200 Jaar Georg Büchner, Simon Vestdijk, Miguel Delibes, Arthur Miller, Nel Noordzij

200 Jaar Georg Büchner

 

De Duitse schrijver Georg Büchner werd geboren op 17 oktober 1813 in Goddelau. Dat is vandaag precies 200 jaar geleden. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Georg Büchner op dit blog.

                                                                                                            

Uit: Woyzeck

 

„Hauptmann: Woyzeck, Er hat keine Tugend! Er ist kein tugendhafter Mensch! Fleisch und Blut? Wenn ich am Fenster lieg’, wenn’s geregnet hat, und den weißen Strümpfen nachseh’, wie sie über die Gassen springen – verdammt, Woyzeck, da kommt mir die Liebe! Ich hab’ auch Fleisch und Blut. Aber, Woyzeck, die Tugend! Die Tugend! Wie sollte ich dann die Zeit rumbringen? Ich sag’ mir immer: du bist ein tugendhafter Mensch – gerührt: –, ein guter Mensch, ein guter Mensch.

Woyzeck: Ja, Herr Hauptmann, die Tugend – ich hab’s noch nit so aus. Sehn Sie: wir gemeine Leut, das hat keine Tugend, es kommt nur so die Natur; aber wenn ich ein Herr wär und hätt’ ein’ Hut und eine Uhr und eine Anglaise und könnt’ vornehm rede, ich wollt’ schon tugendhaft sein. Es muß was Schönes sein um die Tugend, Herr Hauptmann. Aber ich bin ein armer Kerl!

Hauptmann: Gut, Woyzeck. Du bist ein guter Mensch, ein guter Mensch. Aber du denkst zuviel, das zehrt; du siehst immer so verhetzt aus. – Der Diskurs hat mich ganz angegriffen. Geh jetzt, und renn nicht so; langsam, hübsch langsam die Straße hinunter!

 

 


Scene uit de film van Werner Herog met Klaus Kinski als Woyzeck, 1979.

 

 

Freies Feld, die Stadt in der Ferne

Woyzeck und Andres schneiden Stecken im Gebüsch. Andres pfeift.

Woyzeck: Ja, Andres, der Platz ist verflucht. Siehst Du den lichten Streif da über das Gras hin, wo die Schwämme so nachwachsen? Da rollt abends der Kopf. Es hob ihn einmal einer auf, er meint’, es wär ein Igel: drei Tag und drei Nächt, er lag auf den Hobelspänen. – Leise:Andres, das waren die Freimaurer! Ich hab’s, die Freimaurer!

Andres singt:
Saßen dort zwei Hasen,
fraßen ab das grüne, grüne Gras…

Woyzeck: Still: Hörst du’s, Andres? Hörst du’s? Es geht was!

Andres:
Fraßen ab das grüne, grüne Gras…
bis auf den grünen Rasen.

Woyzeck: Es geht hinter mir, unter mir. – Stampft auf den Boden: Hohl, hörst Du? Alles hohl da unten! Die Freimaurer!

Andres: Ich fürcht’ mich.

Woyzeck: ‘s ist so kurios still. Man möcht’ den Atem halten. – Andres!

Andres: Was?

Woyzeck: Red was! – Starrt in die Gegend. – Andres, wie hell! Über der Stadt is alles Glut! Ein Feuer fährt um den Himmel und ein Getös herunter wie Posaunen. Wie’s heraufzieht! – Fort! Sieh nicht hinter dich! – Reißt ihn ins Gebüsch.

Andres nach einer Pause: Woyzeck, hörst du’s noch?

Woyzeck: Still, alles still, als wär’ die Welt tot.

Andres: Hörst du? Sie trommeln drin. Wir müssen fort!”

 

 

 

Georg Büchner (17 oktober 1813 – 19 februari 1837)

Anoniem portret, rond 1836

 

De Nederlandse schrijver Simon Vestdijk werd geboren in Harlingen op 17 oktober 1898. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Simon Vestdijk op dit blog.

 

Twee dichters

Zij hadden samen ’t groene gif gedronken,
Zij wilden in hun verzen ondergaan, –
Niet over eeuw’g liefde, sneeuw’ge maan, –
’t Liefst zouden zij met vuile woorden pronken.

Er kwam een vrouw, – of waren ’t and’re vonken
Die hen bezielden? – Zij zijn heengegaan,
Verwaten, stoffig op de brede baan,
Naar ’t neev’lig stadsbeeld, waar de vriendschap slonk in

Een twist van prikkelbare jonggehuwden.
Wie zou de minste zijn? – Het naspel was
Een kort revolverdrama, dat weer luwde, –

Het tweede: een bekering met veel wijn
En een pak slaag in ’t natte Neckargras, –
Het derde: het cachot, – en de woestijn…

.

Maart

Dit is een duivelskind, deze maand Maart.
Men kan dit in een stormnacht goed bemerken:
Hij buitelt door de schoorsteen op de haard
En blaast de torenhanen van de kerken!

Nochtans, al wat hij roert is slechts zijn staart,
Waarmee hij wind maakt als met vogelvlerken,
En van zijn hoef is enkel ’t boerenpaard
De drager, dat de akker gaat bewerken.

