Karl Ove Knausgård, Peter Handke, Rafał Wojaczek, Henk van Woerden, Alfred Joyce Kilmer

De Noorse schrijver en vertaler Karl Ove Knausgård werd geboren in Oslo op 6 december 1968. Zie ook alle tags voor Karl Ove Knausgård op dit blog.

Uit: Vrouw (Vertaald door Marianne Molenaar)

“Het idee om mijn veertigste verjaardag te vieren was geen moment bij me opgekomen, het was absoluut niet aan de orde. Maar vroeg in de herfst het jaar daarvoor, dat wil zeggen in september 2008 bij Yngve in Voss op bezoek, waren Yngve en Linda er plotseling over begonnen. Toen de kinderen naar bed waren, zaten we ’s avonds op het terras, elk met een glas rode wijn in de hand. De hemel boven ons was inktzwart en duizelde van de sterren. De lucht was koud en helder.
‘We hadden het even over je veertigste verjaardag’, zei Linda en ze keek me in het flauwe schijnsel van de deur naar het terras aan.
‘O?’ zei ik.
‘Ja. We zijn tot de conclusie gekomen dat je een echt feest moet geven en het groots moet vieren.’
‘Iedereen uitnodigen die je kent’, zei Yngve. ‘Dan kunnen de Kafkatrakterne en de Lemen spelen, bijvoorbeeld.’
‘Maar dat is het laatste wat ik wil’, zei ik. ‘Dat is echt het ergste wat ik me kan voorstellen.’
‘Dat weten we’, zei Linda. ‘Maar je hebt je lang genoeg verstopt gehouden, toch?’
‘Wie moet ik dan uitnodigen?’
‘O, dat zijn er een heleboel’, zei Yngve. ‘Je kent veel meer mensen dan je denkt. Je moet gewoon even nadenken.’
‘Kan zijn’, zei ik terwijl ik naar Linda keek. ‘Maar als ik mocht kiezen, zou ik het het liefst alleen met jullie vieren, als een doodnormale verjaardag. Dat is toch leuk. Jullie komen al zingend met kaarsjes en cadeautjes binnen. Dat is feestelijk genoeg wat mij betreft.’
‘Dat is duidelijk’, zei Linda.”

 
 Karl Ove Knausgård (Oslo, 6 december 1968)

 

De Oostenrijkse schrijver Peter Handke werd op 6 december 1942 in Griffen in Karinthië geboren. Zie ook alle tags voor Peter Handke op dit blog.

Uit: Kali: Eine Vorwintergeschichte

„Auch mir hat sie Angst gemacht, macht sie Angst. Aber ich möchte mich ihr stellen.
Allmählich setzt das Gedächtnis ein, und ich höre sie, noch ohne sie zu sehen. Und was höre ich von ihr? Ist das ihre Stimme? Oder ein Instrument? Der Ton, eher der Klang, hat etwas von beidem. Es ist eine Art von Zusammenklang, von Instrument und Stimme. Oder nichts als ein Instrument, das sich darüber hinaus als Stimme anhört? Gesang? Nein, Stimme, wie nur je eine, ein Rufen wie manchmal im Traum, ein Ruf, der bei mir ankommt als ein Gerufenwerden wie keines sonst, und so ankommt nicht nur bei mir. Denn nach ein paar Augenblicken der Stille höre ich eine mehrtausendfache Antwort, unisono, einen allgemeinen Aufschrei, der ein Versprechen ist. An sie, die Ruferin? Nein: eines jeden so Aufschreienden an sich selber; ein geschrieener Schwur an mich selber. Dabei habe ich den Klang auch als einen Drohruf im Ohr, zugleich als einen Zornausbruch, zugleich als einen Schmerzenslaut.
Es war ein Schlußklang, den ich gehört habe, der Schlußklang eines Konzerts, des letzten während ihrer Tournee vor dem Winter. Soll ich sie Sängerin nennen? Oder Ruferin? Am ehesten hat sie bei ihren Bühnenauftritten auf mich als eine Musikantin gewirkt, wenn spielend, so nicht für uns, sondern rein um des Spiels willen, und so auch ohne je den Anschein oder das Gehabe eines Spiels. Ab dem Schlußklang jetzt, mit dem diese Geschichte anhebt, soll sie freilich keine Musikantin mehr sein, nur noch, bis zum Ende der Geschichte, die und die.
Und nun sehe ich sie auch. (Es wurde Zeit.) Nicht auf der Bühne ist sie mir in den Blick geraten – als sei solch ein Bild für das Gedächtnis tabu –, vielmehr hier auf der Hinterbühne.“

 
Peter Handke (Griffen, 6 december 1942)
Cover 

 

De Poolse dichter Rafał Wojaczek werd geboren in Mikołów op 6 december 1945. Zie ook alle tags voor Ralf Wojaczek op dit blog.

