Leon de Winter, Alain Mabanckou, August Derleth, Keto von Waberer, Yüksel Pazarkaya

De Nederlandse schrijver Leon de Winter werd geboren in ’s-Hertogenbosch op 24 februari 1954. Zie ook alle tags voor Leon de Winter op dit blog.

 

Uit: Het recht op terugkeer

“Hendrikus had er geen last van. Bram bleef op afstand staan en bewonderde het doorzettingsvermogen van het pezige beest. Hendrikus was hardhorend en na een aanval van een verongelijkte bouvier zes jaar geleden aan één oog blind. Volgens de dierenarts was Hendrikus een van de vijf oudste honden van de stad – Jeffrey was de oudste, een krasse zesentwintigjarige kruising tussen een herder en bullterriër, een ongewoon exemplaar aangezien middelgrote honden meestal jonger stierven dan kleine bastaarden als Hendrikus. Elke ochtend legde Hendrikus een vaste tocht af langs de stille monumenten van Duitse zakelijkheid. Het dier volgde de lijn van een rechthoek waarin zich zes woonblokken bevonden, zijn eigen patroon, snuffelend aan lantaarnpalen, de wielen van
afvalcontainers, autobanden, strategisch geplaatste struiken, zo nu en dan een andere ochtendhond.
Bram had de indruk dat er tien jaar geleden veel meer honden waren. Tel Aviv was een arme stad geworden waarin honden alleen gehouden werden door het handjevol rijken dat de stad nog telde. Dus waren de honden die zij onderweg tegenkwamen op leeftijd, net als Hendrikus, bezadigd en moe geblaft. Jonge hondjes waren een zeldzaamheid en de oude werden door liefhebbende bejaarden gekoesterd alsof ze hun eigen kinderen waren.
Ze stonden op de hoek van een straat die haaks op de strandboulevard lag. Aan het einde van de straat, tweehonderd meter verder in de smalle opening tussen de huizen, was een fractie van een seconde een gevechtshelikopter zichtbaar die geruisloos enkele meters boven het zand naar het zuiden schoot, richting Jaffa. Het was een nieuwe generatie met motoren die niet veel meer geluid maakten dan de vleugels van een roofvogel, de Taiwanezen hadden er twintig geleverd. Dragon Wings xr3, heetten ze, en de gelovigen hadden geëist dat ze werden omgedoopt omdat de draak een monster uit een onjoodse Aziatische mythologie was. In de volksmond heetten ze nu Chicken Wings.”

 

Leon de Winter (’s-Hertogenbosch, 24 februari 1954)

Doorgaan met het lezen van “Leon de Winter, Alain Mabanckou, August Derleth, Keto von Waberer, Yüksel Pazarkaya”

Erich Loest, Jacques Presser, Friedrich Spielhagen, Erich Pawlu, Luc Verbeke, Wilhelm Grimm

De Duitse schrijver Erich Loest werd geboren op 24 februari 1926 in Mittweida. Zie ook alle tags voor Erich Loest op dit blog.

 

Uit: Prozesskosten

“Diese Aufgabe löste er mit der linken Hand; in wenigen Monaten würde es damit vorbei sein.

Im Literaturinstitut gratulierte Direktor Alfred Kurella. Er pries dieses wundersame Alter: Mit dreißig habe einer entscheidende Lebensweichen gestellt, jetzt bestünden alle Chancen rasanten Vorwärtsdrängens.

Und das in einer phantastischen Zeit politischen Aufschwungs auf der Seite des Marxismus- Leninismus im Bunde mit der ruhmreichen Sowjetunion, in der jungen Deutschen Demokratischen Republik. Er schenkte L. eine zweibändige Ausgabe des Briefwechsels zwischen Goethe und Schiller.

Fern in Moskau fand in diesen Tagen der XX. Parteitag der Kommunistischen Partei der Sowjetunion statt. Nikita Chruschtschow, der bullige Ukrainer, stand an der Spitze. Neues Deutschland meldete wie gewohnt: »Der Beifall steigerte sich zum Orkan, als N. A. Bulganin, N. S. Chruschtschow, L. M. Kaganowitsch, M. S. Saburow, M. A. Suslow und K. J. Woroschilow im Tagungsgebäude eintrafen«. Das Zentralorgan berichtete in der üblichen langatmigen Weise von Aufbauplänen und Siegen an allen Fronten. Überraschend immerhin: Der italienische Parteiführer Palmiro Togliatti stellte die These auf, unterschiedliche Länder könnten auf verschiedenen Wegen zum Sozialismus kommen, also nicht unbedingt durch Revolution, auch ein parlamentarischer Übergang sei möglich. Roch das nicht verdammt nach Revisionismus? Bot sich vielleicht doch ein deutscher Weg, was Anton Ackermann vermutet und nach harscher Kritik unterdessen weit von sich gewiesen hatte?”

 

Erich Loest (Mittweida, 24 februari 1926)

In 1955

Doorgaan met het lezen van “Erich Loest, Jacques Presser, Friedrich Spielhagen, Erich Pawlu, Luc Verbeke, Wilhelm Grimm”

George Moore, Irène Némirovsky, Vincent Voiture, Rosalía de Castro, Paul Alfred Kleinert, Stanisław Witkiewicz

De Ierse schrijver en kunstcriticus George Augustus Moore werd geboren op 24 februari 1852 in Ballyglass. Zie ook alle tags voor George Moore op dit blog.

 

Uit: Confessions of a Young Man

“My soul, so far as I understand it, has very kindly taken colour and form from the many various modes of life that self-will and an impetuous temperament have forced me to indulge in. Therefore I may say that I am free from original qualities, defects, tastes, etc. What I have I acquire, or, to speak more exactly, chance bestowed, and still bestows, upon me. I came into the world apparently with a nature like a smooth sheet of wax, bearing no impress, but capable of receiving any; of being moulded into all shapes. Nor am I exaggerating when I say I think that I might equally have been a Pharaoh, an ostler, a pimp, an archbishop, and that in the fulfilment of the duties of each a certain measure of success would have been mine. I have felt the goad of many impulses, I have hunted many a trail; when one scent failed another was taken up, and pursued with the pertinacity of an instinct, rather than the fervour of a reasoned conviction. Sometimes, it is true, there came moments of weariness, of despondency, but they were not enduring: a word spoken, a book read, or yielding to the attraction of environment, I was soon off in another direction, forgetful of past failures. Intricate, indeed, was the labyrinth of my desires; all lights were followed with the same ardour, all cries were eagerly responded to: they came from the right, they came from the left, from every side. But one cry was more persistent, and as the years passed I learned to follow it with increasing vigour, and my strayings grew

fewer and the way wider.”

 

George Moore (24 februari 1852 – 20 januari 1933)

Portret door Jacques-Emile Blanche, 1903

Doorgaan met het lezen van “George Moore, Irène Némirovsky, Vincent Voiture, Rosalía de Castro, Paul Alfred Kleinert, Stanisław Witkiewicz”