The Country of Marriage (Wendell Berry), Ingmar Heytze, Elisabeth Eybers, Anil Ramdas

Dolce far niente – Bij een huwelijksverjaardag

 

 
Soul Mates door Gloria E Barreto-Rodriguez, 2009

 

The Country of Marriage

I.
I dream of you walking at night along the streams
of the country of my birth, warm blooms and the nightsongs
of birds opening around you as you walk.
You are holding in your body the dark seed of my sleep.

II.
This comes after silence. Was it something I said
that bound me to you, some mere promise
or, worse, the fear of loneliness and death?
A man lost in the woods in the dark, I stood
still and said nothing. And then there rose in me,
like the earth’s empowering brew rising
in root and branch, the words of a dream of you
I did not know I had dreamed. I was a wanderer
who feels the solace of his native land
under his feet again and moving in his blood.
I went on, blind and faithful. Where I stepped
my track was there to steady me. It was no abyss
that lay before me, but only the level ground.

III.
Sometimes our life reminds me
of a forest in which there is a graceful clearing
and in that opening a house,
an orchard and garden,
comfortable shades, and flowers
red and yellow in the sun, a pattern
made in the light for the light to return to.
The forest is mostly dark, its ways
to be made anew day after day, the dark
richer than the light and more blessed,
provided we stay brave
enough to keep on going in.

IV.
How many times have I come to you out of my head
with joy, if ever a man was,
for to approach you I have given up the light
and all directions. I come to you
lost, wholly trusting as a man who goes
into the forest unarmed. It is as though I descend
slowly earthward out of the air. I rest in peace
in you, when I arrive at last.

V.
Our bond is no little economy based on the exchange
of my love and work for yours, so much for so much
of an expendable fund. We don’t know what its limits are–
that puts us in the dark. We are more together
than we know, how else could we keep on discovering
we are more together than we thought?
You are the known way leading always to the unknown,
and you are the known place to which the unknown is always
leading me back. More blessed in you than I know,
I possess nothing worthy to give you, nothing
not belittled by my saying that I possess it.
Even an hour of love is a moral predicament, a blessing
a man may be hard up to be worthy of. He can only
accept it, as a plant accepts from all the bounty of the light
enough to live, and then accepts the dark,
passing unencumbered back to the earth, as I
have fallen tine and again from the great strength
of my desire, helpless, into your arms.

VI.
What I am learning to give you is my death
to set you free of me, and me from myself
into the dark and the new light. Like the water
of a deep stream, love is always too much. We
did not make it. Though we drink till we burst
we cannot have it all, or want it all.
In its abundance it survives our thirst.
In the evening we come down to the shore
to drink our fill, and sleep, while it
flows through the regions of the dark.
It does not hold us, except we keep returning
to its rich waters thirsty. We enter,
willing to die, into the commonwealth of its joy.

VII.
I give you what is unbounded, passing from dark to dark,
containing darkness: a night of rain, an early morning.
I give you the life I have let live for the love of you:
a clump of orange-blooming weeds beside the road,
the young orchard waiting in the snow, our own life
that we have planted in the ground, as I
have planted mine in you. I give you my love for all
beautiful and honest women that you gather to yourself
again and again, and satisfy–and this poem,
no more mine than any man’s who has loved a woman.

 

 
Wendell Berry (Henry County, 5 augustus 1934)
Henry County Courthouse in New Castle, Kentucky

 

De Nederlandse schrijver en dichter Ingmar Heytze werd geboren op 16 februari 1970 in Utrecht. Zie ook alle tags voor Ingmar Heytze op dit blog.

Lezen

Mijn boeken zijn meer
dan gebundeld papier
zoveel meer
dan een paar glazen inkt
op dood hout

het zijn stemmen
die nimmer
de stilte doorbreken

ruisende werelden,
plaatsen van rust

het zijn bomen
die weer zijn begonnen
te spreken

 

Testpiloot

Het tragische aan ruimtereizen
is dat je nergens komt; een baan
om de aarde, een vlag op de maan.
Aan bestemmingen geen gebrek,

het is alleen zo groot en leeg dat
groot en leeg de woorden niet meer
zijn. Je reist te traag, je leeft te kort,
je bent van stof en niet van licht.

Toch zit ze naast me op de bank,
ze zoekt een man van buiten
met een auto of een brommer,
iedereen hierbinnen is gek.

Ze was op weg, er waren stemmen,
vals en echt, de stad en andere drugs,
ze stak het huis in brand omdat ze
honger had. Ze werd gebruikt

als testpiloot. Het contact met
de basis is verloren, ze reist verder
door behandelkamers, heerlijk nieuwe
werelden, haldol, fluanxol,clozapine.