My wide-footed brain wandered abroad

My wide-footed brain wandered abroad
And hundreds of miles afar is now a moon

My blue-eyed sight over shortness
Followed and married him to stars

And my religious hunger, now invents God
To make them a frame, to fill the void.

Then my silly pious sense of harmony
Loudly rejoices in orderly actuality

But already, my fierce rebellion, the best poet
Calmly sharpens a knife on the stone of my heart.

 

Voleur d’éspoir, sinistre matin

Voleur d’éspoir, sinistre matin
S’il voulait allumer une cigarette
En mettant le soleil entre les nuages
Je n’aurais plus rien contre son dédain

De mon sang étendu au sol en vain.
Autant triste que l’asphalte matinal
D’une route interdite ou la nappe d’eau
D’un lac protégé ou comme une

Abandonnée table de billard.
Mais lui – il ne se fait rien du tout
De ma reproche et apporte à nouveau
Un sac rempli du déséspoir.

 

Vertaald door Tomasz Gil

 
Rafał Wojaczek (6 december 1945 – 11 mei 1971)
Cover 

 

De Nederlandse schrijver en schilder Henk van Woerden werd op 6 december 1947 geboren te Leiden. Zie ook alle tags voor Henk van Woerden op dit blog.

Uit: Een mond vol glas

“Demitrios heeft zijn leven lang volgehouden dat er ergens in zuidelijk Afrika een vrouw op hem wachtte, een jeugdliefde. Al dan niet ingebeeld, het was een meisje bij wie hij helaas geen kinderen zou kunnen verwekken, op straffe van een te donkere nageslacht. Ze sou een aangeboren, verborgen afwijking aan het licht kunnen brengen: zijn slechte bloed, zijn halve bloed. Het moet nog bevreemdender zijn geweest om half-zwart te zijn en wit te lijken. Een witte met een zwart gemoed. Hij kon voor blank doorgaan, ’play white’, tot op zekere hoogte. Of hij kon, toen zijn omzwervingen in Europa eenmaal waren mislukt, voor kleurling doorgaan, beschaamd, wraakbelust. Hij bracht de luidruchtige hoofdman van een blanke stam om het leven, lintworm of geen lintworm, hij hakte zijn kop eraf.
Enkele uren na de moord op Verwoerd had zijn echtgenote Betsie Verwoerd zichzelf getroost met de woorden: ’God maak nie `n fout nie.’
Maar voor Demitrios’ daad hoeft geen hemelse verklaring te worden gezocht – die vloeide rechtstreeks voort uit een zeer ondermaans herkenbaar trauma. Het stamgevoel van de Afrikaners was indertijd grotendeels opgebouwd uit dezelfde sentimenten die Tsafendas koesterde: heimwee naar huis, zucht naar erkenning, een besef dat men te lang zwervende in de woestijn was geweest, afgesneden van de oorsprong, van zuiverheid en van de ’echte wereld. De Afrikaner was bereid geweest een thuisland te bevechten door middel van geweld, staatsgeweld as het moest. De preoccupatie met zuiverheid en onbezoedeld bloed was daar een kernachtig onderdeel van.
Wie was eigenlijk gekker geweest: Verwoerd of Tsafendas?”

 
Henk van Woerden (6 december 1947 – 16 november 2005)
Portret door Frederik Johannes Pähler, 2006

 

De Amerikaanse journalist en dichter Alfred Joyce Kilmer werd geboren op 6 december 1886 in New Brunswick, New Jersey. Zie ook alle tags voor Alfred Joyce Kilmer op dit blog.

As Winds That Blow Against A Star
(For Aline)

Now by what whim of wanton chance
Do radiant eyes know sombre days?
And feet that shod in light should dance
Walk weary and laborious ways?

But rays from Heaven, white and whole,
May penetrate the gloom of earth;
And tears but nourish, in your soul,
The glory of celestial mirth.

The darts of toil and sorrow, sent
Against your peaceful beauty, are
As foolish and as impotent
As winds that blow against a star.

 
Alfred Joyce Kilmer (6 december 1886 – 30 juli 1918)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e december ook mijn vorige blog van vandaag.