Alexis de Roode, Martin van Amerongen, Benjamin Cheever

De Nederlandse dichter Alexis de Roode werd geboren op 8 oktober 1970 in Hulst. Zie ook mijn blog van 8 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Alexis de Roode op dit blog.

 

Voor al wat onzichtbaar sterft

Niemand weet waar de dieren sterven.
Waar ze bolletjes worden,
de achterste voetjes steeds dichter
bij de voorste voetjes.
Tot ze omvallen.
We zien wel bontjes op verlaten wegen –
graanvelden in de wínd
in de ochtend verkleefd van dauw.
Later zwarte plakkaten.
Slechts eenmaal zag ik een konijn
dat zitten bleef,
met dichtgekleefde ogen,
de ruggengraat stond hoog.
Bij het optillen was er geen gewicht.
Ik zette het neer en ging terug naar de huizen,
het stille dier nam af in de zon.
Niemand is erbij als de konijnen sterven
met velden tegelijk.
Niemand hoort hun laatste snuffel uitgesnuffeld
worden in een gouden bos
of het schreeuwen onder autobanden.
Een wereldwijd geruisloos verdwijnen
juist om de hoek van ansichtkaarten.

 

Dichtbij

Je vindt je gezicht gekeerd
naar een gat in de grond
en elders kijken kun je niet.

Tussen de graven loopt een hond.

Het is je vader die daar ligt
te vermolmen, schimmels
in wilde kleuren op zijn grijze huid.

Twee meter aarde wordt doorzichtig.

De regen stroomt langs je lichaam,
sijpelt de donkere aarde in,
maakt zijn kale voorhoofd nat.

Er snuffelt een hond aan de zerk.

Je kunt hem opgraven als je wilt.
Zo dichtbij is de dood:
misschien vier, vijf uur werken.


Alexis de Roode (Hulst, 8 oktober 1970)

 

De Nederlandse schrijver en journalist Martin van Amerongen werd geboren op 8 oktober 1941 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 8 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Martin van Amerongen op dit blog.

 

Uit: Heeft een jood geen ogen. Het karakter Shylock

“William Shakespeares De koopman van Venetië is een onmiskenbaar meesterwerk te midden der meesterwerken, een toneelstuk dat geen enkele dorre regel of saaie scène bevat, maar niettemin inmiddels niet meer met goed fatsoen te presenteren lijkt.
Het ligt aan Shylock.
De ogenschijnlijke onspeelbaarheid van De koopman van Venetië is niet zozeer de schuld van de Engelsen, althans van hun Elisabethaanse voorouders die in een maatschappij leefden waarin geen of nauwelijks joden woonden, zodat de joodse woekeraar geheel en al als een product van hun fantasie moet worden beschouwd. Shylocks positie is veeleer onmogelijk gemaakt door de nationaal-socialisten, die hem archetypisch verklaarden en in de schouwburgen de artistieke vorm van bloeddorst etaleerden die in de vernietigingskampen in praktijk werd gebracht.
Speelt men Shylock zoals Shakespeare hem heeft bedoeld, dan staat er een slecht mens tussen de coulissen. Elke vorm om dit te verheimelijken, elke poging om Shylock te vergoelijken als het slachtoffer van een antisemitische samenleving is tot mislukken gedoemd. Shylock weet wat hij doet. Hij heeft van den beginne de ondergang van Antonio, zijn christelijke concurrent, gezworen en is ten volle bereid een legale moord te plegen: het uitrukken van Antonio’s hart, de tegenwaarde van de drieduizend dukaten die de Venetiaanse koopman de joodse geldhandelaar schuldig was.

De koopman van Venetië is een onmiskenbaar antisemitisch toneelstuk, gedomineerd door de 360 versregels die Shylock zijn vergund, een bijfiguur die zo haarscherp en psychologisch uitgewogen is getekend dat de hoofdfiguren (de altruïstische handelaar Antonio, de fortuinjager Bassanio en de nepjuriste Portia) geheel van het toneel worden gespeeld. Jarenlang zijn Shylocks protagonisten door het schellinkje bij de artiesteningang («En nu tussen ons, schurk!») opgewacht. Het is een klassiek misverstand. Shylock is méér dan een schurk. Hij is een hartstochtelijk levend mens, van vlees en bloed, die in de letter van de wet gelooft, hij is bovendien een man van formaat, gevat en zelfbewust, een solitair in een vijandelijke samenleving. «Van een raciaal minderwaardigheidscomplex, zoals ons duidelijk in Othello tegemoet treedt, is bij Shylock in elk geval geen sprake», zegt Justus Meijer”.

 

Martin van Amerongen (8 oktober 1941 – 11 mei 2002)

 

De Amerikaanse schrijver Benjamin Cheever werd geboren op 8 oktober 1948 in New York. Zieook mijn blog van 8 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Benjamin Cheever op dit blog.

 

Uit: The Good Nanny

“Andie was half-Irish, but the party was being held to celebrate, or at least acknowledge, her promotion to the enviable but not entirely respectable position of top film critic for the New York Post . “Yes, I love my job,” she said when asked. Everybody asked.

Stuart heard a cry of tires, and then what sounded like a collision, but by the time he put down the oysters and reached the window to look out, a red van was moving through the intersection. A green SUV, which was on his lawn, reversed back onto the road and followed the van.

“What happened?” Andie asked. “I felt just as if somebody had walked over my grave.”

“Nothing to do with your grave,” said Stuart. “Looks as if there was an accident at the crossroads.”

“Doesn’t that mean tragedy?” asked Wallace Stevens (not that Wallace Stevens). “An encounter at a crossroads?”

“Traditionally, it means tragedy,” said Stuart, going back to the kitchen to get the oysters.

“Can I have another?” asked Stevens, when the host reappeared.

“You ate the last tray,” said Stuart. “Let’s give somebody else a chance.”

“You didn’t want me here at all, did you?” asked Stevens. “It was Scarlet’s idea, wasn’t it?” A tall, ungainly creature who might have been Lincolnesque if it weren’t for the weak chin and a terrible comb-over, Stevens-a book agent-had been the last guest invited and the first to arrive.

“He’ll try and do business,” Stuart had said. “And he’s a spitter.”

“He’s had us to dinner twice now in the city,” countered Andie. “You may not like him, but he is a brilliant agent. The man can ask the baldest questions and somehow get away with it, or almost. There are a half a dozen writers we admire who never would have made it without him. Besides which, we are celebrating the patron saint of outcasts.”

“We’re also honoring the man who cast out the snakes,” said Stuart.

“If we don’t include Stevens,” said Andie, “he’ll hear about the party from your old friend Loose Lips Solon at Random House.”

 

Benjamin Cheever (New York, 8 oktober 1948)

 


Zie voor nog meer schrijvers van de 8e oktober ook
mijn blog van 8 oktober 2011.