Rust en beweging is deze maand eigen:
Wildheid der luchten, en op aarde ’t wachtend
Verlangen naar wat eerlang komen gaat.

En drooggewaaide stoepen langs de straat
Zijn nooit zo helderblauw en kalm en smachtend
Als wanneer buien in de hemel dreigen.

 

IJstocht

Door albast blinkt de zon. De velden schijnen
Ons tegen met dezelfde gele glans,
Die ook op ’t hardblauw vlak aan de balans
Der schaatsen ontschampt in bestoven lijnen.

Het kruis der armen, ’t overstag der voeten,
De losse haren onder mutsenvacht:
Alles biedt de weerstand tegen ’t ontmoeten,
Dat wij zo lang vermeden, overmacht,

Een korte tijd maar op de noordervijvers
Met ’t gele zuiderlicht, waarlangs het steken
Der ijzersneden is als vlijt’ge drijvers
Naar een verliefdheid die niet door wil breken.

 

Simon Vestdijk (17 oktober 1898 – 23 maart 1971)

 

 

De Spaanse schrijver Miguel Delibes werd op 17 oktober 1920 in Valladolid geboren. Zie ookmijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Miguel Delibes op dit blog

 

Uit: Le chemin (Vertaald door Rudy Chaulet)

 

“Il n’avait jamais vu la fille de l’Américain d’aussi près ; son visage et sa silhouette lui faisaient oublier par moment cette situation compromettante. Sa voix aussi, qui avait les doux accents modulés d’un chardonneret. Sa peau était lisse et brune et ses yeux obscurs assombris par des cils très noirs. Ses bras étaient minces et souples, et comme ses jambes longues et sveltes, ils offraient la teinte dorée de la poitrine des perdrix mâles. Quand elle se déplaçait, la légèreté de ses mouvements donnait la sensation qu’elle pourrait s’envoler et se perdre dans l’espace comme une bulle de savon.
— Bien, dit-elle soudain, comme ça vous êtes tous les trois des petits voleurs.
Daniel le Hibou s’avoua qu’il pourrait passer sa vie à l’écouter dire qu’il était un petit voleur sans se lasser le moins du monde. Quand elle disait « petit voleur » c’était comme si elle lui caressait les joues de ses mains, de ses deux petites mains légères et pleines de vie.”

 

 

Miguel Delibes (17 oktober 1920 – 12 maart 2010)

 

 

 

De Amerikaanse toneelschrijver Arthur Miller werd geboren in New York op 17 oktober 1915. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Arthur Miller op dit blog.

 

Uit: Death of a Salesman

 

“LINDA (hearing Willy outside the bedroom, calls with some trepidation): Willy!

WILLY:It’s all right. I came back.

LINDA:Why? What happened?

(Slight pause.) Did something happen, Willy?

WILLY: No, nothing happened.

LINDA:You didn’t smash the car, did you?

WILLY (with casual irritation): I said nothing happened. Didn’t you hear me?

LINDA: Don’t you feel well?

WILLY: I’m tired to the death.

(The flute has faded away. He sits on the bed beside her, a little numb.)

I couldn’t make it. I just couldn’t make it, Linda.

LINDA (very carefully, delicately): Where were you all day? You look terrible.

WILLY: I got as far as a little above Yonkers. I stopped for a cup of coffee. Maybe it was the coffee.

LINDA: What?

WILLY (after a pause): I suddenly couldn’t drive any more. The car kept going off onto the shoulder, y’know?

LINDA (helpfully): Oh. Maybe it was the steering again. I don’t think Angelo knows the Studebaker.

WILLY: No, it’s me, it’s me. Suddenly I realize I’m goin’ sixty miles an hour and I don’t rememb

er the last five minutes. I’m — I can’t seem to — keep my mind to it.

LINDA: Maybe it’s your glasses. You never went for your new glasses.“

 

 

Arthur Miller (17 oktober 1915 – 10 februari 2005)

 

 

De Nederlandse schrijfster en dichteres Nel Noordzij (Eig. Pieternella Margaretha Breevoort-Noordzij) werd geboren in Rotterdam op 17 oktober 1923. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Nel Noordzij op dit blog.

 

Ik wil je lichaam in kleuren

 

Ik wil je lichaam in kleuren
onderbrengen en je elke dag
anders dragen ik wil een nacht
tussen je vleugels bouwen en
je vingers uitmuntend verdelen

 

waarom verroer je niet in mij
ik ben een kathedraal ik ben
een overgroot bos je kunt mij
bewonen je kunt duiven in mij
houden ik ben ruimtelijk
tast mij af ik ben onmetelijk
ontmoet mij waar het wonder is

 

ik zal het schuim van je
zenuwen begraven in de bokaal
van mijn verlangen en verrukkelijk
wij zullen aanzitten aan rijke
tafels en somtijds van mening
verschillen heimelijk en onverdragelijk
maar niettemin aanzitten in een
bijzonder eigen land.

 

 

Nel Noordzij (17 oktober 1923 – 7 september 2003)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e oktober ook mijn blog van 17 oktober 2011 deel 1 en eveneens deel 2.