Far-niente (Théophile Gautier), Gerrit Krol, Edward van de Vendel, 80 Jaar Frans Pointl, Jim Carroll

Dolce far niente

 

 

 

Baignade à la Grenouillère, Claude Monet, 1869

 

 

 

Far-niente

 

Quand je n’ai rien à faire, et qu’à peine un nuage

Dans les champs bleus du ciel, flocon de laine, nage,

J’aime à m’écouter vivre, et, libre de soucis,

Loin des chemins poudreux, à demeurer assis

Sur un moelleux tapis de fougère et de mousse,

Au bord des bois touffus où la chaleur s’émousse.

Là, pour tuer le temps, j’observe la fourmi

Qui, pensant au retour de l’hiver ennemi,

Pour son grenier dérobe un grain d’orge à la gerbe,

Le puceron qui grimpe et se pende au brin d’herbe,

La chenille traînant ses anneaux veloutés,

La limace baveuse aux sillons argentés,

Et le frais papillon qui de fleurs en fleurs vole.

Ensuite je regarde, amusement frivole,

La lumière brisant dans chacun de mes cils,

Palissade opposée à ses rayons subtils,

Les sept couleurs du prisme, ou le duvet qui flotte

En l’air, comme sur l’onde un vaisseau sans pilote ;

Et lorsque je suis las je me laisse endormir,

Au murmure de l’eau qu’un caillou fait gémir,

Ou j’écoute chanter près de moi la fauvette,

Et là-haut dans l’azur gazouiller l’alouette.

Fuit brusquement dans la nuit lente.

 

 

 

 

Théophile Gautier (31 augustus 1811 – 23 oktober 1872)

Zelfportret, 1839

 

De Nederlandse dichter en schrijver Gerrit Krol werd geboren op 1 augustus 1943 in Groningen. Zie ook mijn blog van 1 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Gerrit Krol op dit blog.

 

 

Londen

 

Het plezierige van Londen
trouwens van heel Engeland is,
dat je daar mensen ontmoet die
Engels spreken en daardoor weliswaar
– een beetje moeilijk uit te leggen –
tot een, laat ik niet zeggen hogere
ja, misschien toch wel (in Nederland) hogere
in elke geval tot een andere soort behoren,
maar dat daar in Londen
mensen zijn als jij en ik,
zoals die sir-met-snor die
omdat het zijn werk was
kammetjes stond te verkopen.

 

 

 

Teken

 

Het stuk papier dat ik eens,
belijdende mijn leegte,
onbeschreven dichtvouwde,
en verzegelde, en verborg
tussen de bladen van een boek
om iemand over honderd jaar
te verneuken – dit papier
vond ik vanmorgen terug.
Ik was het vergeten, opende het
en was zelf verneukt, goed,
niet zozeer: over de lege
blauwe lijnen liep,
voor het eerst in zijn bestaan,
een dun haastig beestje,
dat had God gedaan.

 

 

 

Gerrit Krol (Groningen, 1 augustus 1934)

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Edward van de Vendel werd geboren in Leerdam op 1 augustus 1964. Zie ook mijn blog van 1 augustus 2010 en ook alle tags voor Edward van de Vendel op dit blog.

 

Uit: Aaneengenaaide personen (Column)

 

“Opeens was ze er. Zosja. Op de eerste bladzijde van mijn verhaal, dat uiteindelijk het boek WAT IK VERGAT zou worden. In het boek gaat dat zo: Daar staat ze, in de deuropening – alsof ze uit een doosje komt gestapt.
Dat doosje, daar wilde ze niet meer in terug. Ze werd de beste vriendin van Elmer, de hoofdpersoon uit mijn boek.
Soms verzin je een persoon die zo apart is dat ze je zelf verrast. Zosja was zo iemand. Als ik moest schrijven over een gesprek dat zij voerde, dan rolden de zinnen zomaar uit mijn pen. Zosja donderde niet alleen mijn boek binnen, maar ook mijn hoofd.
Hoe kwam zij daar? Hoe begint dat? In Zosja’s geval vanuit een verhaal dat ik hoorde van een vriendje. Ik was toen zelf ook maar twaalf of dertien. Hij zat op een andere school en er kwam een meisje de klas binnen. Ze keek hem aan en zei: ‘Naast hem wil ik zitten.’ Niet verzonnen dus. De eerste twintig regels van mijn boek zijn gewoon echt gebeurd.
En die naam? Tien jaar later was ik in Polen. Daar trok ik op met een Poolse vertaalster. Ze had breed uitstaand rood haar en was erg brutaal. Haar naam was Zosja.
Zo gaat dat met een boek: allerlei dingen die je hebt meegemaakt komen half in het boek. Maar al die helftjes samen maken een sterke hoofdpersoon die zomaar in je kop begint te praten.”

