Hugo Claus, Algernon Swinburne, Bora Ćosić, Werner J. Egli, Mieke van Zonneveld, Michael Georg Conrad, Arthur Hailey, Paolo Ferrari, Marente de Moor

De Vlaamse schrijver Hugo Claus werd in Brugge geboren op 5 april 1929. Zie ook alle tags voor Hugo Claus op dit blog.

Uit:Het verdriet van België

“Met zijn door de Kei zo zijdelings fnuikend nonchalant aangevochten vriend Maurice de Potter (eerste in latijn en wiskunde, hoe kan het anders als je vier-vijf lessen leert vóór dat de klas er aan toe is en als je alles onthoudt?) belde Louis aan bij Marnix – Commissielid voor Herstelbetaling – de Puydt. Louis had de drukproef bij zich van een strooibiljet. In rondo cursief bovenaan in corps 8 tussen aanhalingstekens: ‘Mij worgt mijn wijdheid, ik stik van eindeloosheid, Cyriel Verschaeve.’ In het midden, in de gerekte Hidalgo met forse voet: Vlaanderen, werkelijkheid en oerbeeld. In de Egmont daaronder: Voordracht door de heer M. de Puydt, dichter en toneelauteur. Onderaan, in Rondo cursief corps 12: Ingang vrij. Zaal Groeninghe, Wannegem. De datum had Papa vergeten te noteren.
De dichter gleed hen vóór op de roodleren slofjes zonder hiel, hij knoopte de gevlochten ceintuur van zijn kamerjas goed vast, schikte zijn haar.
De eetkamer hing vol met portretten van bejaarden met baarden en brillen, zij leken op elkaar, weldoorvoed, borstelige wenkbrauwen, peinzend. Louis herkende Ernest Claes. En Stijn Streuvels uiteraard, die hing ook bij Papa in het atelier. (Want het geheim van Papa is dat hij Boer Vermeulen, de nukkige grimmige grijsaard uit De Vlaschaard, nadoet, die rots van boerentrots, doorploegd door de storm van het leven als een akker, enzovoort.)
‘Dat zijn allemaal Vlaamse Koppen, hé, Meneer de Puydt?’
‘Aan wie zegt ge het?’ Hij stak een stenen pijp tussen zijn natte smakkende lippen. ‘Ik heb gelukkig de gave van bewondering. In dit land bewondert men niet genoeg. Kenmerk van een klein land.
Daarom is de titel van Verschaeve zo verheffend, Uren Bewondering.’
Zijn kuiten waren haarloos en papierwit, de enkels hadden een violetachtige gloed. Hij hield de drukproef vlak tegen zijn neus.
‘Uitstekende arbeid, uw vader is een begenadigd artiest, in de lijn van onze grote drukkers die helaas in onze rampzalige Spaanse tijd naar Holland zijn getrokken.’

 
Hugo Claus (5 april 1929 – 19 maart 2008)
Scene uit de gelijknamige tv-miniserie uit 1995

Doorgaan met het lezen van “Hugo Claus, Algernon Swinburne, Bora Ćosić, Werner J. Egli, Mieke van Zonneveld, Michael Georg Conrad, Arthur Hailey, Paolo Ferrari, Marente de Moor”

Martin Reints

De Nederlandse dichter en essayist Martin Reints werd geboren op 5 april 1950 in Amsterdam. Hij studeerde Nederlands in zijn geboortteplaats. Sinds 1970 publiceert Martin Reints gedichten in literaire tijdschriften. in 1981 verscheenn zijn poëziedebuut “Waar ze komt daar is ze”. Zijn tweede bundel “Lichaam en ziel” uit 1992 werd bekroond met de Herman-Gorter-Prijs en voor de essaybundel “Nacht- en dagwerk” (1998) kreeg hij de J. Greshoff-Prijs. “Tussen de gebeurtenissen” (2000) werd genomineerd voor de VSB Poëzieprijs, evenals “Ballade van de winstwaarschuwing” (2005). “Lopende zaken” verscheen in 2010, in 2012 gevolgd door “Schuifwanden”.

Grasmaaier

De gedachten gaan hun gang,
maar niet hun eigen gang

zoals een grasmaaier die voor je uit gaat
als je erachteraan loopt

nu je niet kunt slapen
wacht je:
tot wat er in je hoofd gebeurt zijn eigen vlucht gaat nemen

val je niet in slaap
of je kunt niet in slaap vallen

of: kun je je niet in slaap laten vallen
wat is het

je laat je voeten zwaar worden,
je benen, je hele lichaam
tot het zo zwaar is dat het door het bed lijkt te zakken waar je in ligt

of waar je op ligt
wat is het, nachtelijke grasmaaier

wat, tot je lichaam er niet meer is
of tot het licht begint te worden.

