Arthur Japin, Anne Provoost, Yves Petry, Aldous Huxley, Nicholas Evans, Chairil Anwar, George Bernard Shaw, Claude Esteban, Antonio Machado, Anré Maurois, Paul Gallico, Hans Bergel

De Nederlandse schrijver Arthur Japin werd geboren in Haarlem op 26 juli 1956. Zie ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Alle Verhalen

BARCELONA

Barcelona maakt zich op. Alsof ze zich schaamt voor wat ze is, bedekt de stad haar oneffenheden onder een dikke laag makeup. De Olympische klant die behaagd moet worden, is allang gestrikt. Toch is de nerveuze afwachting in de hele stad merkbaar. Mijn duistere kamer in de hoerenbuurt wacht al maandenlang op de afbraak van het tegenoverliggende huizenblok en op de zee van licht die daarachter schuil moet gaan. Een groen plein zal binnenkort deze Catalaanse Zeedijk voor de Olympische deelnemers vermommen. Kennelijk verwacht men tijdens de Spelen ook in deze rosse buurt een grote toeloop. Maar waarom juist het blok aan de overkant en niet een ander? Niemand weet het. Met chaotische bedrijvigheid worden de straten opengemaakt en dichtgegooid, zevenmaal in één maand, alsof men in de grond op zoek is naar een reden. Het zijn symptomen van de Olympische koorts.
Les demoiselles d’Avignon, de door Picasso beroemd geworden hoeren, zitten er ’s ochtends op de stoep of tegen de etalages van de Carrer d’Avignó gelaten naar te kijken. Ze zijn oud geworden. Hun haar is blauw gespoeld. Ze beschermen het met één hand tegen de forse wind die is opgestoken vanuit de bergen. Heimelijk hopen ze misschien straks nog een passerende atleet voor zich te kunnen winnen. Af en toe halen ze de keurige damestasjes van hun arm. Dan komt er een camouflagestift uit en een spiegeltje waarin ze controleren of het hún tijd nog wel zal duren.

De tramontana waait.
‘Eindelijk kun je de hemel zien!’ roept de oude man die langs het havenfront komt aangehinkt. Een van de vele slachtoffers van polio, of misschien ook wel gewond geraakt tijdens Franco. Aan welke kant eigenlijk? Hij gebaart recht omhoog.”

japin

Arthur Japin (Haarlem, 26 juli 1956)

 

De Vlaamse schrijfster Anne Provoost werd geboren in Poperinge op 26 juli 1964. Zie ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Beminde ongelovigen

Nieuwe opvattingen winnen veld: evangelisch creationisme, islamfundamentalisme en religieus sektarisme. Op verschillende vlakken zien we een hang naar meer rigide modellen. Alles wijst erop dat ze eraan komen, de prefecten van onze geest, zij die geloven dat er zoiets bestaat als een buitenmateriële kracht met een voorbeschikking, een project voor u en voor mij, misschien zelfs een uitverkiezing. We zijn er niet klaar voor. Ik heb mensen over zichzelf horen zeggen dat ze gelovig waren omdat ze in buitenaards leven geloofden. Anderen heb ik hun ongeloof horen verdedigen met behulp van een raadselachtig onderscheid tussen ‘toeval’ en ‘blind toeval’.

Onze omgang met de thema’s van geloof en ongeloof is frivool en ontwijkend, onze argumentatie mist slagkracht en diepgang, vaagheid is troef. We verwarren tolerantie tegenover andersdenkenden met het kritisch onderbouwen van onze eigen opvatting. Een denkgebied dat blijft hangen in gemeenplaatsen maakt zich kwetsbaar, het zal in geen tijd worden veroverd door filosofieën die plausibeler concepten aandragen. Prat gaan op onze Verlichting zal niet mogelijk blijven als de groep die profiteert van die Verlichting deze niet meer weet te beargumenteren.