 

Nocturne

De sterren zijn met veel, vanavond.
Grote ogen in de nacht:
een meisje zwiert haar rok tot bloemen
op een dansfeest aan de gracht.

Een jongen wankelt door de stad.
Zijn benen slepen uit de maat.
De stoep ligt slordig langs de straat.
Hij heeft zijn flessen leeggedacht.

Hij is zijn mooiste woorden kwijt
en niemand die zijn pijn begrijpt;
zij danst met sterren in het haar
en hij – een slechte goochelaar
die stram naar vallend herfstblad grijpt
en briefjes post aan de oneindigheid.

 
Ingmar Heytze (Utrecht, 16 februari 1970)

 

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook alle tags voor Elisabeth Eybers op dit blog.

Meisie

Nou is sy dronk en pronkerig,
’n kelk wat om die stamper gloei,
angsvallig voor die wind wegwiel,
verwelkbaar na die son toe keer.

Sy moet nog regop word en dig,
’n boom wat vérgewortel groei,
vir haar behoefte aan klorofiel
én lug én aarde visenteer.

 

Girl

She is an incandescent cup
tilting its pistil dizzily,
wheeling before the wind and still
turning its petals to the glare.

She must contrast and straighten up,
a rooted and far-reaching tree
that for its store of chlorophyll
investigates both earth and air.

 

Nolensvolens

Südafrika, als ich dich verlassen mußte,
nicht deiner Dummheit, sondern eignen Schmerzes wegen
– mit einem Tonfall, der das Land meiner Herkunft verrät –
wußte ich noch nicht, daß ich auch als Gast gelten würde
auf dieser Party, wo sie dich traktieren
mit amtlichem, monomanem Haß.

 

Vertaald door Arno Piechorowski

 

 
Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)
Impressies van Klerksdorp

 

De Surinaams-Nederlandse schrijver, columnist, essayist, programmamaker en presentator Anil Ramdas werd geboren in Paramaribo op 16 februari 1958. Zie ook alle tags voor Anil Randas op dit blog.

Uit: Badal

“Een paar weken later had hij het paar weer gezien, in dezelfde bus, in de andere richting. Ze zaten op een tweezits bank en hielden elkaars hand vast. S. belde. Badal had eerder op de dag zijn telefoon weer aangezet en zonder te kijken alle berichten met gemiste oproepen gewist. Bij een nieuw begin hoorden geen oude telefoontjes. Waar ben je in godsnaam en waarom was je telefoon al die tijd uitgeschakeld?’ vroeg S. ‘Ik ben in een Italiaans restaurant met een dove Turk. Hij heeft agliolio voor me gemaakt die nergens naar smaakt.’ `En waar is dat restaurant?’ ‘In Zandvoort.’ Waarom in Zandvoort?’ `Omdat hier alleen white trash woont.’ Dat was niet zomaar een waarneming, hij baseerde het op een mathematische theorie. Zwarte mensen hadden geen hond. Enkele creoolse jongens in de Bijlmer daargelaten – die liepen met een pitbull rond om de mensen banger te maken dan zijzelf voor de mensen waren. Blanke mensen uit de middenklasse die wel een hond hadden, lieten hun huisdieren netjes uit in parken waar ze niet aan de lijn hoefden. Een hondenplee, of een losloopgebied, zoals het officieel heette. Of ze ruimden de uitwerpselen keurig op met een zakje. Wie met een hondenpoepzakje of gewoon een boterhamzakje om de hand liep, gaf zijn maatschappelijke status weer. Mensen met tatoeages of een verwaarloosd gebit, mensen die ‘Een beetje verliefd’ van André Hazes meezongen, mensen die op de broodjesafdeling van de Hema in Zandvoort werkten, waardoor je lang op je bestelling moest wachten, mensen die eruitzagen alsof ze hun avonden halfdronken doorkwamen met sas 6 op de flatscreen tv die nog moest worden afbetaald, die mensen lieten hun hond overal uit, vooral op trottoirs met een versmalling, waardoor je er alleen als verspringer overheen kon. In Zandvoort waren er op alle trottoirs hoopjes poep, ondanks de gemeentelijke stoeptegels met een overduidelijke tekening en de overduidelijke tekst ‘Honden in de Goot’. Ergo: hier woonde white trash. Dit kale, neonverlichte restaurant met kunsthouten tafels en sportverslagen op de achtergrond was voor die white trash bedoeld. Hij liet de agliolio staan om zich te concentreren op het telefoongesprek. `Sinds wanneer geef je zo om white trash,’ vroeg S. `Sinds de laatste weken. Kijk, er is veel onderzoek gedaan naar allochtonen, vooral naar Marokkanen. Blanken worden neergezet als slachtoffers die hun mooie arbeidersbuurten in verval zien raken door toedoen van allochtonen. Maar naar white trash wordt niet gekeken.’ ‘En jij gaat naar ze kijken.’ `Het is onontgonnen terrein zeg ik je, een goudmijn.’ `Harry,’ zei ze rustig, ‘waar ben je morgenmiddag, rond twee uur? Geef me een adres.’
Ze droeg een donkerblauwe rok en een rode bloes. Hij had zich gewassen, geschoren en gekamd. Zijn grijze hemd was schoon, maar zijn zwarte broek was aan een wasbeurt toe. Op zwart zie je geen vlekken, zei hij altijd. Op het verwarmde terras legde ze haar tas op een lege stoel, schikte haar haar en bestelde een cappuccino. Hij bestelde een 7-Up. Ze keek naar hem, en toen naar haar horloge. ‘Ik ben gestopt,’ zei hij. Hij keek nonchalant naar de voorbijgangers.”


