T. S. Eliot

De Engels-Amerikaanse dichter en schrijver T. S. Eliot werd op 26 september 1888 geboren in St.Louis, Missouri. Zie ook alle tags voor T. S. Eliot op dit blog.

Song

When we came home across the hill
No leaves were fallen from the trees;
The gentle fingers of the breeze
Had torn no quivering cobweb down.

The hedgerow bloomed with flowers still,
No withered petals lay beneath;
But the wild roses in your wreath
Were faded, and the leaves were brown.

 

Preludes

III

You tossed a blanket from the bed,
You lay upon your back, and waited;
You dozed, and watched the night revealing
The thousand sordid images
Of which your soul was constituted;
They flickered against the ceiling.
And when all the world came back
And the light crept up between the shutters
And you heard the sparrows in the gutters,
You had such a vision of the street
As the street hardly understands;
Sitting along the bed’s edge, where
You curled the papers from your hair,
Or clasped the yellow soles of feet
In the palms of both soiled hands.

IV

His soul stretched tight across the skies
That fade behind a city block,
Or trampled by insistent feet
At four and five and six o’clock;
And short square fingers stuffing pipes,
And evening newspapers, and eyes
Assured of certain certainties,
The conscience of a blackened street
Impatient to assume the world.

I am moved by fancies that are curled
Around these images, and cling:
The notion of some infinitely gentle
Infinitely suffering thing.

Wipe your hand across your mouth, and laugh;
The worlds revolve like ancient women
Gathering fuel in vacant lots.

 

Tante Helen

Mijn tante Helen Slingsby is nooit getrouwd.
Ze woonde in een klein huis bij een chic plein
Onder de hoede van een viertal knechten.
Toen zij stierf, werd het stil in de hemel
En stil aan haar eind van de straat.
De blinden gingen dicht en de lijkbezorger veegde zijn voeten –
Hij had zoiets al eerder meegemaakt.
Er werd naar behoren gezorgd voor de honden,
Maar kort daarop stierf ook de papegaai.
De Saksische klok op de schouw tikte door
En de huisknecht zat op de eettafel
Met op zijn knieën de tweede dienstmeid –
Die zo oppassend was geweest toen haar meesteres nog leefde.

 

Vertaald door Paul  Claes

 

T. S. Eliot (26 september 1888 – 4 januari 1965)
Portret door Patrick Heron, 1949

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e september ook mijn blog van 26 september 2018 en ook mijn blog van 26 september 2017 en eveneens mijn blog van 26 september 2015 deel 2.

Niccolò Ammaniti, Kay Ryan

De Italiaanse schrijver Niccolò Ammaniti werd geboren in Rome op 25 september 1966. Zie ook alle tags voor Niccolò Ammaniti op dit blog.

Uit: Wie es Gott gefällt (Vertaald door Katharina Schmidt)

„Nachdem er Danilo in der Bar Bumerang aufgesammelt hatte, fuhr Quattro Formaggi mit ihm zu Rino Zena. Die alte Boxer verschwand beinahe unter ihnen. Danilos fette Arschbacken hingen halb über den Sattel hinaus. Danilo hasste es, mit Quattro Formaggi Moped zu fahren. Der raste wie ein Verrückter, fuhr immer bei Rot über die Ampel, und außerdem wusch er sich nie. »Heute schweißen wir noch den Rammsporn an den Traktor, und dann sind wir fertig, stimmt’s?«, brüllte Danilo Quattro Formaggiins Ohr. »Stimmt«, brüllte der zurück. An dem Tag, als Danilo den Artikel über den Raub des Geldautomaten gelesen hatte, kam er ganz aufgeregt zu Rinos Haus gerannt. Der saß dort mit Quattro Formaggi, die beiden tranken Grappa und rösteten Kastanien auf den Heizspiralen eines Elektro-ofens. Danilo hatte ihnen den Artikel vorgelesen und gesagt: »Begreift ihr überhaupt, wie genial die Idee ist? Keine Waffen. Kein Tresor, den man öffnen muss. Keine komplizierten Pläne. Saubere Arbeit. Wie Gentlemen. Du schleppst einfach den Geldautomaten ab, versteckst ihn irgendwo, öffnest ihn dann in aller Ruhe und Bingo! Ein Haufen sauberes Geld, das nur darauf wartet, ausgegeben zu werden. «Rino und Quattro Formaggio waren nicht sonderlich beeindruckt gewesen, sie schauten ihn nur aus trüben Fischaugen an und nickten mechanisch. In den folgenden Tagen hatte Danilo sie weiter mit seinem Coup belabert und wie positiv der sich auf ihren Lebensstandard auswirken würde. Schließlich waren die beiden, die den ganzen Tag nichts zu tun hatten, langsam weich geworden und hatten so etwas Ähnliches wie einen Plan entwickelt. Als Erstes mussten sie sich ein stabiles Fahrzeug besorgen, mit dem sie die Mauer der Bank durchbrechen konnten. Sie hatten nur Rinos Fiat Ducato, und dieses Auto würde bei einer solchen Aktion plattgedrückt werden wie eine Bierdose. Nach eingehender Lektüre der Autozeitschrift Quattroruote schlug Danilo vor, sie sollten einen Pajero Sport 3.0 kaufen. Ein Superteilmit hundertsiebzig Pferdestärken unter der Motorhaube.» Und wie viel kostet so ’ne wild gewordene Herde?«, fragte ihn Rino. »Na ja, neu, ohne Extras – und die Extras können wir uns schenken – so um die sechsunddreißigtausend Euro. «Rino wäre beinahe erstickt vor Lachen. »Na klar. Glaubst du etwa, ich fahre siebzigtausend Lire an die Wand? Und, nur mal so gefragt, wer gibt uns eigentlich das Geld für den Wagen, du etwa? «Danilo erzählte, der Pate seines Cousins sei Autohändler und würde ihnen für einen Pajero Baujahr ’98 in erstklassigem Zustand einen Superpreis machen. Sie mussten nur eine Hypothek auf Rinos Haus aufnehmen.”

