Simon Carmiggelt, Arne Rautenberg

De Nederlandse schrijver en dichter Simon Carmiggelt werd geboren op 7 oktober 1913 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Simon Carmiggelt op dit blog.

De toneelcriticus

De criticus zit vadsig in zijn stoel
en kijkt neerslachtig naar ’t nieuwe stuk.
En heel de schouwburg weet het: ’t geluk
van onze diva koorddanst op zijn lustgevoel.

Vindt hij het goed, wat zij daar aanricht,
rollenden oogs en machtigen gebaars?
O – dit zijn voor ’t mens de uren des gevaars,
als zij voor déze blik haar sluier oplicht.

Hij zucht en mompelt. In de pauze zwijgt hij zuur
en giet de koffie in zijn tragisch mannenhoofd.
Zijn vrouw staat blij-voldaan. Heeft zij beloofd,
hem nooit te wekken voor ’t noodlotsuur?

Maar thuis vraagt zij, als een die weten moet:
‘Hoe was ’t Piet?’ Hij opent juist zijn jas.
Zijn buik zwelt op en met sonore bas
velt hij zijn oordeel: ‘Mien, het was niet goed.’

 

De bakker

Des morgens komt de bakker. Hij heet Gijs.
De naam van iemand uit een prentenboek.
Hij is al oud en zijn gehoor is zoek,
maar niets brengt hem in ’t leven van de wijs.

De bakker houdt van ons, wij houden van de bakker,
want ach, hij is zo’n lieve, goede Gijs.
Wel dom, maar als hij glimlacht is hij wijs
en maakt een diepe weemoed in ons wakker.

Hij heeft een zere voet, die laat hij telkens zien.
Die blote bakkerstenen – ’t Is een blaar
of een soort bult of een gezwel misschien.
Mijn vrouw bekijkt het en ik houd van haar.

Het leven ligt in duizend kleine dingen.
In de presentie van een brave Gijs,
met blaar en al – hij is misschien niet wijs,
maar zegt: ‘De wereld is vol schone dingen.’

En God mag weten wat hij dan bedoelt,
die goede Gijs, met zijn bezeerde teen,
maar ik moet knikken en ik denk alleen:
‘Gijs heeft gelijk – ik heb het steeds gevoeld.’

 

De vuilnismannetjes

Voor Nel Noordam

Op deze herfstdag zie ik uit mijn bed
een kar, met twee vergrijsde bukvazallen.
Zij rapen voor de stad al wat er is gevallen,
’t Zijn vuilnismannetjes, met ferme vuilnispet.

Wie riep daar ‘Och?’ Dit is een prachtig vak.
Niet als men ’t zoekt in slik of paardevijgen.
Maar deze twee, die naar het parkje tijgen,
maken een tovermantel van hun vuilnispak.

Met broze, witte hand collectioneren
zij al wat oud en moe is bij elkaar.
Een uitgedwarreld blad – een vale eikelaar,
zo’n lieve dode muis, wat droeve grijze veren.

En hier een damesknoopje, dat is vlotgekomen,
bij ’t bankje, als zo’n mannenhand verdwaalt.
Ook Amor hoort op de sublieme vaalt
die deze grijsaards zachtjes samendromen.

Het karretje is vol als d’avond naakt.
Zij rijden piepend weg. Ik denk naar huis.
Want in hun krotje wordt van scherf en pluis
een onbeschrijflijk meesterwerk gemaakt.

 

Simon Carmiggelt (7 oktober 1913 – 30 november 1987)
Borstbeeld door Kees Verkade in Amsterdam

 

De Duitse dichter, schrijver en kunstenaar Arne Rautenberg werd geboren op 10 oktober 1967 in Kiel. Zie ook alle tags voor Arne Rautenberg op dit blog.

 

de zangklok. zonsopgang 04.30 uur midden mei.

3.00 uur (roodstaart): het verhaal van je vader
is diep in de aarde begraven.
3.10 uur (roodborstje): men zal deze aarde voor je uitgraven..
3.15 uur (merel): iedereen van wie je ooit hebt gehouden is daarheen
gegaan, waar ze niet meer bestaan.
3.20 uur (winterkoninkje): en de flitslichten die kort
in je ogen nagloeien trekken grimassen.
3.30 (koekoek): en de lieve sterretjes
zoemen wekunnenwekunnenwe kunnenhetjounietgeven –
3.40 (koolmees): achter de storm zit een storm.
3.50 (tjiftjaf): achter de ster staat een ster.
4.00 (boekvink): ik loop door mijn stad en het is
niet mijn stad waar ik doorheen loop.
4.20 (huismus): ik denk mij en ik ben het
niet die mij denkt.
4,40 (spreeuw): de winter die mijn slaap in bed legt
waarin ik mijn slaap in bed leg.

als ontwaakprikkel voor vogels dient een bepaald niveau van helderheid. dit helderheidsniveau kan zo precies voor elke zangvogelsoort worden bepaald, dat men zich in het voorjaar door de roep van een zangvogel kan laten wekken.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Arne Rautenberg (Kiel, 10 oktober 1967)

 

Zie voor de schrijvers van de 7e oktober ook mijn blog van 7 oktober 2018 deel 1 en eveneens deel 2.