktor und Konsul geht
In die Büchse, der Held und der Besiegte.
Du vollführe dein Amt; spiele des Lebens Spiel,
Das ein Höherer durch dich spielt.

                                                                              

 

Vertaald door Johann Gottfried Herder

 

Jakob_Balde

Jacob Balde (3 januari 1604 – 9 augustus 1668)

 

De Romeinse schrijver, redenaar, politicus, advocaat en filosoof Marcus Tullius Cicero werd geboren in Arpinum op 3 januari 106 v. Chr. Zie ook mijn blog van 3 januari 2007.

Uit: De Amicitia

Wanneer ik zeer vaak nadenk over de vriendschap, schijnt het me gewoonlijk toe dat vooral dat moet overwogen worden of omwille van zwakheid en onvermogen vriendschap een streefdoel is om door het geven en nemen van verdiensten, datgene te ontvangen waartoe men zelf minder in staat is en dat men op zijn beurt geeft, dan wel of er niet een andere reden, ouder en mooier, bestaat meer eigen aan de natuur [van vriendschap] zelf. Genegenheid immers, waarnaar vriendschap genoemd is, is essentieel om welwillendheid samen te brengen. Want voordelen worden weliswaar vaak door hen, die onder het voorwendsel van vriendschap vereerd en hooggeacht worden, zolang het nodig is. In vriendschap is niets vals, niets geveinsd, want wat er ook is, het is echt en op vrijwillige basis.
Daarom lijkt vriendschap mij eerder ontstaan uit de natuur dan wel uit een tekort, meer uit een verlangen om zich geestelijk te binden met een zekere behoefte om te beminnen dan wel uit de gedachte hoeveel voordeel die relatie zal hebben. Van welke aard die band is, kan men zelfs bij bepaalde dieren opmerken, die vanuit zichzelf hun jongen zo beminnen, zolang het nodig is, en door hen zo bemind worden, zodat de affectie bij hen gemakkelijk te zien zou zijn. Dit gevoel is veel vanzelfsprekender bij de mensen, ten eerste uit deze bezorgdheid, die er tussen kinderen en ouders is, die niet gebroken kan worden tenzij door een afschuwelijke misdaad, vervolgens wanneer een gelijkaardig gevoel van genegenheid ontstaat, als we iemand ontmoet hebben, met wie we overeenkomen in levenswijze en karakter, omdat we in deze een licht van eerlijkheid en deugd schijnen te bemerken.”

cicero_

Cicero (3 januari 106 v. Chr. –  7 december 43 v. Chr.)

 

De Engelse schrijver J.R.R. Tolkien werd geboren op 3 januari 1892 in Bloemfontein, Zuid-Afrika. Zie ook mijn blog van 3 januari 2007.

Uit: The Hobbit

“In a hole in the ground there lived a hobbit. Not a nasty, dirty, wet hole, filled with the ends of worms and an oozy smell, nor yet a dry, bare, sandy hole with nothing in it to sit down on or to eat: it was a hobbit-hole, and that means comfort.

It had a perfectly round door like a porthole, painted green, with a shiny yellow brass knob in the exact middle. The door opened on to a tube-shaped hall like a tunnel: a very comfortable tunnel without smoke, with panelled walls, and floors tiled and carpeted, provided with polished chairs, and lots and lots of pegs for hats and coats—the hobbit was fond of visitors. The tunnel wound on and on, going fairly but not quite straight into the side of the hill—The Hill, as all the people for many miles round called it—and many little round doors opened out of it, first on one side and then on another. No going upstairs for the hobbit: bedrooms, bathrooms, cellars, pantries (lots of these), wardrobes (he had whole rooms devoted to clothes), kitchens, dining-rooms, all were on the same floor, and indeed on the same passage. The best rooms were all on the left-hand side (going in), for these were the only ones to have windows, deep-set round windows looking over his garden, and meadows beyond, sloping down to the river.

jrr-tolkien

J.R.R. Tolkien (3 januari 1892 – 2 september 1973)