Anil Ramdas (16 februari 1958 – 16 februari 2012)

 

Zie voor meer schrijvers van de 16e februari ook mijn blog van 16 februari 2018 en ook mijn blog van 16 februari 2016 en ook mijn blog van 16 februari 2015 en eveneens mijn blog van 16 februari 2013 deel 1 en deel 2 en eveneens deel 3.

Ingmar Heytze, Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Iain Banks, Alfred Kolleritsch, Aharon Appelfeld, Iris Kammerer, Annie van Gansewinkel, Richard Ford

De Nederlandse schrijver en dichter Ingmar Heytze werd geboren op 16 februari 1970 in Utrecht. Zie ook alle tags voor Ingmar Heytze op dit blog.

 Rietveldzit

Ken je het gevoel dat je gaat zitten
op een stoel die er niet staat

de sensatie dat iets plotseling niet is
waar je het zonder twiijfel had verwacht,
een onzichtbare duw van voren.

Verbaasde berichten naar alle spieren:
Mayday! Mayday! We zweven! We vallen!
Uitklapreflex van beide armen.

Daarom zit de Rietveldstoel zoals hij zit,
zo laag en blauw en rood en goed,

als om er op te wijzen dat men af en toe
eens moet gaan zitten op een stoel
die er niet staat.

 

Denim Blues

Spijkerbroeken vol met meisjes
zweven wiegend door de wereld.
Als de meisjes zijn gaan slapen
– meisjes slapen zacht en rond-
droomt de stof een blauwdruk
van hun billen op de grond.
Was mijn huid van sterk katoen
met platte spijkers in de heupen
en vijf knopen aan het kruis,
dan mochten ze me altijd aan:
niemand zou zo lekker zitten,
niemand zou ze beter staan.

 

Hypochonder

Sinds de dag dat ik uit de hemel
kwam gevallen op mijn achterhoofd,
gaat het niet goed. Mijn bloedbaan
regent in mijn trommelvliezen.
In mijn slaap dansen mijn armen
en benen tegen elkaar in.

Hier staat gelukkig veel tegenover.
Ik bezorg met regelmaat volle bushokjes
de zenuwen door grijnzend mijn hart
omhoog te houden voordat ik het
met zuigend geluid terugstop
in mijn hersenpan. Af en toe lach ik
met tanden van kaas.

Steeds vaker daagt het luxe besef
dat een mens zijn leven voor zich heeft
om het ademen af te leren.

 
Ingmar Heytze (Utrecht, 16 februari 1970)

Doorgaan met het lezen van “Ingmar Heytze, Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Iain Banks, Alfred Kolleritsch, Aharon Appelfeld, Iris Kammerer, Annie van Gansewinkel, Richard Ford”

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Alfred Kolleritsch, Aharon Appelfeld

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook alle tags voor Elisabeth Eybers op dit blog.

Versinsels

Versinsels is eerstens ’n soort van bedryf
om dingen wat onderling klop op te skryf,
die gees te verhef bo die lydsame lyf:

verzinsels wil graag hul uiterste doen
om liggaam en siel met mekaar te versoen,

nie soseer om die werklikheid te onthul
as om sy tekortkoming aan te vul.

Wat van voortgezette verzinsels nou?
Hoe lank kan jy hulle nog blindelings vertrou
om jou dag na dag op die been te hou?

 

Sterwende

Nou knal die walle van die tyd
voor aantog van die ewigheid
 
en styg die gistende gety
die laaste bakenpen verby.
 