 

Niccolò Ammaniti (Rome, 25 september 1966)

 

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27september 1945 in San Jose, California. Zie ook alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

Een bepaald soort Eden

Het lijkt alsof je het zou kunnen, maar
je kunt niet teruggaan en de uitlopers
en wortels er uittrekken en herplanten.
Daar is het allemaal te diep voor.
Je hebt de intentie te hoog aangeslagen,
verkeerd begrepen elke neiging die je kreeg,
tot controleren. Je dacht dat je de boon
koos en de grond.
Je dacht zelfs dat je een of twee tuinen
in de steek liet. Maar die dingen
blijven groeien waar we ze planten –
als we ze überhaupt planten.
Een bepaald soort Eden houdt ons in de ban.
Zelfs de enige wijnstok die alleen ranken voortbrengt
verandert na verloop van tijd zijn eigen impuls,
en draait zijn opwaartse koers terug naar beneden
een sterk en dan een sterker lijntje,
het groenste droevigste sterkste
soort van hoop.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)

 

Zie voor de schrijvers van de 25e september ook mijn blog van 25 september 2019 en ook mijn blog van 25 september 2018 en eveneens mijn blog van 25 september 2016 deel 2.

Joke van Leeuwen, Fernand Ouellette

De Nederlandse dichteres, schrijfster, illustrator en cabaretière Johanna Rutgera van Leeuwen werd geboren op 24 september 1952 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Joke van Leeuwen op dit blog.

Tijd

Dat je je voorneemt om zes
uur wakker te worden, en
om twee uur wakker wordt,
om drie uur, ziet dat het nog
lang niet zes uur is, opeens
acht uur nee negen.

Je nieuwe mensen nieuw ziet
doen, niet weten en wel willen
weten, als weten dat nog niet
vergeten in weten zit dat zit,
de dis verteert van is en
zal toch zeker.

Dat rimpels in het vel van wie
je liefhebt mooier vouwen ook
dan die van jou, hoezeer ze
lachen naar elkaar. Een kind
een duur horloge mag, voor
het de tijd kan lezen.

Zullen we een eind gaan wandelen?
Waar naartoe?
Nergens naartoe. En dan terug
naar waar we begonnen.

 

Perron

Het is weer scharreldag voor kruimelduiven.
Die hoeven niet weg. Die missen een pootje.
Die zwijgen: ‘Kijk naar je eige, zeik niet
over aankomst en hoe laat.’

Er zal een trein zijn en eruitgetuimel en
iemand die wuift en sprongetjes maakt en
onverstaanbaar van een reis gaat roepen
naar wie daar al jaren staat.

 

Bezichtiging

Komt u maar binnen. Hier
is dus de hal. Hier hangen
alle jassen. Voor het
winter is, voor als ze passen.

Hier is de kamer met de bank,
waarop ik laat en moe
Afghanistan nog zie op de tv
of iemand die een eind weg

praat met aandachtsgeil op camera
gericht gezicht. De deuren. Mooi
bedacht toch deuren, zo eenvoudig
gaan die open en weer dicht en open en weer dicht en o en weer en hoeps en b

Nou goed. Hier slaap ik als ik slaap,
het bed zo net of niemand hier, of niets
en hier een bad, een geiser, een wc.
De buren hoor je af en toe een beetje.

Mijn roerend goed gaat mee, verweesde
woorden veeg ik weg. Sleept u maar aan
wat u al heeft en meet het mogelijke op
tussen de muren.

 

Joke van Leeuwen (Den Haag, 24 september 1952)

 

De Canadese dichter, essayist en schrijver Fernand Ouellette werd geboren in Montreal, Quebec, op 24 september 1930. Zie ook alle tags voor Fernand Ouellette op dit blog.

