Jamal Ouariachi, Delmore Schwartz

De Nederlandse schrijver Jamal Ouariachi werd geboren in Amsterdam op 8 december 1978. Zie ook alle tags voor Jamal Ouariachi op dit blog.

Uit: Een honger

“Ze laat zich voorzichtig zakken op de rand van het kinderbed, houdt een hand boven het meisje zonder het aan te raken. Warmtebron: de lucht boven de deken gloeit. Ze kijkt op haar telefoon. WhatsApp van Alice: ‘Staat woensdag nog, schatje?’ Sms’je van ouders: ‘Dag lieverd, alles goed met jullie?’ Facebook: vier nieuwe likes voor de foto van vanmiddag waarop Lydia appelmoes eet — achtergrond: de opkomende zon boven het water, liet uitzicht vanuit hun huiskamer. Hier nog even blijven genieten van haar geluk of iets nuttigs gaan doen? Achterstallige administratie? Ze staat op, verlaat de kinderkamer. De gang is donker. Ze tast langs de muur om het begin van de trapleuning te vinden en schrikt. Beweging in haar ooghoek. Haar vingers vinden de lichtschakelaar. Het spook ontmaskerd. Ze zucht beschaamd als ze ziet wat het is: een laken aan het wasrek, misschien wel door haarzelf in beweging gebracht, door de lucht die zij verplaatste. Dit huis is haar te groot. Twee verdiepingen zo vol kamers, dat zelfs wanneer ze alle drie thuis zijn, er ten minste vier ruimtes onbemand blijven. Papa stond erop, destijds. ‘Je blijft toch niet In zo’n studentenhok zitten zweten? Jullie verdienen allebei goed, neem het er dan van. Met kinderen in huis heb je ruimte nodig.’ Waar is Philip? Daar, op de bank nog steeds. Het journaal van acht uur inmiddels. Zou zij ook even voor moeten gaan zitten, in verband met werk. Ze ploft naast hem neer, hand op zijn been, hij omklemt met zijn vuist haar pink. ‘…kunnen de illegale asielzoekers,’ zegt de nieuwslezer, ‘niet langer opgevangen worden in de voormalige bunker onder het…’ Zin in morgen. Geen zin in morgen. Zin in morgen. Geen zin in morgen. Elke zondagavond hetzelfde. Heen en weer geslingerd tussen de hevige behoefte alleen maar titer te zijn, hier thuis, bij de twee mensen van wie ze het meest houdt, en aan de andere kant de drang om de wereld in te trekken, zich niet te laten ketenen door het gezinsleven. ‘…naast het slachtoffer,’ zegt de nieuwslezer, ‘een honkbalknuppel aangetroffen, waarmee het hoofdletsel vermoedelijk…’ Aan het eind van de werkweek, na de uitzending op vrijdagavond, weet ze niet hoe gauw ze de slotborrel moet verlaten om naar huis te gaan, en tegelijk valt het afscheid van haar collega’s haar altijd zwaar, al hoeft ze hen maar twee dagen te missen. Op zondagavond razen de onderwerpen voor de komende week alweer door haar hoofd, maakt ze plannen, heeft ze enorm veel zin—en tegelijkertijd wil ze niet, wil ze niet vroeg op hoeven staan, Lydia naar de crèche brengen, naar haar werk fietsen. Haar zo kwetsbare oase achterlaten. Ze streelt Philips bebaarde wangen. Keel, adamsappel. Zijn hals, laat haar nagels over de haartjes knisperen, hij zegt: ‘Auw’, en: ‘Niet tegen de haarrichting in’, en ze verplaatst haar vingers naar zijn hoofdhaar, dat vol is en zacht. Zo lang samen, nog altijd iets te leren. Het nieuws is afgelopen. Volume omlaag. Ze bespreken de aanstaande week. Vergaderen, je kunt het overal doen, ook thuis. ‘…haal ik Lydia dinsdag van de opvang, en als jij dan de bood-‘ ‘terwijl ze praten glijdt haar wijsvinger over het scherm van haar iPhone. Ray op de Facebook-chat: ‘Kun jij morgen die dvd-box van The Hunters meenemen?’ ‘

 

Jamal Ouariachi (Amsterdam, 8 december 1978)

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Delmore Schwartz werd geboren op 8 december 1913 in New York. Zie ook alle tags voor Delmore Schwarz op dit blog.

 

Narcissus

DE GEEST IS EEN OUDE EN BEROEMDE HOOFDSTAD

De geest is een stad als Londen,
Rokerig en dichtbevolkt: het is een hoofdstad
Net als Rome, verwoest en eeuwig,
Gemarkeerd door de monumenten die niemand
Zich nu herinnert. Want de geest bevat, net als Rome
Catacomben, aquaducten, amfitheaters, paleizen,
Kerken en ruiterstandbeelden, gevallen, gebroken of vervuild.
De geest bezit en wordt bezeten door alle ruïnes
Van de gedenktekens van elke spookachtige, opgejaagde generatie.

“Noem ons wat je wilt: we zijn zo gemaakt door liefde.”
We zijn zulke spetters waar dromen van gemaakt worden, en
Onze kleine levens worden geregeerd door de goden, door Pan,
Die fluit bij iedereen, die alle druiven probeert te grijpen
Of grijpt; en door de pijl en boog god,
Cupido, die het hart doorboort, plotseling en voor altijd.

Schemering zijn we, naar de schemering terugkerend, na het kabbelen,
Na de gouden val, de gevallen as, het brons,
Verspreid en verrot, na de witte miezerige standbeelden die
Zijn winter, slaap en wezenloosheid: wanneer
Zal de huisverlichting van het universum
Oplichten en gloeien?
………………………………..Want het is niet de zee
Die ruist in een schelp,
En het is niet alleen het hart, op het uur van de harp,
Het is de gevreesde terreur van de oncontroleerbare
Paarden van de Apocalyps, die draven in wilde angst
Op weg naar Arcturus – en net zo plotseling terugkeren…

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Delmore Schwartz (8 december 1913 – 11 juli 1966)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 8e december ook mijn blog van 8 december 2018 deel 1 en eveneens deel 2.