 

De mei van Gorter

Het is een ding met muziek erin
dat deel uitmaakt van mijn wereld:

op een plank staande of liggende op een schrijftafel
en soms op een hoofdkussen of zoals nu
opengeslagen naast de vuilnisbak op mijn balkon –

een papieren ooievaar kan niet vliegen
en wolken zijn mij geen kamelen in de lucht
en mijn huis is ook geen rots
bezocht door Griekse of Germaanse goden

is het mei in mijn agenda,
zo is het mei op mijn balkon –

het is een hemels ding

het is mijmering,
aankondiging van dreigende waanzin
is het en er is weidsheid en zonlicht in
en toch ook wel onzin.

 
Martin Reints i(Amsterdam, 5 april 1950)

 

Vítězslav Hálek

De Tsjechische dichter, schrijver en journalist Vítězslav Hálek werd geboren op 5 april 1835 in Dolínek Mělníka. Hálek behoorde samen met Jan Neruda, Jakub Arbes, Adolf Heyduk en Rudolf Mayer tot de vertegenwoordigers van de zogenaamde Májovci, (de mei school), waarmee een nieuw tijdperk van de Tsjechische literatuur begon en waarvan hij de woordvoerder was. Hij schreef al gedichten als leerling van het Praagse gymnasium. Na voltooiing van zijn studie aan de filosofische faculteit van de Karelsuniversiteit in Praag wijdde hij al zijn tijd aan de literatuur en journalistiek. Het zwaartepunt van zijn werk lag bij de lyrische poëzie. Zijn bundesl “Avendliederen” (Večerní písně) en “In de natuur” (V Prirode) behoren tot de fundamenten van de Tsjechische poëzie van de 19de eeuw. Realistisch waren vooral zijn verhalen en novellen, die draaiden om Praagse thema’s en dorpsverhalen, maar ook zijn journalistieke werk. Als redacteur van de Nationale Krant (Národní listy) schreef hij honderden politieke artikelen, literaire feuilletons, theaterkritieken en reisverslagen. Hij was bij de eerste “Mei Almanak” (1858) betrokken en bewerkte zijn eigen jaarboeken. Hálek was mede-redacteur van de tijdschriften “Bloemen” (Květy) en “Lumír”. Hij was actief in de discussiegroep van kunstenaars (Umělecká Beseda), het centrum van het culturele en sociale leven van zijn tijd. Na zijn dood viel de groep van Májovci uiteen.

Eveningsongs

1.
The spring came flying from afar;
With fresh desires all’s teeming;
All things pressed forward to the sun-
So long all had been dreaming!

The finches flew out of their nest
And children from their bowers,
And on the meadows sweetest scents
Breathe countless little flowers.

Young leaves press their way from the twigs
And from birds’ throats their voices,
And in the heart with budding love
The youthful breast rejoices.

2.
I am the knight from the old tale
Who proudly to the far world rode
To see the lass who’s like a rose
And to discover her abode.

Who would behold her-said her fame-
Would by a ban at once be struck;
His heart would be rent from his breast,
Or he would change to be a rock.

Thought I to myself, possibly
For clemency there might be room.
I ventured out and for my sin-
Became a bard by rigid doom.

3.
The humming of the trees has ceased,
Their leaves breathe calmly, neatly;
The bird is dreaming its fair dream
So quietly, so sweetly.

The heavens’ stars have all come out,
All things rest in calm gladness,
But in the breast the sorrow wakes
And in the heart the sadness.

The fragrant blossom’s pretty cup
Receives dew in its centre-
My God, and I, too, feel that dew
In mine eyes gently enter.

 

Vertaald door Joseph Stybr

 
Vítězslav Hálek (5 april 1835 – 8 oktober 1874)

In Memoriam Wim Brands

In memoriam Wim Brands

De Nederlandse dichter, journalist en presentator Wim Brands is maandag op 57-jarige leeftijd in zijn woonplaats Amsterdam overleden. Dat maakte de VPRO bekend. Wim Brands werd geboren in Brummen op 29 maart 1959. Zie ook alle tags voor Wim Brands op dit blog.

 

Ze hangt als een lege boodschappentas

Ze hangt als een lege boodschappentas
aan mijn arm en ik bedenk me
wat er met haar
uit mijn leven verdwijnt: Buisman,
een stoof, de theemuts.
Niets houdt haar trouwens
nog warm.
Bevelend wijst ze naar de supermarkt
en vraagt me wat ik zie: ik noem
een naam.
Nee idioot, dat is de overkant
en hoe komen wij daar?
Ik wil haar nooit meer ontstemmen,
zeg me hoe.
Maak je maar klaar,
we zullen moeten zwemmen.

 

Ik sta op en ga naar het vliegveld

Ik sta op en ga naar het vliegveld,
verlies mezelf in een massa bij Aankomst.
Seattle: 9:30, Hanoi: 9:20. Ik kies.
En praat met een arrivé. Over het noodweer
boven zee, de uiteindelijk voorspoedige
vlucht.
Ik ben vrolijk als het moet, klaag
desgewenst mee.
Na een half uur ga ik terug en sta
op tijd aan het bed.
Waar kom je vandaan?
Ik heb boodschappen gedaan.
Kijk, een vingerhoed en een zoutvaatje.
Handig als we gaan.

 
Wim Brands (29 maart 1959 – 4 april 2016)