Oudjaar (J. H. Leopold, Theodor Fontane, John Milton)

Alle bezoekers en mede-bloggers een aangename jaarwisseling en een gelukkig Nieuwjaar!

 

Barend Cornelis Koekoek (1803 – 1862), Winterlandschap

 

Nu dat het jaar is oud en wit

Nu dat het jaar is oud en wit
En elk in zijn behuizing zit
Over het vuur gebogen,
Nu zal een wakkre zang opgaan
En dreunend aan de zolder slaan
Rumoerend in den hoge.

Hoe zit de huisman breed en goed
Op zijnen stoel en welgemoed
Keert hij de rug naar buiten
En tegen kou en overlast
Noodt hij de vrolijkheid te gast
Met neuriën en fluiten.

En dan op een gegeven woord
Zet in hij en onverstoord
Een bas met zware gangen,
Terwijl de vrienden honderd uit
Met tierelierend keelgeluid
Opvolgen en vervangen.

Tuinkoningen in wintertijd
Die al de strenge vorst ten spijt
Hun helder liedje zingen;
Wat ook voor leed heeft aangerand
Of dreigen mag, houd stand, houd stand,
Kloek hart zal ’t al bedwingen.


J. H. Leopold (11 mei 1865 – 21 juni 1925)

Doorgaan met het lezen van “Oudjaar (J. H. Leopold, Theodor Fontane, John Milton)”