Dolce far niente 4

  

Romenu had even vrij vandaag. Morgen weer de gebruikelijke berichten en ook de schrijvers van de 18e maart.

 

 

 

Trijntjes dolce far niente.

 

’t Zit in de Golf van Napels niet,

Van Napels of Tarente;

Ook ’t Zandvoortsch kind heeft, als gij ziet,

Zijn dolce far niente.

 

‘’t Is lui, ’t is heet, ’t is brandend weer;

Hoe kan die meeuw nog vliegen?

‘k Lag liever plat op ’t water neer,

En liet mij zachtjes wiegen.’

 

Zoo spreekt zij, en ligt plat op ’t zand,

En laat het zonlicht spelen;

Of ’t bruine vel wat meer verbrandt

Kan haar geen oortje scheelen.

 

 

 


Dolce far niente door John Singer Sargent, 1907

Nicolaas Beets (13 september 1814 – 13 maart 1903)

 

 

 

 

Dolce far niente

 

De tv uit, lees geen kranten.
Geluk ligt binnen handbereik.
Kijk rustig hoe het gras groeit.
Drink een glas en zing een lied.
Tel sterren tot je dromen.

 

Ga vooral bij jezelf te rade.
Ga niet weg want je bent er al.

 

 

 

Dolce far niente door Daniel Ridgway Knight(1839 – 1924)

Rense Sinkgraven (Sint Jacobiparochie, 17 maart 1965)

 

 

 

 

Luieren

 

Ik lig de hele dag zalig languit
Te dromen en gerust op u te wachten.
Verlangen heeft mijn denken iets gekruid,
Precies genoeg om met plezier te smachten.

Ik luier feestlijk, mijn lichte gedachten
Bewegen zich om fris en geurig fruit
En bloemen, en ik luister of ‘k het zachte
donkere lokken hoor der diepe fluit.

Alle avonds fluit bij dat klein huisje ginder
Een jongen de vermoeide wereld stil.
En zoals aan een grote bloem een vlinder
Zich vastklemt met behaaglijk wiekgetril,
Weet ik van ver uw stralende ogen wenken
En kan nog maar alleen aan u gedenken.

 

 

 


Dolce far niente door Franz Xaver Winterhalter, 1836

Willem de Mérode (2 september 1887 – 22 mei 1939)