J.C. Bloem, Herman Leenders, Didi de Paris, Ralf Rothmann, Jeremy Gable, Roberto Cotroneo, Petra Hammesfahr

De Nederlandse dichter J. C. Bloem werd geboren op 10 mei 1887 in Oudshoorn. Zie ook alle tags voor J. C. Bloem op dit blog.

Dichterschap

Is dit genoeg; een stuk of wat gedichten,
voor de rechtvaardiging van een bestaaan
In ‘t slecht vervullen van onnoozle plichten
Om den te karigen broode allengs verdaan?

En hierom zijn der op een doel gerichten
bevredigende dagen mij ontgaan;
Hierom blijft mij slechts zelf en lot betichten
in ‘t zicht van ‘t eind der onherkeerbre baan.

van al de dingen die ‘k droomen zocht
Erger: van alle, die ik wel vermocht,
Is, nu hun tijd voorbij is, niets geworden

En ik kan zelfs niet, als mijn onbevreesd
erkennen mij verwijst naar de verdorden,
Aanvoeren: maar mijn bloei is schoon geweest.

 

Het kerkhof aan het meer

Een klein rond perk, met weinge witte stenen;
Hier zijgt de tijd, een vege zwaan,terneer.
Erachter dampt,door grijze zon beschenen,
Een gelukzalig lentemeer.

Daar rusten,na het enkelvuldig leven
Van eeuwoud werk in weide en stal en schuit,
De eertijds ontslapenen in deze dreven
Van hun gelijke daden uit.

En als de voorjaarswind de lege kruinen
Doet beven van de’ onheuchelijken nood
Tot bloeien boven woekerende puinen,
Suizelt de onsterfelijke dood.

 

Voorjaar

De zon brak door de barre voorjaarslucht.
Plotseling kantelde er een vogelvlucht.
Op de aarde smolt de dungezaaide sneeuw.
Hart, gij zijt vrij; gij waart om niets beducht.

J.C. Bloem (10 mei 1887 – 10 augustus 1966)

 

De Vlaamse dichter en schrijver Herman Leenders werd geboren te Brugge op 10 mei 1960. Zie ook alle tags voor Herman Leenders op dit blog.

Wij komen

Uit het land van Boon en de Coninck
Uit de achtertuin van de Wispelaere
Uit Gezelle en Claus gekropen, als maden
Uit Van Ostaijen, Elsschot, Minne en Van Nijlen
Uit het donkere hart van het Nederlands
Uit het gestotter van onuitspreekbare gedachten
Uit de strot van dichtgeknepen klanken

uit Buitenland
uit dat land van kot en kavel
beton- en hinderpalen
een paradijs voor kip en konijn
mijn duivenkotland
mijn varkensstrontland
mijn rolluikenland
dikkepensenland
kloteland
wielertoeristenland
rodebakstenenland
land van stofzuiger en javel
hogedrukreinigerland
grasmachineland
braakland
dromenland
dwingeland

Wij komen
met de wrede verbeelding van Terrin
met de sardonische blik van Van Heulendonk
met de grijns van Vekeman en Seghers
met Lut de Block en Pat Donnez
met de maskerades van Luuk Gruwez

een bonte stoet tronies en bijna-doodskoppen
de blijde intrede in Amsterdam
van de gastarbeiders van het Nederlands
de arbeiders van het Vlams
de knechten van het Brugs, het Gents, het Antwerps
onder spandoeken en banderolles
met vaandels en banieren
en wij zingen
niet, nee wij schreeuwen
niet.
Wij schrijven:

Wij komen uit het land van Boon en de Coninck
Uit de achtertuin van de Wispelaere
Uit Gezelle en Claus gekropen, als maden

Herman Leenders (Brugge, 10 mei 1960)

 

De Vlaamse dichter en schrijver Didi de Paris werd geboren op 10 mei 1957 in Leuven. Zie ook alle tags voor Didi de Paris op dit blog.

Uppercut

Een ferme stoot is liefde
– om maar te zwijgen
van tranen, beven
sidderen en strelen…

Dat ze nog eens op zou duiken
en lelijk uithalen om mij te vloeren
in de eerste seconde
van de openingsronde
van de paringsdans,
de vermenigvuldigingsdans.

……

Liefde (dat simpel spel uit de hel)
smaakt soms zo zoet, smaakt soms zo zout,
witregels op een bed.

