Antonio Muñoz Molina, Annette von Droste-Hülshoff, Dennis Cooper, Adrian Kasnitz, Mies Bouhuys, Harrie Geelen, Yasmina Khadra

De Spaanse schrijver Antonio Muñoz Molina werd geboren op 10 januari 1956 in Úbeda in de provincie Jaén. Zie ook alle tags voor Antonio Muñoz Molina op dit blog.

Uit: Alles wat solide was (Vertaald door Tineke Hillegers-Zijlmans en Frieda Kleinjan-van Braam)

“Tenzij je een cynicus bent of een gewetenloze schurk, geneest het hebben van kinderen je van apocalyptische verleidingen, van die obligate woede waarmee sommige ouderen verbitterd door de gebreken van hun leeftijd en het naderen van de dood zouden willen dat de wereld hen niet overleeft. Wat je graag wil is dat de veranderingen die wellicht komen niet catastrofaal zijn en dat je kinderen een behoorlijk leven hebben, zoals de meeste mensen zich voorstellen en wensen, met uitzondering van psychopaten en visionairs.
Camus zegt dat het geruststellende weten dat de volmaakte septembermiddagen zullen blijven bestaan als wij er niet meer zijn je verzoent met de dood. Ik zou willen dat mijn kinderen en de mensen van wie ze houden geen slechter leven hebben dan dat wat ik heb gehad, dat ze niet minder kansen krijgen, geen giftiger lucht hoeven in te ademen, niet hoeven te werken als slaven of meedogenloos moeten wedijveren of zich verdedigen achter geblindeerde deuren en hoge cementen muren, noch dat ze geplaagd worden door angst voor een ongeneeslijke ziekte of medische behandelingen die ze niet kunnen betalen.
Wat zou het fijn zijn als ze door Europa konden blijven reizen zonder bij de grens te worden aangehouden, of bang te hoeven zijn dat ze hun paspoort of visum moeten laten zien; als ze nooit trouw hoeven te zweren aan een dictator of in een menigte een demagoog hoeven toe te juichen, als ze hun gedachten niet hoeven te verbergen of moeten zeggen wat ze niet denken.”

 
Antonio Muñoz Molina (Úbeda, 10 januari 1956)

Doorgaan met het lezen van “Antonio Muñoz Molina, Annette von Droste-Hülshoff, Dennis Cooper, Adrian Kasnitz, Mies Bouhuys, Harrie Geelen, Yasmina Khadra”

Jared Carter, Jutta Treiber, Franz Kain, Philip Levine, Renate Schostack, Ingeborg Drewitz

De Amerikaanse dichter Jared Carter werd geboren op 10 januari 1939 in Elwood, een dorpje in Indiana, VS. Zie ook alle tags voor Jared Carter op dit blog.

Improvisation

To improvise, first let your fingers stray
across the keys like travelers in snow:
each time you start, expect to lose your way.

You’ll find no staff to lean on, none to play
among the drifts the wind has left in rows.
To improvise, first let your fingers stray

beyond the path. Give up the need to say
which way is right, or what the dark stones show;
each time you start, expect to lose your way.

And what the stillness keeps, do not betray;
the one who listens is the one who knows.
To improvise, first let your fingers stray;

out over emptiness is where things weigh
the least. Go there, believe a current flows
each time you start: expect to lose your way

Risk is the pilgrimage that cannot stay;
the keys grow silent in their smooth repose.
To improvise, first let your fingers stray.
Each time you start, expect to lose your way.

 
Jared Carter (Elwood, 10 januari 1939)
Cover

Doorgaan met het lezen van “Jared Carter, Jutta Treiber, Franz Kain, Philip Levine, Renate Schostack, Ingeborg Drewitz”

Robinson Jeffers, Giselher Werner Hoffmann, Jan H. Eekhout, Vicente Huidobro, Aubrey Thomas de Vere, Alexei Tolstoy

De Amerikaanse dichter en schrijver John Robinson Jeffers werd geboren op 10 januari 1887 in Allegheny, nu Pittsburgh, Pennsylvania. Zie ook ook alle tags voor Robinson Jeffers op dit blog.

Delusion Of Saints

The old pagan burials, uninscribed rock,
Secret-keeping mounds,
Have shed the feeble delusions that built them,
They stand inhumanly
Clean and massive; they have lost their priests.
But the cross-bearing stones
Still foot corruption, and their faces carved
With hopes and terrors
At length too savagely annulled to be left
Even ridiculous.
Long-suffering saints, flamelike aspirers,
You have won your reward:
You sleep now as easily as any dead murderer
Or worn-out lecher.
To have found your faith a liar is no thorn
In the narrow beds,
Nor laughter of unfriends nor rumor of the ruinous
Churches will reach you.
As at Clonmacnoise I saw them all ruined,
And at Cong, at Glendalough,
At Monasterboice; and at Kilrnacduagh
All ruined, all roofless
But the great cyclopean-stoned spire
That leans toward its fall.
A place perfectly abandoned of life,
Except that we heard
One old horse neighing across the stone hedges
In the flooded fields.

 

End Of The World

When I was young in school in Switzerland, about the time of the Boer War,
We used to take it for known that the human race
Would last the earth out, not dying till the planet died. I wrote a schoolboy poem
About the last man walking in stoic dignity along the dead shore
Of the last sea, alone, alone, alone, remembering all
His racial past. But now I don’t think so. They’ll die faceless in flocks,
And the earth flourish long after mankind is out.

 
Robinson Jeffers (10 januari 1887 – 20 januari 1962)
Portret door  Hamilton Wolf, 1919

Doorgaan met het lezen van “Robinson Jeffers, Giselher Werner Hoffmann, Jan H. Eekhout, Vicente Huidobro, Aubrey Thomas de Vere, Alexei Tolstoy”

Saskia Stehouwer

De Nederlandse dichteres Saskia Stehouwer werd geboren op 10 januari 1975 in Alkmaar. Zij groeide op in Koedijk en Schoorl en volgde het Murmelliyus Gymnasium te Alkmaar (1987-1993). Stehouwer studeerde in 1993-1994 Engels aan Exeter University. Van 1994-2000 studeerde ze Nederlands en Engels aan de Universiteit van Amsterdam. Van 2001-2012 was Stehouwer als redacteur en projectleider werkzaam bij de Vrije Universiteit te Amsterdam. Ze was intensief betrokken bij de ontwikkeling van SAVUSA, het Zuid-Afrika instituut van de VU. In 2012 richtte ze het Life Coach-bedrijf ‘U bevindt zich hier’ op. Daarnaast was zij medewerkster aan o.a. Awater, De Revisoren Slang literair magazine.

niet over de blaadjes fietsen

op muisgrijze pantoffels
sluipt de droom de kamer uit
wij worden wakker
bij elkaar in de buurt
de zon stift onze lippen

mijn omtrek staat in de kromming van je rug
maar wat laat ik na

hoe je deugt zoals je buigt
wie bepaalt waarheen

ik wil stofzuigen tot elk oppervlak
een heldere gedachte is
die mijn handen warm houdt

ik wil een goede kaart
waar ik niet afval

ik ben de goudvis
die steeds zijn kom ontmoet
hoed afneemt
praatje maakt over het weer
maar nooit de zee zal voelen
en weten: dit is de zee

 

 
Saskia Stehouwer (Alkmaar, 10 januari 1975)