Sy neusvleuels swoeg, nog ongewend
aan hierdie strawwe element,
 
sy oordrom dreun van die rumoer
wat fondamente ruk en roer,
 
sy netvlies krimp, deur slierte lig
geklief. Sy vleeslose gesig
 
is blink gebeitel en geskaaf
tot sidderende seismograaf.

 

Verwyt
 
Woorde wil àl wat uit die duister wel
in hul spitsvondige patroon saamknel.
 
Die flikkering van aksiomas dring
soos angs-oë deur die nag wat ons omring.
 
Woorde wil die Verborgenheid laat swig
voor hul misleidende moerasgaslig.
 
‘Hier is die Wondermiddel wat nooit faal!
Hier is die Waarheid, binne perk en paal!’
 
Kwaksalwerkrete en kermismusiek
laat jou terugkrimp, eensaam en twyfelsiek.
 
Maar ná ’n week in die woestyn – wat bly
nog oor van jou onkreukbaarheid, as jy
 
dit opgesom en vereenvoudig het
tot ’n klein, selfgenoegsame sonnet?

 
Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)
In 1979

Doorgaan met het lezen van “Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Alfred Kolleritsch, Aharon Appelfeld”

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook alle tags voor Elisabeth Eybers op dit blog.

Terugblik

Moeder, my eerste sekerte was jy,
gedugter as die voorbestemmingsleer;
diè slotsom was my soetste kettery,
dat aardse liefde ewige onheil weer.
 
Hoe moes ek snags, soms tot beswymens bang,
my uit die stikgreep van die Bose red,
verkluim, kaalvoet oor kwaste van die gang
voortstrompel na die vrystad van jou bed.
 
Jy het die vroegste flits van agterdog
op die gehurkte garingbuik, Calvyn,
wat waghou oor sy wrede web, laat skyn;
my douvoordag op ’n verkenningstog
geloods – bestem tot jou verdriet, maar steeds
erfkind van jou week hart en wakker gees.

 

Job
 
’n Potskerf het die paadjies van die juk
geduldig opgespoor, die etterdruip
het droog geword, die tentatiewe tik
teen rowe laat die huid wellustig kruip.
 
As Gods hand alles uitwis bly die tyd
nog onvernietigbaar. Die ganse dag
was dus tot sy beskikking om die vlyt
van brommers in die vuilgoed te betrag
 
– aandagtig asemend, terwyl die stank
en sonsteek hul beswering om hom rank.
Toe al die yweraars ondergronds verdwyn
het hy sy bak sorgvuldig skoon gelek,
sy mantelflenters oor sy kop getrek
en ingekrimp tot ’n klein pit van pyn.

 

Verjaardag
 
Twaalf jaar. Gespanne vóór die donker sprong,
jou klapperdop ’n korf wat gons van vrae,
astrant, seepbekkig soos ’n groenteklong,
jou moeder daeliks trotser, meer verslae.
 
Vanmôre dink ek weer aan die verhaal
van daardie vindingryke, vroegwys Knaap,
aan háár wat drie dae lank moes radeloos dwaal
terwyl die tempelgangers hul vergaap.
 
Hoe ver kan ek jou vergesel? Jou oë
is newelig en wimperswaar gedroom
van ruimtereise, radar en atoom…
Klein Ikaros, by voorbaat reeds bedroë,
weeg jy my wankel woorde, kyk my aan,
meewarig oor sovéél wat ‘k nie verstaan.

 
Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)
Als jonge studente  in Johannesburg

Doorgaan met het lezen van “Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch”

Dolce far niente (Charles Simic), Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze

Dolce far niente (Bij een huwelijksjubileum)

 

 
De ouderdom door Eduard Adrian Dussek, z.j.

 

Old Couple

They’re waiting to be murdered,  
Or evicted. Soon
They expect to have nothing to eat.  
In the meantime, they sit.

A violent pain is coming, they think.
It will start in the heart
And climb into the mouth.
They’ll be carried off in stretchers, howling.

Tonight they watch the window  
Without exchanging a word.  
It has rained, and now it looks  
Like it’s going to snow a little.

I see him get up to lower the shades.  
If their window stays dark,
I know his hand has reached hers
Just as she was about to turn on the lights.

 

 
Charles Simic (Belgrado, 9 mei 1938)

Doorgaan met het lezen van “Dolce far niente (Charles Simic), Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze”

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook alle tags voor Elisabeth Eybers op dit blog.

 

Vriesweer

Net by die krom brug bly die water swart

maar verder sloot af flikker alles hard.

Die mooi bont eende buig en duik en trap

binne die skuiling van die brug se kap.