We staan aan de vooravond van hete tijden. Al wie jonger is dan veertig behoort tot een ‘het-kan-zo-niet-langer-generatie’. Ze groeiden op na de jaren zeventig en werden groot met waarschuwingen zonder parure: dat de voorraden uitgeput raakten, dat de wereldbevolking te snel groeide. Het begon met autoloze zondagen en eindigde met… tja, hoe eindigde het? „

 provoost

Anne Provoost (Poperinge, 26 juli 1964)

 

De Vlaamse schrijver Yves Petry werd op 26 juli 1967 geboren in Tongeren. Zie ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: De cijfers spreken

„Amor omnia vincit, de liefde slaat alles en eist van haar volgelingen het uiterste. Zwijgen moeten zij over al het futiele dat geen liefde is, en Gods eigen muziek zullen zij zingen, ‘een muziek die door niemand is opgezet en door niemand kan worden afgezet, een muziek die al klonk nog voor enig leven op aarde gerucht begon te maken en die nog zal klinken lang nadat de laatste mens onder het sediment is verdwenen.’
Na op klaarlichte dag overvallen te zijn door de liefde besluit Rijker West zijn betrekking als assistent-bioloog op te geven en voortaan de weg van de ware minne te bewandelen.

De liefde slaat alles, maar alles slaat terug. De wereld heeft geen oren naar Gods eigen muziek. De wereld denkt nuchter, pragmatisch en toekomstgericht. Zij heeft haar eigen doelen. Liefde is een realiteit als een andere, net als tijdsbeheer en gezondheidszorg, en je kan er maar beter realistisch in blijven, zo spreekt de wereld.
Rijker West zal dit op vele manieren mogen ervaren, onder andere wanneer hij bij zijn arbeidsconsulente, mevrouw Box, op het matje wordt geroepen… „

petry

Yves Petry (Tongeren, 26 juli 1967)

 

De Engelse schrijver en criticus Aldous Huxley werd geboren op 26 juli 1894 in Godalming, Surrey. Zie ook mijn blog van 26 juli 2006 en ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Point Counter Point

“People want to drown their realization of the difficulties of living properly in this grotesque contemporary world, they want to forget their own deplorable inefficiency as artists in life.
Some drown their sorrows in alcohol, but still more drwn them in books and artistic dilettantism;
some try to forget themselves in fornication, dancing, movies, listening-in, others in lectures and scientific hobbies.
The books and lectures are better sorrow-drowners than drink and fornication; they leave no headache, none of that despairing post coitum triste feeling.
Till quite recently, I must confess, I too took learning and philosophy and science –
all the activities that are magniloquently lumped under the title of “The Search for Truth” – very seriously. I regarded The Search for Truth as the highest of human tasks and the Searchers as the noblest of men.
But in the last year or so I have begun to see that this famous Search for Truth is just an amusement, a distraction like any other, a rather refined and elaborate substitute for genuine living; and that Truth-Searchers become just as silly, infantile, and corrupt in their way as the boozers, the pure aesthetes, the business men, the Good-Timers in theirs.
I also perceived that the pursuit of Truth is just a polite name for the intellectual’s favourite pastime of substituting simple and therefore false abstractions for the living complexities of reality.
But seeking Truth is much easier than learning the art of integral living (in which, of corse, Truth-Seeking will take its due and proportionate place along with the other amusements, like skittles and mountain climbing).”

 huxley

Aldous Huxley (26 juli 1894 – 22 november 1963)

 

De Engelse schrijver Nicholas Evans werd geboren op 26 juli 1950 in Bromsgrove. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: The Smoke Jumper

