Remco Campert, Malcolm Lowry, Angélica Gorodischer, Gerard Manley Hopkins

 

De Nederlandse dichter en schrijver Remco Campert werd op 28 juli 1929 in Den Haag geboren. Zie ook mijn blog van 28 juli 2010 en eveneens alle tags voor Remco Campert op dit blog.

 

Uit: De Schrijver (Het leven een droom)

 

“Suzie was met haar rug naar me toe gaan liggen en deed er het zwijgen toe. Ik ging achter haar liggen en legde een verkennende hand op haar heup. Ze duwde mijn hand weg en schoof een stukje van me af – niet erg ver, omdat ze anders uit het bed zou vallen.

Opnieuw stuurde ik mijn hand in de richting van haar onwillige lijf. Opnieuw werd hij weggebonjourd. ‘Hou op.’

‘Suzie, het spijt me. Ik geef toe dat ik niet erg aardig was. Het komt door die nachtmerrie. Die zat me dwars, maar het is nu over.’

‘Echt?’

‘Echt.’

Nu liet ze mijn hand toe. Ik kuste haar op haar oor. Ze maakte een knorrend geluidje en draaide zich om. Ik streelde haar rug en haar billen, maar toen haar hand die langs mijn dijen omhoog was gekropen zich om mijn stijve pik sloot, was mijn reactie heftig en tegengesteld aan waar we beiden op uit waren.

Ik trok me met een ruk terug en ging overeind zitten.

‘Wat is er nu weer?’

 

 

Uit: Het leven is vurrukkulluk

 

“Ik heb Etta Zoon versiert’, zei Boelie. ‘Maar ik ben stom geweest. Ik heb gezegd dat ik van haar hou, want ik dacht dat het me anders niet zou lukken.’
‘En hou je van haar?’
‘Misschien nu wel, maar morgen waarschijnlijk niet meer.’
‘Zij waarschijnlijk ook niet.’
‘Ik weet het niet. Ze is erg serieus. Ik schijn haar maanden geleden eens gekust te hebben en dat wist ze nu nog.’
‘Dat is niet zo best.’
‘Wat moet ik nu doen? Ik bedoel, zal ik er mee doorgaan? Voor je het weet komen er scheidingen van en dan zit ik aan haar vast.’
‘Nou, en?’
‘Dat kan toch niet. Dat wil ik niet.’
‘Veel bidden maar.’

 

 

Remco Campert (Den Haag, 28 juli 1929)

Continue reading “Remco Campert, Malcolm Lowry, Angélica Gorodischer, Gerard Manley Hopkins”

Stephan Sanders, Shahyar Ghanbari, John Ashbery, Drew Karpyshyn, Collin Higgins, Józef Ignacy Kraszewski, Hilde Van Cauteren

 

De Nederlandse schrijver, columnist, presentator en essayist Stephan Sanders werd geboren in Haarlem op 28 juli 1961. Zie ook mijn blog van 28 juli 2008 en ook mijn blog van 28 juli 2009 en ook mijn blog van 28 juli 2010

 

Uit: Kleurling

 

„Of eigenlijk moet ik het anders vertellen:

Paramaribo is de stad waarmee ik voor het eerst werd geconfronteerd in Amsterdam, toen ik daar als 17-jarige student net was komen wonen. In een avondwinkel werd ik aangesproken door een mij vriendelijk toeknikkende man, die iets aardigs tegen mij zei, dat jammer genoeg ook onverstaanbaar was. Hij zei het nog een keer, iets luider, en ik begon van de schrik maar eens in het Engels terug te praten. “Ben jij geen Surinamer dan?” vroeg hij uiteindelijk beteuterd. Ik geloof dat hij dat vooral sneu vond voor mij, zo’n niet-blanke jongen in Nederland, die niet eens de geringste notie had van het

Sranan.

Paramaribo is dus de stad die ik in Amsterdam heb leren kennen, vooruitlopend op een later bezoek, en Nederlandse Surinamers hebben me sindsdien zo’n beetje geadopteerd als een van hen. Ze herkende mij als een ‘rode neger’ en besloten dat ik precies leek op een neef of achterneef die ook nog ergens in de familie rondzwierf. Ik paste daar moeiteloos bij.

Ik vond dat deel van ze, want Nederlanders zijn, zeker de laatste tijd niet zo scheutig met het delen van hun nationaliteit.

En toen kreeg ik een Surinaamse geliefde, een man van mijn leeftijd die op achtduizend kilometer afstand van mij is opgegroeid, en die precies dezelfde kinderrijmpjes heeft geleerd. Ook een bruine man, ook in het Nederlands gedrenkt, als een onbekend broertje op afstand.

Inmiddels ben ik vaak in Paramaribo geweest. De laatste keer dat ik er was, liet ik mij ontvallen dat het straatbeeld me zo aan Kaapstad deed denken. Ik bedoel niet de vier- of zesbaans autowegen die Kaapstad kent en die in Paramaribo zo goed als afwezig zijn; niet de gebouwen van downtown Capetown, waarbij Paramaribo provinciaal afsteekt. Ik bedoel de mensen, het overheersende beeld van allerlei soorten bruin op straat (licht-, middel-, donker-bruin), de onnavolgbare raciale mixen die je op de markt tegenkomt, in busjes.“

 

 

Stephan Sanders (Haarlem, 28 juli 1961)

Continue reading “Stephan Sanders, Shahyar Ghanbari, John Ashbery, Drew Karpyshyn, Collin Higgins, Józef Ignacy Kraszewski, Hilde Van Cauteren”