’n Wye seemeeu, misties wit en grys,

dryf nader, aarsel, land dan op die ys

en word ’n uitverkore voël wat droog,

steltpotig afkyk uit sy ronde oog.

Terwyl sy maters saam eerbiedig kakel

oor aanbreek van ’n tydvak van mirakel

verlaat ’n Petrus-eend die donker boog

en krabbel, voor hy terugplons, lomp omhoog.

 

Voetjie vir voetjie

Voetjie vir voetjie word mens immigrant…
Toevallig uit, toevallig tuis, gestrand
op hierdie teennatuurlike terras
sonder om ooit onloenbaar aan te land.

 

Ter sake

Die eerste (ná ontswagtling)

wat Lasarus nodig het

om die wonderkuur te keur

is ’n nuwe alfabet

Half-tuis nog in die grotland

waaruit ek tastend keer

moet ek van jou ’n huistaal

vir hierdie lewe leer.

Jy sal die dinge opnoem,

die pasmuntname sê

en wat op die punt van jou tong is

my tussen die lippe lê.

 

Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)

Doorgaan met het lezen van “Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch”

In Memoriam Anil Ramdas

In Memoriam Anil Ramdas

De Nederlandse schrijver, journalist en programmamaker Anil Ramdas is gisteren op zijn verjaardag op 54-jarige leeftijd overleden. Anil Ramdas werd geboren in Paramaribo op 16 februari 1958. Zie ook alle tags voor Anil Randas op dit blog. Schokkend nieuws zo kort na het memoreren van zijn geboortedag.

Uit: Badal

„Eén keer had hij de aanvechting gehad naar huis terug te keren. Hij was sober, dat wilde hij ze bewijzen. Op het perron aarzelde hij bij de kaartautomaat, toen hij een doffe klap achter zich hoorde. Een grote jongen met een zware bril en aankomend baardje lag languit op de grond. De twee jongens die hem vergezelden keken hem aan, en keken daarna naar de omgeving, alsof ze niet echt bij elkaar hoorden, of alsof ze hulp zochten maar niemand zagen.
Schuin naast Badal stond een Engelssprekend stel van in de dertig, hij blank, zij zwart. Hij had de neiging zwarte mensen op te merken. Tot nu toe was hij maar één zwarte jongen tegengekomen in Zandvoort, in een rolstoel. Een gehandicapte zwarte; als het allemaal figuranten waren, was het goed gevonden. En nu dus deze mooie zwarte vrouw, met de Engelse man die niet reageerde op de jongen op de grond. Dat de zwarte vrouw ook niet reageerde viel hem niet op. Blanken horen blanken te helpen.
Aarzelend liep Badal naar de jongen op de grond en vroeg, eerst in krakkemikkig Duits en daarna gewoon in Engels, of er iets was. Hij haalde zijn mobiele telefoon al uit zijn zak toen de jongen zijn zware bril goed op zijn neus zette en riep: ‘No, no, everything okay, everything is okay.’
‘Are you sure?’ vroeg Badal.
‘Yes, yes, sure.’
Badal liep terug naar de kaartautomaat en bleef het tafereel in de gaten houden. Pas toen de jongen overeind krabbelde en wankelend de hoge stenen trappen naar de stationsuitgang op wilde, greep de Engelsman in: ‘Doe dat maar niet,’ zei hij in het Duits. De jongen liet zich zakken op de eerste trede.
‘Hebben jullie iets zoets bij je,’ vroeg hij aan de twee vrienden, die nog altijd verdwaasd keken. Nee, niets zoets.
‘Ga naar boven en haal iets uit een automaat, chocola, of ijs, geeft niet wat.’
De Engelsman liep terug naar zijn vriendin en zei: ‘Die halfgare jongeren, komen uit Duitsland om zich hier suf te blowen en om te vallen.’
Blowen, dacht Badal, als hij niet meer dronk kon hij toch wel blowen? De gedachte maakte dat hij de kaartautomaat met rust liet en naar boven ging: Badal, jij bent nog lang niet hersteld.“

Anil Ramdas (16 februari 1958 – 16 februari 2012)

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook alle tags voor Elisabeth Eybers op dit blog.

Opsomming

Tot dusver kom dit eenvoudig hierop neer:
jy het verduur wat jy geprogrammeer
was om vanaf die aanvang te deurstaan
en benader nou die einde van jou baan.
’n Skroothoop nietighede skep ballas,
daarmee sou jy ’n hele koffer vol
kon stop om sonder omkyk te verkas,
met rym – indien moontlik – steeds in ’n verfraaiende rol.