 

Vandaag

De gladde zee van gisteren
eindigt tegen de klif.
Het blauw
verzandt.
Het varken krabt aan zijn snuit
in het hoge land.
Alle loopbruggen storten in!
Wat een afgrond vandaag
tussen mijn oog en de hemel van vuurvliegjes!
De zon gaat verloren in de ravijnen.
De oude dame van de liefde
lijkt voor altijd te worden opgejaagd.
De beul dagdroomt in het park
en streelt het gras met zijn vingernagel.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Fernand Ouellette (Montreal, 24 septenber 1930)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e september ook mijn blog van 24 september 2019 en ook mijn blog van 24 september 2018 en ook mijn blog van 24 september 2017 deel 2.

Inge Boulonois, Dannie Abse

De Nederlandse dichteres en schilderes Inge Boulonois werd geboren in Alkmaar op 23 september 1945. Zie ook alle tags voor Inge Boulonois op dit blog.

Puppypas

Het is vanaf het volgend jaar verplicht
Voor onze lieve, viervoetige makker:
Een paspoort dus voor Kwispel, Bella, Rakker
Met foto van hun snuit, goed uitgelicht

Een zelfde basisdocument, verhip!
Het wichtigste verschil is straks de chip

 

SEPTEMBER

De e’s vervlechten lettergrepen
De preherfst keert de levenssfeer
En neemt begeesterd het beheer
Gereed meer regen te verslepen

Klef dwepen weken met de e
Het snelsennet kweelt lekker mee

 

Virus fop

Een virus, passagierend in ons land,
leest in de digitale Covidkrant
dat hier nu een coronalied bestaat!
In no time straalt hij, wordt zelfs idolaat
van deze kroon op zijn virale leven
wanneer hij hoort hoe knap het is geschreven.
‘t Is authentiek, aangrijpend dichtjargon:
“En oh oh laat ons schijnen als de zon”,
gevolgd door “dag” en “hoi” en “hi” en “hé”.
Hij kweelt uit volle borst het versje mee
wat aangeeft dat wie meezingt met die hit
mooi een coronavirussmaak bezit.

 

Inge Boulonois (Alkmaar, 23 september 1945)

 

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

Pratend tegen mezelf

In de meeldauw van de ouderdom
lopen alle trottoirs omhoog

langzaam langzaam
in de richting van een uitgang.

Het is laat en het licht laat toe
dat de donkerste schaduw eruit geboren wordt.

Hou moed, roept de vogel van de buikspreker
(een kleine god is dat, censor van taal)

denk aan de eenvoudige Hardy en dandy Yeats
in hun geïnspireerde wijze pre-kindsheid.

Ik, oude man, in mijn nieuwe beschroomdheid,
bedenk hoe losbandig ik tijd verspilde

– dat gapende uitstellen op regenachtige dagen,
die feestmuts-uren van onschuldige frivoliteit.

Nu verspilt de Tijd mij en is er nauwelijks tijd
om ophef maken over meer vasculaire spraak.

De espenboom beeft als ik
en er zijn veren in de wind.

Snel snel
spreek oude papegaai,
voed ik je niet met mijn leven?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Dannie Abse (22 september 1923 – 28 september 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e september ook mijn blog van 23 september 2019 en ook mijn blog van 23 september 2018 deel 1 en ook deel 2.

Jaap Harten, Dannie Abse

De Nederlandse dichter en schrijver Jacobus Cornelis (Jaap) Harten werd geboren in Blaricum op 22 september 1930. Zie ook alle tags voor Jaap Harten op dit blog.

Mijn geboortedatum

Mijn geboortedatum werd
geschreven in een dorp
dat rook naar hooi
en paardenhaar: het was
acht uur in de morgen
en de zon, als een
complimenteuze fotograaf,
stond het landschap
te bekijken van
ademloze september.

In mijn spaarpot viel
de eerste zilveren gulden,
in mijn ogen was nog geen
licht, maar wel een
begin zichtbaar van
glimmende stuiter
en mijn stem hinkte
ook nog maar op
éen gedachte: lucht.
Adem van september.

Mijn wieg knikkebolde
bij het slaan van de klok
– paukenslag in de diepte –
en de tijd bouwde mij
langzaam op, trok aan mijn
haar, gaf mij een schooltas
en begon een heel dorp
met zoemende boomgaarden
en kleurige of vinnige
mensen rond mij op te zetten.

Toen ik negen jaar was
sloop er een fout in de
geschiedenis, die niemand
meer uit zou kunnen gummen.
Met hartstocht ging een geweer
af en nog éen, en toen vlogen
honderd zware roofvogels
opeens laag over de grond
en zaaiden pitten van dood
in mensen en dieren die ik kende.

Ik was plotseling uit mijn kracht
gegroeid en stond te trillen
op mijn benen, te jong om te vechten,
te goud van hollands zonlicht
om mijn vleugels te sluiten.
Met tussen mijn ribben
een tandrad van angst
leefde ik verder met
ondergedoken ouders,
verborgen als een
speld in een hooiberg.

 

Geen leuzen, geen gespijker

Ik spijker geen partijleuzen
aan mijn hinkende schrijfmachine
en ik distilleer in mijn hoofd
(of lever of hart, waar dan ook)
alleen de gretige waarheid
voor eigen gebruik.