Dat wij ons alleen kunnen uitleven
in clichés: dat is drama.
Zo heb ik mijn lijf, mijn lief,
gelaafd aan de nacht,
nadat ik mijn ziel heb laten hangen
aan de kapstok bij jou.

Liefde is een uppercut.

Didi de Paris (Leuven, 10 mei 1957)

 

De Duitse dichter en schrijver Ralf Rothmann werd op 10 mei 1953 geboren in Schleswig. Zie ook alle tags voor Ralf Rothmannop dit blog.

Uit: Feuer brennt nicht

„Die Fahrt kommt einem endlos vor. Es ist heiß, die  Luft über dem Gleisgewirr zittert. Pappelsamen fliegt  im Abteil herum. Ein alter S-Bahnwagen mit Holzbänken, wie es sie in Westberlin schon längst nicht mehr  gibt; der Feuerlöscher wackelt, die geöffneten Fenster  rappeln in den Rahmen, Türen schnellen zu mit hartem Knall. Die Stationen haben ungewohnte Namen:  Ostkreuz, Wuhlheide, Rummelsburg. Vor den langen,  mit Graffitis besprühten Ställen der Trabrennbahn in  Karlshorst dösen Pferde in der Sonne. Es wird immer  grüner, und die Menschen reden kaum und blicken aus dem Fenster mit Gesichtern, denen man wenig  Humor zutraut. Viele Männer tragen Hemden mit verblichenen Mustern, unglaublichen, wie auf Sofas  von Möbel-Discountern. Strohfarben das Haar der Frauen, billig der Schmuck, und der zementfarbene  Teint wird noch etwas grauer, die Lippen schmaler,  wenn sie bemerken, dass man sie anschaut. Obwohl  sie hemmungslos gegafft haben, als Alina und er den  Wagen betraten, ist ein Blick auf sie offenbar nicht erwünscht, auch kein freundlich gemeinter. In Köpenick  ausgestiegen, dreht sich eine Frau noch einmal nach  ihnen um, und als Wolf ihr zunickt, schüttelt sie den  Kopf und geht beleidigt davon in ihren Sandalen aus  dem anderen Staat.

Noch mehr Pappelsamen, ohne dass man die Bäume  sähe. Auf dem Bahnsteig in Hirschgarten kein Mensch.  Spatzen picken Moos aus den Fugen der Betonplatten,  deren Relief an Kopfsteinpflaster erinnern soll, und  Alina trinkt einen Schluck Wasser aus einer kleinen Plastikflasche. Heimlich beobachtet er ihre Spiegelung in  der Wagenscheibe, die verzitterte Silhouette.“

Ralf Rothmann (Schleswig, 10 mei 1953)


De Amerikaanse toneelschrijver Jeremy Gable werd geboren op 10 mei 1982 in Lakenheath, Suffolk, in Engeland. Zie ook alle tags voor Jeremy Gable op dit blog.

Uit: The 15th Line

JANUARY 28TH
PATRICK: Did President Obama’s State of the Union address help diminish our nation’s fears?  Read our analysis in today’s City Press.
ANGELA: Three days since the accident, and Brandon hasn’t called.  I guess I know now that we’re done.  Cross that loose end off my list.
DUSTIN: I just declined a newspaper interview.  I can’t possibly say anything right now.
PATRICK: @turnbullseth We’d love to hear your story, if you still want to tell it.  You can Direct Message me if you want.
SETH: @pattycitypress No, never mind.  Don’t worry about it.
SETH: Keep hearing about “the heroes”.  What makes these people “the heroes”?  When was being safe not the courageous thing to do?
ANGELA: The newspaper just interviewed me.  Again, the word “miracle” was used.  I’m a miracle.  If only my poo could cure cancer.
PATRICK: @angiannini89  Great interview today, Angela.  Look for it tomorrow.
DUSTIN: Thanks to everyone for all of your prayers.  You can stop now.  It’s all over.
PATRICK: Breaking News – The death toll for the 15th Line subway derailment has risen to 30.”

Jeremy Gable (Lakenheath, 10 mei 1982)


De Italiaanse schrijver Roberto Cotroneo werd op 10 mei 1961 geboren in Alessandria. Zie ook alle tags voor Roberto Cotroneo op dit blog.

