Iemand als een mensenzoon (Walter Jan Ceuppens)

Bij de 33e zondag door het jaar

 

 
De triomf van het Christendom over heidendom
door Gustave Doré, ca. 1868

 

Iemand als een mensenzoon

“Aggiornamento”, zei de wijze man en wij
we waren jonge veulens, springend, dansend,
rollend, brandend, af en aan als noordzeegolven
in de strakke zoute wind van al die jaren.

Kon niet, mocht niet doorgaan, wijs was dwaas, maar
nu ligt d’oude zondagstraat verlaten en geimplodeerd,
met hier en ginder nog een klaproos,
zielsverloren late bloei. Misschien komt iemand

als een Mensenzoon, de lange, hoge trappen af,
grijpt me, glimlacht breed, omhelst me, kust me vrede,
trekt me van mijn werk vandaan en draagt me,

stuwt me, noemt mijn naam. Verliefde verzen hoor ik,
ogen lichten, woorden stralen. Voel mijn handen,
tast je adem, springend, dansend, lieve Mensenzoon!

 

 
Walter Jan Ceuppens (Mechelen, 1942)
De Sint-Romboutskathedraal in Mechelen

 

Zie voor de schrijvers van de 18e november ook mijn volgende twee blogs van vandaag.