De huid van de woorden is anders
dan hun kern, de tijd tikt niet
meer met een koperen pendel
en bloedarmoede is allang niet meer
romantisch; wij zijn
voorbij 1830, Heine, en alle Wilhelms
geland op grond waar het gras
niet meer zo groen is als goed is

wij zijn neergekomen bij het hese
metaal waar de kleine aëroplanen
uit Olieslagers’ tijd als vlinders aan
de muur geprikt zijn

waar de snorren en sabels onschuldig
worden als brandgaatjes, waar
huzaren niet langer goedmoedig
op menukaarten staan.

Op de startbaan ligt nu de chemische
waarheid klaar om op te vliegen:
het ei van Einstein.

 

Jaap Harten (22 september 1930 – 2 december 2017)

 

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

Engelen

De meesten zijn onschuldig, bedeesd, zullen zich niet uitkleden.
Ze hebben geen geslachtsdelen of schaamhaar.
Alleen zij die uit de hiërarchie gevallen zijn
verschijnen in deze seculiere dagen.

Niet langer bruikbaar als modellen voor artiesten,
afgewezen door theologen, neigt het moreel ertoe
laag te zijn – zelfs engelen uit de hogere klasse mopperen
terwijl ze rondhangen in onze lege kerken.

Gecastreerd verstoppen ze zich als een gotische deur opengaat.
Plotseling licht verblindt hen, voetstappen maken hen doof,
Welshe hymnen bestormen hun schaduw volledig.
Nog steeds blijft hun stank hangen, koude steen en wierook.

Maar zij die gevallen zijn durven zelfs naar Downing Street,
wekken verbazing, vliegen door muren voor hun volgende truc;
in schijnwerperlicht betreden ze de dromen van wie belangrijk is,
openen langzaam hun prachtige Carnaby-vleugels.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Dannie Abse (22 september 1923 – 28 september 2014)

 

Zie voor de schrijvers van de 22e september ook mijn blog van 22 september 20919 en ook mijn blog van 22 september 2018 deel 1 en deel 2.

Leonard Cohen, Owen Sheers

De Canadese dichter, folk singer-songwriter en schrijver Leonard Cohen werd geboren op 21 september 1934 te Montréal. Zie ook alle tags voor Leonard Cohen op dit blog.

Uit: The favorite game

“7
Come back, stern Bertha, come back and lure me up the torture tree. Remove me from the bedrooms of easy women. Extract the full due. The girl I had last night betrays the man who pays her rent.
That is how Breavman invoked the spirit of Bertha many mornings of his twenties.
Then his bones return to chicken-width. His nose retreats from impressive Semitic prominence to a childhood Gentile obscurity. Body hair blows away with the years like an ill-fated oasis. He is light enough for handbars and apple branches. The Japs and Germans are wrong.
“Play it now, Bertha?”
He has followed her to precarious parts of the tree.
“Higher!” she demands.
Even the apples are trembling. The sun catches her flute, turns the polished wood to a moment of chrome.
“Now?”

“First you have to say something about God.”
“God is a jerk.”
“Oh, that’s nothing. I won’t play for that.”
The sky is blue and the clouds are moving. There is rotting fruit on the ground some miles below.
“Fug God.”
“Something terribly, horribly dirty, scaredy-cat. The real word.”
“Fuck God!”
He waits for the fiery wind to lift him out of his perch and leave him dismembered on the grass.
“Fuck GOD!”
Breavman sights Krantz who is lying beside a coiled hose and unravelling a baseball.

“Hey, Krantz, listen to this. FUCK GOD!”
Breavman never heard his own voice so pure. The air is a microphone.
Bertha alters her fragile position to strike his cheek with her flute.
“Dirty tongue!”
“It was your idea.”
She strikes again for piety and tears off apples as she crashes past the limbs. Nothing of her voice as she falls.
Krantz and Breavman survey her for one second twisted into a position she could never achieve in gym. Her bland Saxon face is further anesthetized by uncracked steel-rimmed glasses. A sharp bone of the arm has escaped the skin.

After the ambulance Breavman whispered.
“Krantz, there’s something special about my voice.”
“No, there isn’t.”
“There is so. I can make things happen.”
“You’re a nut.”
“Want to hear my resolutions?”
“No.”
“I promise not to speak for a week. I promise to learn how to play it myself. In that way the number of people who know how to play remains the same.”
“What good’s that?”
“It’s obvious, Krantz.”

 

Leonard Cohen (21 september 1934 – 7 november 2016)

 

De Engelse (Welshe) dichter, schrijver en presentator Owen Sheers werd geboren op 20 september 1974 in Suva op de Fiji eilanden. Zie ook alle tags voor Owen Sheers op dit blog.

