David Guterson, Werner Fritsch, Jan Mulder, Olia Lialina, Ishita Bhaduri

De Amerikaanse schrijver David Gutersonwerd geboren op 4 mei 1956 in Seattle. Zie ook mijn blog van 4 mei 2008 en ook mijn blog van 4 mei 2009 en ook mijn blog van 4 mei 2010.

 

Uit: The Other

 

“John William had a Chevrolet Impala with cream paint and a vinyl top. His parents bought it new in ’67 and drove it for five years before handing him the keys, and it was this Impala that we used, as frequently as we could, to light out for the territories — to light out with all the subtext of escape implied by that phrase from Huck Finn. Before we were nineteen, we had already climbed Mount Saint Helens (before it famously blew), Mount Rainier, Mount Baker, and Mount Adams — in short, we were mountaineers at an early and reckless age. We’d hiked beside the ocean from Point of the Arches to the Quillayute Needles, and we’d seen the Pickets in the North Cascades, and the range above the Hoh now known as the Valhallas but back then still called the Pleiades. That Impala served us well. Once, near Yellow Bluff, on State Route 109, along the coast, John William pulled over to face the breaking waves and told me that here, where we were now sitting, looking at the ocean on a summer afternoon, something had happened which he remembered in detail from five years earlier — from the year when his mother, Ginnie Barry, landed in a psych ward.

In the spring John William was telling me about — the spring of ’67 — she’d become obsessed with Ralph Nader’s “Unsafe at Any Speed” and wouldn’t eat in restaurants because of DDT and BHC. She kept a copy of New and Nonofficial Drugs on her bedside table and became an expert on adrenal glands. She was forty-six, and she’d lost weight to the point where her blouses and jackets hung from her prominent clavicles like sheets. She stayed in bed a lot, with her face sandwiched between fat pillows, worrying, she told John William, that the prevailing winds had driven nuclear radiation toward Seattle from H-bomb test islands in the South Pacific.”

 

 

David Guterson (Seattle, 4 mei 1956)

 

De Duitse schrijver Werner Fritsch werd op 4 mei 1960 in Waldsassen geboren. Zie ook mijn blog van 4 mei 2008 en ook mijn blog van 4 mei 2009 en ook mijn blog van 4 mei 2010.

 

Uit: Die Alchemie der Utopie

 

“Die Zeit ist ein Fluß … Ein ungestümer Strom, der alles fortreißt … Jegliches Ding … Kaum zum Vorschein gekommen, ist es auch schon fortgerissen … Ein anderes wird herbeigetragen … Aber auch das wird bald wieder verschwinden …

Diese Meditation des Marc Aurel fällt mir in diesem Augenblick an der Wondreb ein: angesichts des Züngelns der Wasserpflanzen. Angesichts des Goldes, des Sepias, des Gelbs der Blätter, die im Oktoberwind aus den Kronen der Erlen und Weiden und Birken schweben … Ein kaum hörbares, zirpendes Flirren liegt in der Luft … Schwarzgeädertes Gold, sepiageädertes Sepia oder rotgeädertes

Gelb, treiben die Blätter, sofern sie der Wind nicht, über Brombeerhecken hinweg, auf die Distelwiesen, diesseits oder jenseits der Wondrebufer, gewirbelt hat, ewig, so will es scheinen, um sich kreiselnd, im Fluß …

Die Sonne projiziert Sterne in den Wasserlauf: Lichtkristalle in den Kinematograph Kopf. Die Sonne selbst gleicht einem von Weißglut zerfressenen Goldauge im dunklen Dahinströmen. Tote Disteln am Ufer, deren gezackte, frostbraune Blätter an Scherenschnitte erinnern, wild verwucherte Brombeerranken. Ich spreche mit Sehnsucht nach dem süßen Blut der Früchte auf der Zunge …”

 

 

Werner Fritsch (Waldsassen 4, mei 1960)

 

 

De Nederlandse columnist, schrijver, ex-voetballer, en televisieman Jan Mulder werd geboren in Bellingwolde op 4 mei 1945. Zie ook mijn blog van 4 mei 2009 en ook mijn blog van 4 mei 2010.

