Pierre Kemp, Tahar Ben Jelloun, Billy Childish, Henry Williamson, Daniel Pennac, Ernst Toller

 

De Nederlandse dichter Pierre Kemp werd geboren in Maastricht op 1 december 1886. Zie ook alle tags voor Pierre Kemp op dit blog.

 

Dromend van zulk blauw

Als ik nog lang naar dat blauw blijf kijken
mis ik mijn trein,
maar om zulk blauw zonder gelijke
moet het zo zijn.
Treinen kan ik nog vaak betreden,
maar deze straling zal ik misschien
in al zij innigheid na heden
bij leven niet meer zien.

 

 

Na het feest

De kleine mensen gaan tussen de grote
met het speelgoed van hun ogen.
Er slapen ook zulke vette bloemen in de sloten
en de takken waren zo blauw toen de maan
aan de andere kant van het huis ging staan.
In héél dit zacht delirium
van nacht en fruit en bloem
klinkt dof een weggedragen trom.

 

 

Kind voor een raam

Een kind voor een raam kijkt naar een korte trein.
Zo ben ik ook geweest, al zag
ik langere treinen over de lijn
glijden uit de opening van de dag.
Een kind voor een raam ben ik nog en ik tel
met héél klein vingertje de wielen
van andere dingen, zo snel
als zielen.

 

 
Pierre Kemp (1 december 1886 – 21 juli 1967)

Continue reading “Pierre Kemp, Tahar Ben Jelloun, Billy Childish, Henry Williamson, Daniel Pennac, Ernst Toller”

Arthur Sze

 

De Chinees-Amerikaanse dichter Arthur Sze werd geboren op 1 december 1950 in New York. Sze studeerde aan de Universiteit van California, Berkeley. Zijn gedichten zijn verschenen in The American Poetry Review, Boston Review, Conjunctions, The Kenyon Review, Manoa, The Paris Review, The New Yorker en de Virginia Quarterly Review,, en zijn vertaald in het Albanees, Chinees, Nederlands, Italiaans, Roemeens en Turks. Hij heeft acht bundels poëzie op zijn naam staan, waaronder The Ginkgo Light (2009) en de Windroos (2014), auteur. De laatste bundel was finalist voor de 2015 Pulitzer Prize voor Poëzie. Zijn werk is opgenomen in vele bloemlezingen. Hij was Visiting Hurst hoogleraar aan de Universiteit van Washington, een Doenges Visiting Artist aan Mary Baldwin College, en werkte aan de Brown University, Bard College en Naropa-universiteit. Hij is emeritus hoogleraar aan het Institute of American Indian Artsis, de eerste Poet Laureate van Santa Fe. In 2012 werd Sze gerkozen als Chancellor of the Academy of American Poets.

 

Shooting Star

1
In a concussion,
the mind severs the pain:
you don’t remember flying off a motorcycle,
and landing face first
in a cholla.

But a woman stabbed in her apartment,
by a prowler searching for
money and drugs,
will never forget her startled shriek
die in her throat,
blood soaking into the floor.

The quotidian violence of the world
is like a full moon rising over the Ortiz mountains;
its pull is everywhere.
But let me live a life of violent surprise
and startled joy. I want to
thrust a purple iris into your hand,
give you a sudden embrace.

I want to live as Wang Hsi-chih lived
writing characters in gold ink on black silk—
not to frame on a wall,
but to live the splendor now.

 

2
Deprived of sleep, she hallucinated
and, believing she had sold the genetic
research on carp, signed a confession.
Picking psilocybin mushrooms in the mountains

of Veracruz, I hear tin cowbells
in the slow rain, see men wasted on pulque
sitting under palm trees. Is it
so hard to see things as they truly are:

a route marked in red ink on a map,
the shadows of apricot leaves thrown
in wind and sun on a wall? It is
easy to imagine a desert full of agaves

and golden barrel cactus, red earth, a red sun.
But to truly live one must see things
as they are, as they might become:
a wrench is not a fingerprint

on a stolen car, nor baling wire
the undertow of the ocean. I may hallucinate,
but see the men in drenched clothes
as men who saw and saw and refuse to see.

 

 
Arthur Sze (New York,1 december 1950)

Herinnering aan Ramses Shaffy

 

Herinnering aan Ramses Shaffy

Nederlands grootste chansonnier Ramses Shaffy is vandaag precies vijf jaar geleden op 76-jarige leeftijd overleden.

De Nederlandse chansonnier en acteur Ramses Shaffy werd op 29 augustus 1933 geboren in de Parijse voorstad Neuilly-sur-Seine als zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin van Russische afkomst. Zie ook alle tags voor Ramses Shaffy op dit blog.

 

 
Ramses Shaffy (29 augustus 1933 – 1 december 2009)

 

 

Mateloos

Als ik je aankijk, heb ik nergens meer greep op
Ik voel me wegdrijven, ik los op
Ik sta voor je, verlegen als een kind
Mateloos stroom ik over, mateloos

Als ik je aankijk, heb ik nergens meer greep op
Ik swing door de straten als een discodanser
Ik sta voor je, trillend van dankbaarheid
Mateloos stroom ik over, mateloos

En dan in bad, lach niet, ik kus je voeten over en weer
Je haalt adem alsof je slaapt, maar je slaapt niet
Ik zeg hardop: Wat ben jij prachtig
Je schiet in een lach omdat ik vroeger
Een liedje heb gemaakt over twee deftige
Oude dames in het bad, die tegen elkaar zeien
Wat zijn wij prachtig
Wat zijn wij prachtig allebei
We komen niet meer bij

Dan zijn we stil, je beroert me
Ik kus je voeten een eeuwigheid
We steken het licht aan en nemen een sigaret
En kleden ons aan om ergens wat koffie te drinken
Om op de tramhalte stil tegen je aan te staan
Met gesloten ogen de auto’s voorbij te horen gaan
En de stemmen van mensen, voetstappen, de fietsen
Stil tegen je aan te staan in eeuwigheid

Om dan later een beetje lachend
De eerste de beste zijstraat in te slaan
Om dan in bed stil tegen je aan te liggen met open ogen
Je vindt me een klein jongetje
Je aait m’n neus, m’n hoofd, m’n haar
Stil tegen je aan te liggen in eeuwigheid

Je maakt grapjes tegen me dat je straks
Een boterham met pindakaas klaar zult maken
En morgen mag ik naar de speeltuin
Want eens zul je er niet meer zijn
Een eeuwigheid stil naast je te liggen
En tot die tijd wil je me alles geven

Als ik je aankijk, heb ik nergens meer greep op
Ik adem je in tot ik niet meer kan
Ik ben nog bij je
Mateloos stroom ik over in jou, mateloos

Na een moment te zijn gestorven
Geef ik je terug aan de natuur
Ik geef je terug aan je dans tussen de mensen
Ik help je terug naar de ruimte
En de vrijheid en de lente
Met heel mijn hart help ik je terug naar jou
Wat ben je stil

Als ik je aankijk, heb ik nergens meer greep op
Je straalt onder je huid in de nacht
Open, zonder verweer
Mateloos stroom je over, mateloos hou ik van jou