 

Winterzwanen

De wolken hadden alles gegeven –
twee dagen regen en dan een pauze
waar we doorheen gingen,

de drassige aarde
naar adem happend aan onze voeten
terwijl we langs het meer liepen, stil en apart,

totdat de zwanen kwamen en ons tegenhielden
met een show van trappelen in harmonie.
Alsof ze gewichten over hun lichaam naar hun hoofd rolden

halveerden ze zichzelf in het donkere water,
ijsbergen van witte veren, pauzeerden voordat ze weer terugkeerden
zoals boten die rechtop gaan staan bij ruw weer.

‘Ze blijven levenslang bij elkaar’ zei je toen ze weggingen,
porselein over het stille water. Ik antwoordde niet
maar terwijl we voortbewogen door het middaglicht,

langzaam stappend door het grind en zand van het meer,
merkte ik onze handen op die op de een of andere manier
de afstand tussen ons hadden gezwommen

en zich vouwden, de een over de ander,
als een paar vleugels dat na de vlucht tot rust komt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Owen Sheers (Suva, 20 september 1974)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e september ook mijn blog van 21 september 2019 en ook mijn blog van 21 september 2018.

Owen Sheers

De Engelse (Welshe) dichter, schrijver en presentator Owen Sheers werd geboren op 20 september 1974 in Suva op de Fiji eilanden. Zie ook alle tags voor Owen Sheers op dit blog.

The Farrier

Blessing himself with his apron,
the leather black and tan of a rain-beaten bay,
he pinches a roll-up to his lips and waits

the smoke slow-turning from his mouth,
for the mare to be led from the field to the yard
and the wind twisting his sideburns in its fingers.

She smells him as he passes, woodbine, metal and hoof,
careful not to look her in the eye as he runs his hand
the length of her neck, checking for dust on the lintels.

Folding her back leg with one arm, he leans into her flank
like a man putting his shoulder to a knackered car,
catches the hoof between his knees

as if it’s just fallen from a table,
cups her fetlock and bends,
a romantic lead dropping to the lips of his lover.

Then the close work begins: cutting moon-sliver clippings,
excavating the arrow head of her frog,
filing at the sole and branding on a shoe

in an apparition of smoke,
three nails gritted between his teeth,
a seamstress pinning the dress of the bride.

 

The Hill Fort (Y Gaer)

On a clear day he’d bring him here,
his young son, charging the hill
as wild as the long-maned ponies

who’d watch a moment
before dropping their heads to graze again.
When he finally got him still

he’d crouch so their eyes were level,
one hand on the small of his back
the other tracing the horizon,

pointing out all the places lived in
by the fathers and sons before them:
Tretower, Raglan, Bredwardine …

And what he meant by this but never said, was
‘Look. Look over this land and see how long
the line is before you – how in these generations

were no more than scattered grains;
that from here in this view 9, 19, 90 years
are much the same …

that it isn’t the number of steps
that will matter
but the depth of their impression;

And that’s why he’s come back again
to tip these ashes onto the tongues of the wind
and watch them spindrift into the night.

Not just to make the circle complete,
to heal or mend,
but because he knows these walls,

sunk however low,
still hold him in as well as out
protect as much as they defend.

 

Mametz Woods

Jaren later vonden de boeren ze –
de erdoor gejaagde jongens, opduikend onder hun ploegmessen
terwijl ze het land weer teruggaven aan zichzelf.

Een stuk bot, de porseleinen plaat van een schouderblad,
het relikwie van een vinger, het opgeblazen
en gebroken vogelei van een schedel,

nu allemaal nagebootst in vuursteen, blauw gebroken in wit
over dit veld waar hen bevolen was te lopen, niet te rennen,
richting het bos en zijn genestelde machinegeweren.

En zelfs nu staat de aarde op wacht,
in zichzelf gekeerd om zich te herinneren wat er is gebeurd
als een wond die een vreemd lichaam naar het huidoppervlak trekt.

Vanmorgen, twintig mannen begraven in één lang graf,
een gebroken beendermozaïek met de armen in elkaar,
hun skeletten bleven midden in de dans macabere staan

in laarzen die hen overleefden,
hun holle hoofden schuin naar achteren
en de kaken, van wie die nog heeft, opengevallen.

Alsof de noten die ze hadden gezongen
nu pas, met deze opgraving,
aan hun afwezige tongen zijn ontglipt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Owen Sheers (Suva, 20 september 1974)

 

Zie voor de schrijvers van de 20e september ook mijn blog van 20 september 2019 en ook mijn blog van 20 september 2018.

Crauss, Doppelfeld-prijs voor Cihan Acar

De Duitse dichter en schrijver Crauss werd geboren in Siegen op 19 september 1971. Zie ook alle tags voor Crauss op dit blog.