 

Poet as Housewife

Always a broom leaned against a wall,
meals never on time, if they come at all.
Days without dates through which she moves
empty and stubborn, slightly confused.
Ironing hung dejectedly over a chair,
gestures that come from who-knows-where.
Old letters unanswered, piled together,
papers and pills stuffed deep in a drawer.
Thankful to be part of your heart’s great whole
yet devoted to the limits of her own small skull.
O orderly biped, take heed,
leave her alone—let her read.
Vertaald door Jacquelyn Pope

 

The prayer of stiffening souls

Make us immortal for one single hour,
grant us the folly of one mindless deed!
The eye that for no lasting goal would scour
but, feverish and wide, would only heed
what’s caught in a pale face – the instant’s flare –
not mourning for the ashes when it’s spent,
a scream that hangs there in the listless air
like blood-red rose held in a haze of scent!
Our hearts have never been so still, so bare…
The darkness like a wall begins to tower,
dividing us from life-and-death, and there
we talk of it as late-night hours recede…
Make us immortal for one single hour,
grant us the folly of one mindless deed!

 

Vertaald door John Irons

Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)

Buste door Elsa Dziomba, 1944

Doorgaan met het lezen van “Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer, Alfred Kolleritsch”

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook mijn blog van 16 februari 2007 en mijn blog van 4 december 2007  en ook mijn blog van 16 februari 2008. en ook mijn blog van 16 februari 2009 en ook mijn blog van 16 februari 2010.

 

Trapsgewijs

 

Jou eerste en onontbeerlikste taak

was om, desgewens, kompromieë te maak.


Elke volgende opdrag het méér absoluut

geklink, onweerlegbaarder dan ’n statuut.

 

Geen gebeurlikheid daag nou behalwe die een

waarby niemand jou vra om konsent te verleen.

 

Intussen ’n voordeel, verassend wyl nuut:

hoe reddeloser die kluts jou versaak

des te minder hoef jy teen verwarring te waak.

 

 

Aanpassing

 

Dat iemand wat vroeër bereikbaar was

geen tyd meer het vir jou

is ’n feit wat heel begryplik pas

by hoe die soort sake ontvou:

as ek jy was, sou ek eerder besef

dis dom om iets wat ’n ander verkies

deur jou klag tot ’n treurspel te verhef

vol reddelose verlies.

 

 

Individualis 

 

De mensen sterven en zijn niet

Gelukkig wapper naas die deur

van die skoenmaker op die hoek:

muurskildering van ’s amateur

in gangbare heelalverdriet.

Die hobbelrige kinderskrif

pryk maandelank: geen verfkwas waag

om vonnis van ’s nihilis

vol dampige ontnugteringsdrif

of neo-transendentale angs

met ruse hale weg te vaag.

Hoewel nog nooit opvallend kloek

wandel ek weer vandag daarlangs

en ondiepsinnig vergewis

ek my dat ‘k leef en selfs, danksy

jy-weet-wat, stomgelukkig, bly.

 

 

Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)

Portret door Marni Spencer-Devlin

 

 

Doorgaan met het lezen van “Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer”

Elisabeth Eybers, Anil Ramdas, Ingmar Heytze, Iain Banks, Iris Kammerer

De Zuidafrikaanse dichteres Elisabeth Eybers werd geboren op 16 februari 1915 in Klerksdorp. Zie ook mijn blog van 16 februari 2007 en mijn blog van 4 december 2007  en ook mijn blog van 16 februari 2008. en ook mijn blog van 16 februari 2009.

 

Somer

 

Vanjaar het ek somer aanskou,

hoe dit laag na laag ope vou

in onryp glimmerende groen,

so uitbundig soos plofstof dit doen,

deur matigheid ongemoeid.

Na dit ’n rukkie gegroei’t

het dit behoedsaam vervaag

tot ’n sediger tint, iets bedaag:

sy enigste oogmerk oorlewing,

in plaas van vergelding vergewing

 

Dis waar, vlak by, voelbaar, bestaan

’n soort drang om op vlug te slaan

en my oë beoog reeds ontrou,

tog, hoekom in hemelsnaam sou

ek nie reken op somer vanjaar?

 

 

Renterekening

 

Omdat ‘k versuim het om jou weer te sien

groet ek jou elke dag in fantasie:

erkende gemeenskaplikheid en nie

minder of meer as wat ’n mens verdien,

die enigste manier om (onervare

in vrolik meedoen) wins te maak deur jare.

 

 

Voleindiging

 

Verworwe voleindiging wek ’n nuwe gemis

met gevolg dat die lewe nooit kant en klaar afgerond is,

soms hunker jy terug na ’n skerper besef van tekort

vertroud uit die byna vergete tydperk van word.

