Frans Coenen, Eric Bogosian, Robert Penn Warren, Michael Schaefer, Carl Spitteler

De Nederlandse schrijver, essayist en criticus Frans Coenen werd in Amsterdam geboren op 24 april 1866. Zie ook alle tags voor Frans Coenen op dit blog.

 

Uit: Verveling

 

“Boven onder ’t dak was ’t al broeiheet, met een benauwden reuk van versch hout en door de zon gestoofd lood. Een heen-en-weer geklos over den vloer, en de hooge stem van fräulein Böhmer, de eigenares van ’t hôtel, klonken uit een kamer aan het eind van een middengangetje.

‘Da sind Sie endlich!’ riep ’t fräulein Henriette toe, haar vriendelijk lachend aanziend, in de groote, bruine, uitpuilende oogen, een schalke vogelachtige uitdrukking.

Zij had over ’t geheel veel van een oud-verweerd spekpoppetje op een trumeau, met haar kleine lijfje onder ’t groote eironde hoofd, rood en zon-verbrandend, met glanzend zwart haar.

‘Na, was sagen Sie jetz! ist’s nicht hübsch geworden hier?! Wird ihre Freundin hier nicht ganz heimisch sein? ging zij voort en wees in ’t rond op ’t nieuw hardblauw behang en de tullen gordijntjes, met de roodlinten embracetjes voor ’t raam.

Henriette knikte vriendelijk van ja. Zij was pas drie dagen geleden uit Holland gekomen, doch al op heel goeden voet met de eigenares, die haar overal brjriep waar wat te zien was.

In haar huiselijke omgeving in Amsterdam, stond Henriette de Wal anders niet bekend als iemand, die gauw vertrouwelijk was. Haar donkere oogen, onder de fljne wenkbrauwen, zagen gewoonlijk hoog en onverschillig uit ’t witte smalle gezicht en om de smalle bloedelooze lippen van haar kleinen mond was een trotsche, afwijzende trek.

Maar thans gloeide er iets innigs, een zachte dankbaarheid in den blik, waarmee zij naar buiten tuurde en haar mond was droomerig even-geopend.

Zoo luisterde zij met schijnbare belangstelling naar ’t levendig zelfbehagelijk geratel van fräulein Böhmer, een lang relaas van alles wat er hier en in ’t hoofdgebouw nog aan de kamers moest gedaan worden,…. van buiten, vochtig en koel, kwam ’t onregelmatig, frisch geplas van de fontein tot hen,… toen ’t kleine menschje op eens zich zelf onderbrak:

‘Aber jetz musz ich eilen, sonst wird mein diner nicht fertig,… gehen Si mit, fräulein?’

 

 

Frans Coenen (24 april 1866 – 23 juni 1936)

Doorgaan met het lezen van “Frans Coenen, Eric Bogosian, Robert Penn Warren, Michael Schaefer, Carl Spitteler”