WE WAREN PILOTEN, we hadden
chocoladestof in onze neus. ’s nachts
dat was een tent in afrika, een oorlogsgehuil
in pantymutsen, een piemeldans
om de woonkamerschat. we zochten beschutting
tegen schijnwerpers die onze blikken volgden.
we waren piloten, gebroken schaduwen
stortten op ons neer, we hebben nooit meer
dermate gebeefd, gekust en overleefd.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

gefärbtes glas mein bruder

da ist ein punkt im himmel ein kreis ein schwarzer kreis
eine musik ist im auge ein pochen unter dem lid und alles
gewimmel oranger und gelber und schwach ganz schwach grünlicher löcher
und etwas saugendes ist

mein bruder schreibt lange sätze er treibt sie wie narben ins blatt
will alles verscheuchen von seinem balkon und ich bin die schwester
ich wippe reminiszenzen herbei und spreizfüszige leichte:
alles aus bravo und kann es nicht greifen
ich liebe es aber

und ein kreis ist im tisch ein oranges gewimmel und kugeln voll luft
und etwas saugendes ist
und ein hellschwarzes loch das tief in die rückbeuge geht

mein bruder schreibt lange und will sich erinnern
dann kann er entfernen was ich an ihm liebe ich schreibe
eine einzige linie verschreib mich und schreibe ich kann es nicht fassen
ich bin seine schwester ich bin seine mutter ganz stumm
ein dreschflegel der vater und schweigen ein loch im gesicht

wir liebten das land und lagen im heu die katzen machten das holz rot
wir kinder waren das o in der anrede vom opa
die stadt ist ein stock und ein viereck ist sichres geländer
und jetzt ist ein kreis da und alles mit pinseln verschmiert

wie gern hätt ich im himmel ein bast mit figuren mit winkenden
menschen wie sehr hätte ein klares vergehn mich gefreut
aber der tag ist gefesselt der abend ballon voller wunder und briefkästen
ein horizont mehrfach in geigton klavierstimme nachbarschaftsklopfen

 

DEINE GEDICHTE
vocoding fm

deine gedichte
sind mir ein grosser roman gefühls
erregungskunst oder zwischen eros und tod alles
was die brust des menschen durchzieht die sammlung
ungewöhnlicher lieben und wolf den ich zitierte
in zahllosen briefen zum beweis
meiner sehnsucht.

ich möchte dir nur noch das quälende nehmen.

deine gedichte
sind mir ein riff unter kopf
hörern guitarren gezogen vom ohr
hinunter ins beatbein die augen aufblitzende
schriften und muster das herz ein einsamer jäger
rapidly moving und life is a dancefloor übers wein
rauschen der rillen hinweg.

denn wie willst du mich anders begehren.

 

Crauss (Siegen, 19 september 1971)

 

Doppelfeld-prijs voor literaire debuten

In het Literaturhaus in München is voor het eerst de Doppelfeld-prijs voor literaire debuten uitgereikt – het is een teken van aanmoediging voor jonge auteurs. De hoofdprijs, waaraan een bedrag van  6000 euro is verbonden, ging naar Cihan Acar voor zijn debuut “Hawaii”. Cihan Acar werd in 1986 in de buurt van Heilbronn geboren. Nadat hij zijn middelbare school had afgerond, begon hij rechten te studeren in Heidelberg. Hij werkte ook als journalist en auteur. Hij schreef twee non-fictieboeken (een over Galatasaray, een over hiphop) en deed verslag voor de dpa vanuit Turkije. Na lange verblijven in Istanbul en Berlijn keerde hij terug om zijn studie af te ronden.