Drie Minuten

Het lijkt gisteren dat de wereld 3 minuten stilte in acht nam voor de slachtoffers van de aanval op het WTC in New York.
Men dacht in die eerste dagen aan vijftigduizend dode. Vijfentwintigduidend per gebouw. De betekenis van die huiveringwekkende cijfers ging je boven de pet. Vijftiguizend minuten stilte leken nog niet genoeg voor dit leed.
Daarna bleek dat velen tijdens de aanslag niet op hun werk waren.
De ramingen van het aantal slachtoffers daalden naar vijftien- à twintigduizend.
Iets later zat het getal opeens onder de tienduizend.
Gelukkig geen vijfitgduizend meer.
Duizenden terruggevonden vermisten verder doken we voor het eerst onder de vijfduizend doden.
Het getal vierduizend bleef enige tijd staan.
Deze week werd bekend dat er ongeveer tweeduizend slachtoffers zijjn.
Dat is ‘tweeduizend te veel’, zoals men het wel onder woorden brengt, aan de andere kant kun je ook stellen dat na die eerste ongelofelijke dag vijfenveertigduizend mensen het leven hebben behouden. (Onbeschrijfelijk geluk al die doodgewaande levenden.)
Tweeduizend komt in de buurt van het voorstelbare. De Titanic. Waarschijnlijk veel minder dan er sinds 11 september in Afghanistan zijn gevallen door de bombardementen.
Drie minuten stilte voor Kabul.
Morgenmiddag om 12 uur.
Maar het Afghaanse dodental zegt niks, u bent bezig met die vijftigduizend van de Twin Towers. En het was ook niet een ‘onvermijdelijke’, voor een nette wereld noodzakelijke vernietiging van leven, daar in Afghanistan?
Vergeet het maar gauw


Jan Mulder (Bellingwolde, 4 mei 1945)

 

 

 

De Russische netkunstenares Olia Lialina werd geboren op 4 mei 1971 in Moskou. Zie ook mijn blog van 4 mei 2007 en ook mijn blog van 4 mei 2009 en ook mijn blog van 4 mei 2010.

 


Ga naar http://www.teleportacia.org/war/war2.htm

 

Of naar: http://www.c3.hu/collection/agatha  

 

Of naar: http://art.teleportacia.org  

 

 

 

Olia Lialina (Moskou, 4 mei 1971)

 

De Indiase dichteres Ishita Bhaduri werd geboren op 4 mei 1961 in Kolkata in West-Bengalen. Zie ook mijn blog van 4 mei 2009 en ook mijn blog van 4 mei 2010.

 

Uit: One Noon At Rina Aunty’s

 

„Rina Aunty. Not ours but Mother’s aunty. Actually she is our granny, but we all called her Rina Aunty. She was not at all granny-like. Grannies wear white saris, chew betel leaves, are calm and quiet, and do a lot of Pujas. At least Didai did all these. But Didai’s sister, Rina Aunty was not at all like her. She was always active, much younger at heart than our mothers, wore flamboyant saris and high-heeled shoes, never shopped anywhere else other than at New Market. There was absolutely no question of her performing pujas. With husband and son theirs was a very jolly family.

Rina Aunty also means to me one noon of my childhood days. I was a six or seven years old. Joy uncle was my mother’s maternal brother. It was on the occasion of his marriage that we came from Karimpur to Calcutta. The venue of marriage was at Bhawanipur, and all the family members and relatives from different places were gathered together. There were lots of excitement, banana leaf plates and earthen glasses, everything unrestrained. In those days marriage functions were very enjoyable. The only hitch was that being children we had to finish our meals always when the first batch took off a feat, which I detested. I always wished I grew up fast and then I would arrange for all adults to finish meals in the first batch.“

 

 

Ishita Bhaduri (Kolkata, 4 mei 1961)