Uit: Letters to my son on the love of books (Vertaald door N. S. Thompson)

“Sometimes you feel afraid, Francesco, although it’s not that you axe a fearful child. Sometimes you ask me to go along with you. You take my hand and, a little worried, you say “Come on, Daddy.” You don’t like going into a dark room and, on occasion, you like being accompanied to the end of the hall. I try to explain to you that you shouldn’t be afraid, and invite you to show some courage, but I don’t force you because a little fear is good for you; it helps you, makes you stronger when you’re an adult, especially if your fears are reasonable ones and you learn both to overcome and respect them. But I also realize that when you take my hand and lead me down the hall, that you want me to accompany you to a place of adventure, somewhere faraway. You want to see what will happen. You’re still so young that the distant island where anything can happen is either the kitchen or the dark study. But in that kitchen and in that study, there is a world you have to come to grips with, because that is where you will find pirates and unexpected traps. It is in the far-off places that one comes to grips with life. It is not by chance that Jim Hawkins begins his tale with the words, “I remember him as if it were yesterday.” The things that strike you most remain clear in the mind, losing none of their color. They remain there, fixed, like the best of your memories or the worst of your nightmares.     Treasure Island is the story of a nightmare, painted in garish colors; an adventure that is exotic, but still a nightmare. People will tell you it is a book for children. At home, we have many editions of it, some of them with illustrations, and even an old edition your mother found on a bookstall in Bologna that she gave me as a present with a very loving dedication. As you look through them, you will, at first, be convinced that it is a story about pirates. You will then begin to feel a slight anxiety, the same one that grips a reader when they begin The Turn of the Screw by Henry James, except that Stevenson is not as explicit–you have to be well practiced at reading between the lines. In James’s novella the two children come to a terrible fate, and you know that it will end in disaster.”

Roberto Cotroneo (Alessandria, 10 mei 1961)


De Duitse schrijfster Petra Hammesfahr werd geboren in Immerrath op 10 mei 1951. Zie ook alle tags voor Petra Hammesfahr op dit blog.

Uit: Der Frauenjäger

“Im Laufe der Zeit hatte sie viele Kerle. Zu Gesicht bekam  er nur selten einen. Meist kamen sie vormittags, wenn  er in einem Klassenraum saß und «nicht für die Schule,  sondern fürs Leben lernte». Was für ein Quatsch! Nichts  von dem, was er fürs Leben brauchte, hatte er in der Schule
gelernt.
Sein Vater schuftete währenddessen bei fünfzig oder  noch mehr Grad in einer Aluminiumgießerei, um der Schlampe ein angenehmes Leben zu bieten und ihr jeden  Wunsch zu erfüllen. Sie musste nur eine Andeutung  machen, dann überschlug sich der Alte, um sie zufriedenzustellen.
Sein Vater war fünfzehn Jahre älter als sie, ein großer,  bulliger Mann, vor dem viele einen Heidenrespekt hatten.  Hätte man ihm eine Lederjacke mit entsprechenden  Schriftzügen angezogen und ihn auf ein Motorrad gesetzt,  die halbe Welt hätte Reißaus vor dem vermeintlichen Höllenengel
genommen. Er sah aus, als könne er mit Leichtigkeit  ein Gesicht zu Brei schlagen. Aber er hatte das Gemüt  eines Schafs, ließ sich von der Schlampe ausnutzen und  auf der Nase herumtanzen, statt sie einmal in die Schranken  zu weisen.
Sein Vater tat immer so, als wüsste er nicht, dass sie  fremde Kerle ins Ehebett ließ, während er sich an der Aluminiumpresse  die Seele und seinen Stolz aus dem Leib  schwitzte. Aber vermutlich wusste er es ganz genau, litt  wie ein getretener Hund und fraß den Schmerz in sich  hinein, bis der ihn umbrachte.
Herzinfarkt mit achtundfünfzig, auf der Fahrt zur Arbeit,  Kontrolle übers Auto verloren und so weiter. Als  die Rettungskräfte an der Unfallstelle eintrafen, war  sein Vater  bereits tot. Allerdings war er nicht an dem Infarkt  gestorben, sondern an einem Genickbruch. Für die  Schlampe zahlte sich das in barer Münze aus, weil der Tod  damit als Unfallfolge durchging.
Er war neunzehn, seine Mutter dreiundvierzig. Sie bezog  fortan Witwen- und Unfallrente, und nicht zu knapp.“

Petra Hammesfahr (Immerrath, 10 mei 1951)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e mei ook mijn blog van 10 mei 2011 deel 2 en eveneens deel 3.