Uit: Hawaii

„Immer wollen sie, dass man mittanzt.
Bekannte und Unbekannte kamen ständig vorbei, versuchten alles. Komm, stell dich nicht so an, nur einmal, auf. Wenn einer nicht tanzen will, denken die Leute, ihm fehlt etwas. Mir fehlte nichts. Außer halt, dass ich nicht länger als nötig auf dieser Hochzeit bleiben wollte.
Ich saß an einem bestimmt fünf Meter langen Tisch direkt neben der Tanzfläche, wo nur die besten Freunde des Brautpaars sitzen durften. Der Bräutigam hatte sich von mir versprechen lassen, dass ich an diesem Tisch sitzen würde. Ich weiß nicht, warum ihm das so wichtig war. Wir kannten uns zwar schon lange, waren aber nicht gerade Kindergartenfreunde, die im Sandkasten Blutsbrüderschaft geschlossen hatten oder so. Tarık hieß er.
Irgendwann kam auch er an, und zwar in Begleitung des Kamerateams, das ihm überallhin folgte. Er streckte mir seine Hand entgegen, lächelte und sagte nichts.
Dank einer großen Leinwand, die direkt neben der Bühne aufgebaut war, konnte man die Szene auch auf den hinteren Plätzen live mitverfolgen. Ich hatte also gar keine Wahl. Hoffentlich war sein Heiratsantrag nicht ähnlich abgelaufen.
Auf der Tanzfläche begrüßten sie mich wie jemanden, der gerade von einer Weltreise zurückgekommen war. Eine Riesenaufregung. Sie bildeten einen Kreis, jemand schubste mich in die Mitte, alle klatschten mir zu. Ganz alter Trick. Zum Glück löste sich der Kreis bald auf, und nach einer Weile konnte ich zurück an den Tisch.
Dort landete ich zwischen zwei Autoexperten. Sie spielten ein Spiel, bei dem sie abwechselnd ihr Traumauto beschreiben sollten. Der linke war gerade dran: »Weißer A6, S-Line, Zweiliter-Diesel, 190 PS. TDI und noch Sportsitze dazu. Ich wär der King von Heilbronn!«
»Brutales Ding, Bruder«, sagte der rechte. Dann bastelte er sich auch einen Wagen aus möglichst vielen Fachbegriffen zusammen. Ich hörte den beiden eine Weile zu und tat beeindruckt, verstand aber kaum ein Wort.
Die Band machte eine Pause. Schreiende Kinder eroberten sofort die leer gewordene Tanzfläche. Der Trommler, der sich unter die Tanzenden gemischt hatte, kehrte zurück zu seinen Kollegen und wischte sich den Schweiß von der Stirn. Das Hochzeitspaar setzte sich an den Brauttisch, der genau gegenüber von uns stand und gar nicht wie ein Tisch aussah, eher wie ein kleines Schloss aus Seide. Überall rosa Herzen und weiße Schleifen.
Die Braut verschränkte die Arme auf dem Tisch, lehnte sich nach vorne und sah auf etwas hinab. Sie wirkte irgendwie traurig. Ich wusste über sie nur, was Tarık mir erzählt hatte, nämlich dass sie Ebru hieß und erst seit ein paar Monaten in Deutschland war. Als eine ältere Frau ankam, um Fotos von den beiden zu machen, schaltete sie sofort wieder in den Festmodus. Der traurige Blick war weg. Wahrscheinlich hatte sie sich nur ausgeruht, kurze Pause vom ewigen Pflichtgrinsen.
Aber nein, jetzt sah ich es auch. Es war der Kachelboden.
Er fiel kaum auf. Man wurde abgelenkt durch die vielen Menschen und Stühle im Saal, die Dekoration und den roten schmalen Teppich, der vom Eingang bis zur Tanzfläche reichte. Wenn man es einmal gesehen hatte, gab es aber kein Entkommen mehr. Braune Kacheln überall.“

 

Cihan Acar (Nabij Heilbronn, 1986)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e september ook mijn blog van 19 september 2019 en ook mijn blog van 19 september 2018 en ook mijn blog van 19 september 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Michaël Zeeman, Doris Mühringer

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman werd geboren op Marken op 18 september 1958. Zie ook alle tags voor Michaël Zeeman op dit blog.

Vespers voor Maria

III

Speel ik piano in de nacht verlies ik
in étude keer op keer mijn houvast zweven
mijn altijd stramme vingers weg verklinkt
een lichte melodie in hoekig bonzen –
nooit hoort men dat bij nachtegalen er
is een veel te helder vergezicht als iets
wat men beleefd heeft of gelezen maar er
zo slecht een beeld bij weet of zo’n haastig
sentiment dat dwingt maar onbenoemd moet
blijven omdat er minder taal dan toestand is.

Het is een mooie juninacht Maria en ik mis je.
Ik mis je zoals je alleen maar iemands warmte
kan missen die zomaar niet je bed beslaapt
een zoom aanwezigheid verwacht die er ontbreekt
te weten dat er naast je niemand zwijgt.

Toen op een namiddag in mei ik langs de grachten
ben gegaan (het weer als altijd hier besluiteloos
loshangende jassen) en heb vermalen de minuten
tot kwartieren de tijd van voorgewende willekeur
komt altijd zo omzichtig een achteloos moment.
Ik heb U toen gevonden aan de smalle trappen
van jouw afgedankte achterhuis een kleine maar
wel ernstig smalle vrouw met een wat viezig kind.
Wat ik voordien aan rituelen had bedacht mocht
toen wel weer vervallen: er is zo weinig dat verandert.

Het is zover: ik schat de vrouwen met wie ik
naar ik meen nog niet geslapen heb ik speel
die dwaze dialogen allemaal lankmoedig uit,
tel dan de uren die ons scheiden van de dag
en zegen wie dezelfde avond nog vertrekt.

Er is niet veel meer over welbeschouwd en ik,
ik schijn nog jong maar toch al veel te oud
mijn straffe metaforen zijn bedoeld om bomen
hun namen uit hun schors te schillen brieven
uit andermans dressoir weer terug te praten
mijn schaamte geldt fossielen van wat leugens
zijn gebleken met terugwerkende kracht.
Muziek in de nacht stoort de mensen hiernaast
en vogels bevuilen de was – hooguit wat orgel
twee keer per week of een meeuw op maandagmorgen.

 

Michaël Zeeman (18 september 1958 – 27 juli 2009)

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Doris Mühringer werd geboren op 18 september 1920 in Graz. Zie ook alle tags voor Doris Mühringer op dit blog en ook mijn blog van 18 september 2010.

