David Vann, Philip Pullman, Miguel Ángel Asturias, Fannie Hurst, Leigh Hunt

De Amerikaanse schrijver David Vann werd geboren op 19 oktober 1966 op Adak Island,  Alaska. Zie ook alle tags voor David Vann op dit blog.

 

Uit: Caribou Island

 

„My mother was not real. She was an early dream, a hope. She  was a place. Snowy, like here, and cold. A wooden house on a  hill above a river. An overcast day, the old white paint of the buildings made brighter somehow by the trapped light, and I  was coming home from school. Ten years old, walking by myself,  walking through dirty patches of snow in the yard, walking up to  the narrow porch. I can’t remember how my thoughts went then,  can’t remember who I was or what I felt like. All of that is gone,  erased. I opened our front door and found my mother hanging  from the rafters. I’m sorry, I said, and I stepped back and closed  the door. I was outside on the porch again.
You said that? Rhoda asked. You said you were sorry?
Yes.
Oh, Mom.
It was long ago, Irene said. And it was something I couldn’t  see even at the time, so I can’t see it now. I don’t know what she  looked like hanging there. I don’t remember any of it, only that it was.
Rhoda scooted closer on the couch and put her arm around  her mother, pulled her close. They both looked at the fire. A  metal screen in front, small hexagons, and the longer Rhoda  looked, the more these hexagons seemed like the back wall of  the fireplace, made golden by flame. As if the back wall, black  with soot, could be revealed or transmuted by fire. Then her eyes  would shift and it would be only a screen again. I wish I had  known her, Rhoda said.
Me too, Irene said. She patted Rhoda’s knee. I need to get to  sleep. Busy day tomorrow.
I’ll miss this place.
It was a good home. But your father wants to leave me, and the  first step is to make us move out to that island. To make it seem  he gave it a try.
That’s not true, Mom.
We all have rules, Rhoda. And your father’s main rule is that  he can never seem like the bad guy.
He loves you, Mom.
Irene stood and hugged her daughter. Goodnight, Rhoda.”

 

 


David Vann (Adak Island, 19 oktober 1966)

Continue reading “David Vann, Philip Pullman, Miguel Ángel Asturias, Fannie Hurst, Leigh Hunt”

Nardo Aluman, Andrew Vachss, John le Carré, Adam Lindsay Gordon

De Surinaamse schrijver Nardo Aluman (eig. Ronald Renardo Aloema) werd geboren in Christiaankondre op 19 oktober 1946. Zie ook alle tags voor Nardo Aluman op dit blog en eveneens mijn blog van 19 oktober 2010

 

Uit: Epakano Jakonombo/Tijdens de opstanding

 

“Heel, heel lang voor de witte man kwam, bestond er een welvarend en vreugdevol dorpje aan de bovenloop van de Amana-rivier in het huidige Frans-Guyana. De naam Amana (Mana) is ontleend aan een soort klei. Het is een roodgele klei en komt veel voor aan de oevers van deze rivier. Van deze klei vervaardigen de Caraïbische vrouwen van de dorpen Awara en Galibi nog altijd hun aardewerk. Het dorp was gevestigd bij een grote Ulemari-boom en heette daarom Ulemari-undy (de stam van de Ulemari).

De rivier Amana leverde tal van middelen van bestaan. Aan vis en vlees had men in het dorp dan ook nooit gebrek. De bevolking van Ulemari-undy deed ook aan landbouw en het dorp was volbeplant met allerlei soorten vruchtbomen. De bewoners vormden een grote familie die onder leiding stond van een pyjai. Deze man was één van de grootste pyjai’s in de Guyana’s. Iedereen in de Guyana’s kende hem en men had veel eerbied voor hem. Zijn onderdanen durfden hem niet bij zijn naam te noemen en daarom wist niemand hoe hij heette. Zijn aanspreektitel was ‘Byjai’, dat betekent leermeester. Zoals het overal in de wereld toegaat, had deze Byjai ook tegenstanders in de andere dorpen; mensen die niet van hem hielden, omdat zij jaloers op hem waren. Maar waarom was men eigenlijk jaloers op hem? Wel, deze man bezat een aantal bijzondere gaven. Zo kon hij zich op bepaalde momenten één maken met de natuur. De vogels en andere dieren, dus ook de wilde poema, gehoorzaamden hem. Hij kon met ze spelen en hun opdrachten geven. Hij alleen kon met de totale natuur communiceren, zelfs met het kleinste levende wezen, zoals de krekel. Soms, als hij zin had, ging hij met de vogels op pad. Geen wonder dat deze man nooit problemen had met het vergaren van voedsel voor zijn gezin. Natuurlijk waren er mannen in het dorp die erachter wilden komen hoe hij dat allemaal deed.”

 

 

Nardo Aluman (Christiaankondre, 19 oktober 1946)

Continue reading “Nardo Aluman, Andrew Vachss, John le Carré, Adam Lindsay Gordon”