 

 

 

Edward van de Vendel (Leerdam, 1 augustus 1964)

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Frans Pointl werd geboren in Amsterdam op 1 augustus 1933. Frans Pointl is vandaag 80 jaar geworden.Zie ook mijn blog van 1 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Frans Pointl op dit blog.

 

Uit: Literatuur en prijzen

 

“Ik heb tijdens de lange zit in het Amstel Hotel aan één der genomineerden gezegd: ‘als ìk de prijs win, ben ik genegen deze met de andere genomineerden te delen in gelijke moten’. Waarop de desbetreffende genomineerde het voorhoofd fronste. Hij stelde dat zulks dan wel eerst notarieel vastgelegd moest worden, want als iemand eenmaal prijs heeft, dan…. enzovoort.

HIJ zag er duidelijk geen been in, en iedereen heeft tot nu toe over dat voorstel gezwegen – delen van zo’ n prijs? Zoiets doet men niet!

Ik ben ook niet de hele middag in het Amstel Hotel gebleven (de wc-ruimte was daar groter dan mijn hele ‘woning’!). Ik ben om 4u op de tram gestapt en tegen de tijd dat het diner aanving, weer teruggegaan naar het hotel. Heb ik thuis nog zinnig naar een klassieke plaat kunnen luisteren.

Voorval: na het koffiedrinken op het terras van het Amstel Hotel, zonderde ik me even af en ging apart zitten, uitkijkend over het water. Het was een mooie dag. De technici waren druk doende. Een jongeman, die er ook bij hoorde, zei: ‘’t Loopt wel wat uit, maar om halfvier hebben we de hele zwik (de genomineerden werden hiermee bedoeld) wel voor de camera.’

Er kwam een jongeman naar me toe die ook bij de tv hoorde. Hij had iets met dat programma ‘Lopend vuur’ te maken. Ik kijk bijna geen tv, ik wist niet wie hij was. Hij kijkt me aan en vraagt: ‘Meneer P., houdt u van mannen of van vrouwen?’

‘En u?’ vraag ik hem.

‘Van mannen’, zegt hij gretig.

Hij zei dat een dergelijke vraag aan me kon worden gesteld in de uitzending van ‘Lopend vuur’. Ik zei niks, maar dacht: als die vraag wordt gesteld heb jij hem aangesleuteld. Ik bedacht dus al een antwoord. En ja hoor, Leonie Jansen (een schat van een vrouw met een grappig buikje – het kindje is er inmiddels -) stelde me de vraag. Ik antwoordde dat ze dat allemaal in mijn tweede bundel konden lezen. Iedereen denkt altijd dat ik op sexueel gebied wonder wat heb meegemaakt, nee ik heb op dat gebied juist wonder wat gemist. Orgieën beschrijven kan ik dus niet.”

 

 

Frans Pointl (Amsterdam, 1 augustus 1933)

 

 


De Amerikaanse dichter, schrijver en musicus
Jim Carroll werd geboren op 1 augustus 1949 in New York. Zie ook mijn blog van 1 augustus 2010 en ook alle tags voor Jim Carroll op dit blog.

 

Uit: The Basketball Diaries

 

“So in short we made a good show for a team our age, but can’t keep up with the other dudes and lose by ten, but that ain’t bad and I got myself forty-seven points and at least got to play for once with these cats I’ve always had to play against in various tournaments since Biddy League days. Then to bust all kinds of balls, the bossman gets some college scout in the stands to testify the other team got at least three ringers he knows and we are awarded the champ bit. After the gold is handed out and all (I didn’t get a trophy for the game ‘cause they were one short and I had to say “fuck it,” but got an outofsight plaque for All-League), we go in a corner and pose a team picture for the Harlem paper, “The Amsterdam News.” We’re waiting for the birdie to click when the photog calls over the SUGAR BOWL coach and whispers something to him who then walks over to me and mumbles, “Dig, my man, don’t know how to say this but for, well, …” I cut him short and told I got the message and stepped out of the pix. I guess I would have messed up the texture of the shot or something. Or maybe they didn’t want to let the readers get to see that the high scorer was a fucking white boy.”

 

 

Jim Carroll (1 augustus 1949 – 11 september 2009)

Leonardo DiCaprio in de film “The Basketball Diaries” uit 1995

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e augustus ook mijn blog van 1 augustus 2011 deel 2 en eveneens deel 3.