Vragen en antwoorden

Heb je je net over de hele wereld
uitgeworpen?
Ik heb mijn net uitgeworpen.
Waar heb je het van gebreid?
Van garen.
Wat voor soort garen heb je gebruikt?
Zijde, netel, spinnenweb en staal.
Waar heb je het van gewonnen?
Zijde uit het grijze haar van mijn moeder.
Netel uit de ogen van mijn man in het huwelijksbed.
Spinnenweb uit de bruidsring
van mijn zus.
Staal uit de houten rozenkrans
van mijn zoogster.
Hoe lang heb je aan het net gebreid?
Honderd jaar.
Waar heb je je net over uitgeworpen?
Over bergen en valleien.
Wat heb je erin opgevangen?
Kleine veertjes. Kleine veertjes.
Is dat genoeg?
Het is de wereld.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Doris Mühringer (18 september 1920 – 26 mei 2009)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e september ook mijn blog van 18 september 2019 en ook mijn blog van 18 september 2018 en ook mijn blog van 18 september 2016 deel 1 en eveneens deel 2 en eveneens deel 3.

H.H. ter Balkt, William Carlos Williams

De Nederlandse dichter H.H. (Herman Hendrik) ter Balkt werd geboren in Usselo op 17 september 1938. Zie ook alle tags voor H. H. Ter Balkt op dit blog.

Uit: Laaglandse hymnen

1.

‘9-keto-trans-2’
Estetica, stekeblind, ging van huis;
er vond een grote bijentelling plaats
in herberg ‘De Uitgehongerde Bij’,
ook wel genoemd Q’s ijzige droomdoos.
‘De Rustende Jager’ heet nu ‘Intensz’;
leven kan niet vroeg genoeg óndergaan,
was ook het credo voor het koude brein
waarin wij schaterend herschapen zijn.
Red de bijenkoningin van de wet
die nu rondgaat in de gedaante van
velerlei vermomming en stofwolk; keer
Cycloon van Borculo, even terug, blaas
de knekelhuizen weg van de akkers,
ach poëzie, kom in Laagland terug.

2.

‘9-keto-trans-2’
Alleen op daken is de bij veilig,
bijvoorbeeld in Amsterdam of Berlijn;
maar niet in Gent, daarginds niet want daarzo
kantelt de stoorzender Q de raten.
Scheef, scheef, alles schuin, schuin de raten; in
blauw tl-licht bungelt een lamp; een zak
infuusvloeistof voedt niets meer en leidt dan
nergens heen, ja, namens de wetenschap.
De bijenhersentjes moesten sterven,
rolwagens met lucht aan boord toeren rond.
‘Contemporary art’, roepen gidsen
en suppoosten op verlaten velden
en in leegstaande zalen waar het geil
van hofnarren een vale huifkar verft.

3.

‘9-keto-trans-2’
Alsof sculpturen kunnen groeien!
Het zijn de schuttingbouwers die bouwen,
zogenaamd dan, eerder nog bouwt de wind
of ’t veld waar de paasvuurstapels staan.
Wassenbeeldenmuseum van koud gips
legt het af tegen één levende bij;
op het stoppelveld vloeit de gentiaan;
leven en dood zijn niet kaartje egaal.
Zelfs van de Skythen zijn de zeisen stil
neergevallen, en om de dooie dood
zijn wij, gelukkig maar, nog niet ons brein.
Q’s knekelhuis spreidt zijn duistere gloed
spoorslags in ’t rond, oh keto-trans
maar de wind zingt boven ’t arme brein.

 

H.H. ter Balkt (17 september 1938 – 9 maart 2015)

 

De Amerikaanse dichter William Carlos Williams werd geboren in Rutherford (New Jersey) op 17 september 1883. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor William Carlos Williams op dit blog.

Blizzard

Snow:
years of anger following
hours that float idly down —
the blizzard
drifts its weight
deeper and deeper for three days
or sixty years, eh? Then
the sun! a clutter of
yellow and blue flakes —
Hairy looking trees stand out
in long alleys
over a wild solitude.
The man turns and there —
his solitary track stretched out
upon the world.

 

Danse Russe

If I when my wife is sleeping
and the baby and Kathleen
are sleeping
and the sun is a flame-white disc
in silken mists
above shining trees,—
if I in my north room
dance naked, grotesquely
before my mirror
waving my shirt round my head
and singing softly to myself:
“I am lonely, lonely.
I was born to be lonely,
I am best so!”
If I admire my arms, my face,
my shoulders, flanks, buttocks
against the yellow drawn shades,—

Who shall say I am not
the happy genius of my household?

 

Donderdag

Ik heb mijn droom gehad – net als anderen –
en er kwam niets van terecht, zodat
ik nu zorgeloos
met de voeten op de grond geplant blijf
en omhoog kijk naar de lucht –
ik voel mijn kleren om mij heen,
het gewicht van mijn lichaam in mijn schoenen,
de rand van mijn hoed, lucht die in en uit stroomt
langs mijn neus – en besluit niet meer te dromen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

William Carlos Williams
(17 september 1883 – 4 maart 1963)

 

Zie voor de schrijvers van de 17e september ook mijn blog van 17 september 2018.