 

Solank jy nog sekere spierweefsels kan beweeg

wil iets, in omsigtige terme kunstig verklee,

getuig van doelmatigheid, doen dus krampagtig mee:

afsluiting word in die reël sonder opset gepleeg.

 

Eybers

Elisabeth Eybers (16 februari 1915 – 1 december 2007)
V.l.n.r.: A. Roland Holst, Elisabeth Eybers, Aty en Jan Greshoff, Kaapstad, oktober 1946.

 

De Surinaams-Nederlandse schrijver,columnist, essayist, programmamaker en presentator Anil Ramdas  werd geboren in Paramaribo op 16 februari 1958. Zie ook mijn blog van 16 februari 2009.

Uit: Een huis voor meneer Naipaul (De papegaai, de stier en de klimmende bougainvillea)

„‘Ik houd vol dat de zwarten van het Caribisch gebied een paar grote passen terug naar het oerwoud gedaan hebben,’ zegt Naipaul tegen een verslaggever. ‘Ik had nooit gedacht dat een Afrikaans volk terug kon keren naar die oorspronkelijke staat, na driehonderd jaar in de nieuwe wereld geleefd te hebben. Dat is heel droevig.’

Zo teder als Naipaul schrijft, zo ruw en onbarmhartig klinken zijn woorden in interviews. Maar zijn ze met elkaar in tegenspraak? Ik denk het niet. In vraaggesprekken lijkt zijn droefheid grotesk en is zijn houding liefdeloos, maar ze komen voort uit zijn onwankelbare geloof in vooruitgang en succes voor wie werkelijk volhardt en doorzet. Daar gaat ook zijn eerste (en sommigen zeggen: zijn enige) grote roman over: A House for Mr. Biswas, waar zijn eigen vader Seepersad Naipaul model voor stond. Seepersad groeide op in een dorp dat 438 huizen telde, maar niet een ervan kon hij het zijne noemen. Toch weigerde hij te sterven zoals hij was geboren: overbodig en onbehuisd. Op zoek naar vrijheid en zelfstandigheid ontvluchtte hij de traumatiserende zorg van zijn schoonouders en de beklemmingen van de kleine hindoegemeenschap, om in Port of Spain als journalist te gaan werken bij de Trinidad Guardian. Het waren jaren van zware arbeid en krankzinnige avonturen, maar Seepersad hield vol. Vlak voor zijn dood bemachtigde hij ‘zijn eigen stukje van de aarde’.

Zijn zoon Vidiadhar Surajprasad besloot op twaalfjarige leeftijd zijn vaders streven naar vrijheid en bewegingsruimte voort te zetten: ‘binnen vijf jaar’, zo beloofde hij zichzelf, moest hij het eiland hebben verlaten om zijn eigen stukje van de wereld te bemachtigen. Zes jaar later emigreerde hij naar Engeland en ging letterkunde studeren in Oxford. Hij raakte teleurgesteld in de studie, hij had gehoopt iets te leren over de relatie tussen het schrijven, en wat hij kortweg ‘het leven’ noemt.”

anil-ramdas

Anil Ramdas ( Paramaribo op 16 februari 1958)

 

De Nederlandse schrijver en dichter Ingmar Heytze werd geboren op 16 februari 1970 in Utrecht. Zie ook mijn blog van 16 februari 2007 en ook mijn blog van 16 februari 2008 en ook mijn blog van 16 februari 2009.

Erwtensoep

Mijn moeder die je verder met geen stok het ijs op kreeg
kookte in het schaatsseizoen enorme pannen erwtensoep
en deelde deze uit vanaf de steiger voor ons zomerhuisje

de soep genoot een faam tot ver achter de dijken
men reed er graag een plas voor om of kluunde zich de bramen
een enkeling trotseerde een nat pak onder de brug

slechts éénmaal is zij ingegaan op een verzoek om het recept
een vage kennis wou het sturen naar zijn zuster in Amerika

in de lente kregen we een kaart: we really enjoy your erwtensoep,
we nemen elke dag een stukje bij de koffie.

 

Ideaal gedicht

‘What is if this is one of those ideal poems?’
‘Every poem is an ideal poem.’

Een griffioen in winterkleed,
vliegende kameleons en vlinders
die van kleur verschieten, elk gezicht
een verre stem achter een waterval –
ik schiet op eenhoorns in mijn slaap
en bal mijn vuist
naar het heelal.
Soms droom ik een feniks
die verrijst uit witte as.

Ons leven is een schitterend
soort toeval, een vergissing haast.
Op den duur moet alles weg,
het einde jeukt onder mijn huid –
nog nooit zo tergend opgegeten
weten we: wij zijn alleen,
we zweven in het barnsteen
van een parallelle ruimtetijd.

