Dolce far niente 11, Anna Enquist, Remco Campert, Ted van Lieshout, Jan Kal, Henk Spaan

Dolce far niente (Voetbal)

 

 

In het gras

Een schema van het leven ligt
op het voetbalveld, een tekening
van de wereld, op zondagmiddag.

Hoe wij in wisselende bezetting
elkaar steunen, stuktrappen, vereren,
verlaten en kwijtraken, rennend.

Tussen de krijtlijnen een blauwdruk
van verlangen. Nooit krijgen wat wij
najagen, en als de buit binnenkomt

onthand zijn, leeggevreten door vreugde
van een dag, door elkaar bedolven.
En altijd die man, met die fluit.

 

Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

 

Piet Keizer 1973

Sombere tijd zwarte dagen
een glimp van licht zo nu en dan
als op het voetbalveld
jij met je lome genialiteit
je van een verdediger bevrijdt

Ach die na ons komen
nooit zullen ze weten
waarvan we droomden.

 

Remco Campert (Den Haag, 28 juli 1929)

 

 

Vaders interland

Mijn vader heeft het voetballen uitgevonden –
de televisie kan er nog van leren –
maar ze luisteren nooit.

En wat erger is: de andere landen spelen vals.
Pas als Nederland heeft gewonnen
zegt vader dat het mooi en eerlijk was.

Ik vind het zoenen leuk, al kussen ze
alleen spelers van de eigen ploeg.
Of kun je maar maximaal met zijn elven vrijen?

 

Ted van Lieshout (Eindhoven, 21 december 1955)

 

CRUIJFF 50*

Hun zeggen Johan Cruijff wordt vijftig jaar,
dus in principe is dat een gegeven,
want net als bij het voetbal heb het leven
dat dus de dingen volgen na mekaar.

Je ken in wezen honderd worden, maar
normaal gesproken word je nooit meer zeven.
Op die soort basis is dus veel geschreven,
want als je hier bent, ben je dus niet daar.

Je moet je ergens aan de regels houden,
in een sonnet en op het voetbalveld.
Dat is dus logisch, denk je bij je eigen.

Je wordt wel ouder, maar je blijft de oude.
Jij, Johan, bent nog lang niet uitgeteld,
maar ik moet nu na nummer veertien zwijgen.

 

Jan Kal (Haarlem, 18 december 1946)

 

 

Paolo Maldini WK ’94

Op 24-6-1990
In de perstent van
Italia Novanta Milaan
Zag ik haar
Naambordje op de rechterborst
Hostess van Coca-Cola
Een mond geschapen voor de kus
In volle glorie staan
Maldini had een zus.

Het kleine zusje van Maldini
Een vijfentachtig lang
Rode rok boven de knie
Het zwarte haar de blauwe ogen
Ik wist niet waar ik kijken moest
Die mond, een vleugje ironie
Zo’n vrouw die achteloos
Het leven van een man verwoest.

Dus als Paolo aanlegt
In de finale van Parijs
Voor de vijfde strafschop
– Ronaldo heeft er een gemist –
Heel Italië bidt Maria, Jezus Christus
Zal ik alleen maar denken:
O Paolo
Hoe is het met je zus?

 

Henk Spaan (Heerhugowaard, 30 september 1948)