„It was nigh on noon when the smoke jumpers came. They plummeted in pairs on each pass of the plane, their bodies jolting as the parachutes cracked open and filled and left them floating like medusas in an ocean of sky. Now and then the chutes masked the sun that flared harsh and white and unforgiving behind them, making shadows of their downward drift on the veil of smoke that shrouded the mountainside. They were a crew of six men and two women and every one of them landed safely in the jump spot, a narrow clearing not forty yards wide. They shed their parachutes and jumpsuits and stowed them, then unpacked their chainsaws and pulaskis and shovels from bags that were dropped separately and soon they were ready to start cutting a fire line.
The peak that watched over them while they worked was called Iron Mountain. Its western shoulder was thickly forested and had no ready access by road. The fire had been spotted by a ranger that morning and, fanned by a strengthening westerly, had already taken out more than a hundred acres. If it continued to head east or switched to the north there was little risk. But to the south and west there were ranches and cabins and if the wind shifted they would be in grave danger, which was why the call had come for the smoke jumpers.“

evans

Nicholas Evans (Bromsgrove, 26 juli 1950)

 

De Indonesische dichter Chairil Anwar werd geboren op 26 juli 1922 in Medan. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Ik

Als mijn tijd gekomen is
wil ik van niemand rouw
Ook niet van jou

Niks geen gesnik en gesnotter

Ik ben een eenling geworden
Uitgestoten uit de horde

Laat kogels mijn huid doorboren
Ik blijf tekeergaan en schoppen

Wonden en gif voer ik mee op mijn vlucht
Vlucht
Tot de schrijnende pijn zal verdwijnen

En ik zal er nog minder om geven

Ik wil nog duizend jaar leven
Vertaald door A. Teeuw

 

My Friend And I
For L.K. Bohang

We share the same path, late at night
with the fog, penetrating
and the rain, drenching our bodies.

Ships freeze in the harbor.

My blood curdles. My mind congeals.

Who is it that speaks?
My friend is but a skeleton
scourged of his strength.

He asks the time!

It is so late.
All meaning has sunk and drowned
and motion has no purpose.
Vertaald door John H. McGlynn

anwar

 Chairil Anwar (26 juli 1922 – 28 april 1949)

 

De Ierse toneelschrijver, socialist en theatercriticus George Bernard Shaw werd geboren in Dublin op 26 juli 1856. Zie ook mijn blog van 26 juli 2006 en ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Getting Married

„To put it briefly, a contract for better for worse is a contract that should not be tolerated. . . . Indissoluble marriage is an academic figment, advocated only by celibates and by comfortably married people who imagine that if other couples are uncomfortable it must be their own fault, just as rich people are apt to imagine that if other people are poor it serves them right.

Home life as we understand it is no more natural to us than a cage is natural to a cockatoo. Its grave danger to the nation lies in its narrow views, its unnaturally sustained and spitefully jealous concupiscences, it petty tyrannies, its false social pretenses, its endless grudges and squabbles . . . its unnatural packing into little brick boxes of little parcels of humanity of ill-assorted ages, with the old scolding or beating the young for behaving like young people, and the young hating and thwarting the old for behaving like old people, and all the other evils, mentionable and unmentionable, that arise from excessive segregation. It sets these evils up as benefits and blessings representing the highest attainable degree of honor and virtue, whilst any criticism of or revolt against them is savagely persecuted as the extremity of vice.

We must be reasonable in our domestic ideals. I do not believe that life at a public school is altogether good for a boy any more than barrack life is altogether good for a soldier. But neither is home life altogether good. Such good as it does, I should say, is due to its freedom from the very atmosphere it professes to supply. That atmosphere is usually described as an atmosphere of love; and this definition should be sufficient to put any sane person on guard against it. The people who talk and write as if the highest attainable state is that of a family stewing in love continuously from the cradle to the grave, can hardly have given five minutes serious consideration to so outrageous a proposition. . .„

shaw

George Bernard Shaw (26 juli 1856 – 2 november 1950)

 

De Franse dichter en essayist Claude Esteban werd geboren op 26 juli 1935 in Parijs. Zie en ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Lumière qui va toujours
devant, je te prendrai
par la main, ce sera soudain
plus simple, les choses
et les gens, les mots qui durcissaient
sous la langue, tout
sera transparent pour nous, lumière
qui n’as pas de lieu, voilà que tu t’arrêtes
et que mon mal
s’arrête aussi et que tu m’attends.