Het firmament is groot en leeg.
Ik timmer woorden aan elkaar
terwijl ik in het donker staar
en luister naar de eeuwigheid.
De poëzie biedt schrale troost,
de liefde als een bouwpakket –
het onbegonnen werk is klaar.
Wie doet mij een tegenzet.

Ingmar-Heytze

Ingmar Heytze (Utrecht, 16 februari 1970)

 

De Schotse schrijver Iain Menzies Banks werd geboren op 16 februari 1954 in Dunfermline, Schotland. Zie ook mijn blog van 16 februari 2009.

 

Uit: Look to Windward

 

„Near the time we both knew I would have to leave him, it was hard to tell which flashes were lightning and which came from the energy weapons of the Invisibles.

A vast burst of blue-white light leapt across the sky, making an inverted landscape of the ragged clouds’ undersurface and revealing through the rain the destruction of all around us: the shell of a distant building, its interior scooped out by some earlier cataclysm, the tangled remains of rail pylons near the crater’s lip, the fractured service pipes and tunnels the crater had exposed, and the massive, ruined body of the wrecked land destroyer lying half submerged in the pool of filthy water in the bottom of the hole. When the flare died it left only a memory in the eye and the dull flickering of the fire inside the destroyer’s body.

Quilan gripped my hand still tighter. ‘You should go. Now, Worosei.’ Another, smaller flash lit his face and the oil-scummed mud around his waist where it disappeared under the war machine.

I made a show of consulting my helm’s read-out. The ship’s flyer was on its way back, alone. The display told me that no larger craft was accompanying it, while the lack of any communication on the open channel meant there was no good news to report. There would be no heavy lift, there would be no rescue. I flipped to the close-quarter tactical view. Nothing better to report there. The confused, pulsing schematics indicated there was great uncertainty in the representation (a bad enough sign in itself) but it looked like we were right in the line of the Invisibles’ advance and we would soon be over-run. In ten minutes, maybe. Or fifteen. Or five. That uncertain. Still I smiled as best I could and tried to sound calm“

.

Banks

Iain Banks (Dunfermline, 16 februari 1954)

 

De Duitse schrijfster Iris Kammerer werd geboren op 16 februari 1963 in Krefeld. Zie ook mijn blog van 16 februari 2007 en ook mijn blog van 16 februari 2008 en ook mijn blog van 16 februari 2009.

 

Uit: Die Schwerter des Tiberius

 

»Die Männer sind bestens vorbereitet, Praefect Cinna! «, rief er herüber. »Der Feldzug kann beginnen!«

Cinna nickte zur Erwiderung, trieb den Grauen aus dem Wasser, in dem dieser seine Fesseln kühlte, und lenkte ihn über den Sand zur Böschung, wo einige Pferdeburschen die Köpfe zusammensteckten. Ein Pfiff genügte, sie auf ihn aufmerksam zu machen; einer der jungen Burschen ergriff die Zügel, als Cinna das Bein über den Hals des Pferdes schwang und zu Boden glitt. Erst jetzt bemerkte er den Centurio, der mit verschränkten Armen näher kam, den großen, knotigen Weinstock, Abzeichen seines Ranges,unter die rechteAchsel geklemmt. Die Miene des Mannes verhieß nichts Gutes. Nachdem er gegrüßt hatte, schob er die Füße ein wenig auseinander, der Stock glitt an seiner Seite herab, bis er fast den Boden berührte, und pendelte sacht gegen seine Wade.

»Praefect, ich bin immer noch unzufrieden mit der Kampfbereitschaft der Barbaren.«

Eggius’ nachtschwarze Augen erschienen seltsam matt, als starre er durch Cinna hindurch.

»Außerdem mangelt es ihnen an Willigkeit«, fügte er hinzu und räusperte sich umständlich. Cinna musterte den Centurio mit hochgezogenen Brauen. Marcus Eggius diente als zweithöchster Offizier

in dieser Truppe, einer fünfhundert Mann starken Cohorte, bestehend aus Fußtruppen und einheimischer Reiterei; im Vorfrühling hatte Cinna bei der Siedlung der Ubier den Befehl über diese Einheit übernommen. Das schien Eggius nicht sonderlich gefallen zu haben, doch bislang hatte er seinem neuen Vorgesetzten den schuldigen Respekt gezollt.“

 

iris_kammerer

Iris Kammerer (Krefeld, 16 februari 1963)


Zie voor nog meer schrijvers van de 16e februari
mijn vorige twee blogs van vandaag.