 

Donnez-moi ce matin, ces heures
encore du petit matin
quand tout commence, donnez-moi, je vous prie,
ce mouvement léger des branches,
un souffle, rien de plus,
et que je sois comme quelqu’un
qui se réveille dans le monde et qui ne sait
ni ce qui vient ni ce qui va
mourir, donnez-moi
juste un peu de cieI, ou ce caillou.

esteban

Claude Esteban (26 juli 1935 – 10 april 2006)

 

De Spaanse schrijver en dichter Antonio Machado Ruiz werd op 26 juli 1875 in Sevilla geboren. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

 

The Wind, One Brilliant Day

The wind, one brilliant day, called
to my soul with an odor of jasmine.

“In return for the odor of my jasmine,
I’d like all the odor of your roses.”

“I have no roses; all the flowers
in my garden are dead.”

“Well then, I’ll take the withered petals
and the yellow leaves and the waters of the fountain.”

the wind left. And I wept. And I said to myself:
“What have you done with the garden that was entrusted to you?”
Vertaald door Robert Bly

 

Songs of the High Country

Soria, in blue mountains,
on the fields of violet,
how often I’ve dreamed of you
on the plain of flowers,
where the Guadalquiviŕ runs
past golden orange-trees
to the sea.

machado

Antonio Machado (26 juli 1875 – 22 februari 1939)

 

De Franse schrijver André Maurois (eig. Emile Salomon Wilhelm Herzog) werd geboren op 26 juli 1885 in Elbeuf. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Le bonheur dans l’action

« Il semble inutile d’escalader les plus hautes montagnes, d’y risquer la mort et le gel, ou de descendre au fond des gouffres. Inutile sauf au bonheur. Ceux qui peuvent, grimpent ; ceux qui ne grimpent pas applaudissent. Et les riches ne sont à peu près heureux que s’ils se servent de leur fortune pour travailler davantage. Après avoir vaincu ses rivaux, le financier continue de risquer pour se dépasser lui-même. Il a plus d’affaires qu’il n’en peut administrer ? Il en crée de nouvelles. Pour un homme qui a gouverné et joué le grand jeu, la retraite est presque insupportable. Il ne peut se désintoxiquer de sa drogue favorite : l’action. Il lui reste la ressource d’écrire ses mémoires et de revivre ainsi ses rudes actions.

Une société qui permettrait un nouvel Âge d’Or et l’abondance sans travail montrerait qu’elle ne comprend rien à la nature humaine. Il n’y a de bonheur que celui que l’on fait soi-même. Le plaisir de l’écrivain, ce n’est pas le succès, c’est d’écrire. « J’ai parfois entrevu, disait Flaubert, un état supérieur à la vie, pour qui la gloire n’est rien, et le bonheur même inutile…» Inutile, oui, parce que déjà prodigué par l’action de créer. L’ouvrier esclave d’une machine qui lui impose un rythme et des actions monotones subit plus qu’il n’agit. C’est pourquoi il est mécontent. Il retrouvera le bonheur lorsque des robots seront chargés des travaux sans liberté et que l’ouvrier dirigera les robots. L’homme n’aura jamais fini de transformer le monde, de faire des plans, de les éprouver et de les refaire. «Au commencement était l’action».

maurois

Anré Maurois (26 juli 1885 – 9 oktober 1967)

 

De Amerikaanse schrijver Paul Gallico werd geboren op 26 juli 1897 in New York. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2008 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Jennie meine Freundin (Vertaald door Lisa May)
“Bist du dir im Zweifel, über irgend etwas im Zweifel – wasch dich! Das ist die Grundregel”, sagte Jennie. (..)

“Hast du irgend etwas angestellt und jemand schilt dich – wasch dich schnell”, fuhr Jennie fort. “Verlierst du das Gleichgewicht und fällst von etwas herunter – wasch dich! Befindest du dich in einem heftigen Streit und möchtest die Feindseligkeiten gern unterbrechen, bis du dich ein wenig gesammelt hast, fang einfach an, dich zu waschen. Vergiß nicht: alle Katzen respektieren einander, wen sie Toilette machen. Das ist unsere erste Regel, was den gesellschaftlichen Anstand betrifft, und die mußt du auch befolgen.

In welcher Situation und welcher Schwierigkeit du dich auch befinden magst, du kannst nicht fehlgehen, wenn du dich wäscht. Kommst du in ein Zimmer, in dem ein Haufen Leute, die du nicht kennst und die dich verwirren, aufgeregt durcheinanderreden, setz dich einfach in ihre Mitte und putz dich ein bißchen. Dann werden sie sich bald beruhigen und dich ansehen. Erschreckt dich irgendein Geräusch, so

Bilder von Meine Freundin Jennie/ Gallico, Paul

Meine deutschen Ausgaben..daß du entsetzt aufspringst, und jemand, den du kennst, hat gesehen, daß du Angst hattest – fang sofort an, dich zu waschen.

Ruft dich jemand, und du hast keine Lust, hinzugehen, möchtest den Betreffenden aber auch nicht beleidigen – wasch dich.

Bist du gerade unterwegs und weißt plötzlich nicht mehr, wohin du eigentlich wolltest, setz dich ein Weilchen und mach dich erstmal frisch. Dann wird es dir schon wieder einfallen. Tut es dir an irgend einer Stelle weh, wasch sie. Bist du es müde, mit jemandem zu spielen, der so freundlich war, sich dafür die Zeit zu nehmen, und du möchtest gerne aufhören, ohne seine oder ihre Gefühle zu verletzen – wasch dich ruhig“.

gallico

 Paul Gallico (26 juli 1897 – 15 juli 1976)

 

De Duitse schrijver en journalist Hans Bergel werd geboren op 26 juli 1925 in Râşnov (Duits:Rosenau), Siebenbürgen ofwel Transsylvanië, Roemenië. Zie ook mijn blog van 26 juli 2007 en ook mijn blog van 26 juli 2009.

Uit: Trauer im Zeichen doppelter Erschütterung


„Als ich im Januar 1962 als politischer Strafgefangener in einem Zwangsarbeitslager an der unteren Donau bei 32 Kältegraden die Hand des sterbenden 28-jährigen Arztes Dr. Mehedinţ in meiner Hand hielt, bis sie erkaltete, hatte ich eine dieser Formen kennen gelernt. Der Uniformierte, der dem Arzt mit dem Schlag eines Spatens den Schädel zertrümmert hatte, weil er mit dem vollbeladenen Schubkarren auf dem vereisten Brettersteg gestürzt und nicht schon in derselben Sekunde wieder aufgestanden war, hatte sich nach dem Hieb vor uns aufgebaut, sich eine Zigarette angezündet und zwischen zwei Zügen in die vom Blut roten Schneebrocken neben dem Gesicht mit den erloschenen Augen gespuckt, hinter sich zwei Bewaffnete der Eskorte unseres Arbeitstrupps, die auf mich gerichteten Maschinenpistolen in den Fäusten.

Wenn ich in den folgenden Minuten der Toten im ehemaligen riesigen Herrschaftsbereich kommunistischer Diktatoren gedenken soll – wie mein Auftrag für diese Feierstunde lautet –, kann ich es nur im Zeichen der Teilhabe an Bildern wie diesem tun. Die Zahl der Variationen solcher Bilder ist unbegrenzt, die Vielfalt schmerzhaften Rückblicks ebenfalls, und die Auffassung vom Tod als einem zum Ganzen unseres Daseins gehörenden natürlichen Teil verliert für mich jenen Akzent an Verbindlichkeit, die ihm nach meinem Dafürhalten in unserer redseligen Welt allzu schnell zugesprochen wird.“

bergel

Hans Bergel (Râşnov, 26 juli 1925)