August Willemsen, Joyce Carol Oates, Derek R. Audette, -minu, Ferdinand Laholli, Torgny Lindgren, Elfriede Gerstl

De Nederlandse schrijver essayist en vertaler August Willemsen werd geboren in Amsterdam op 16 juni 1936. Zie ook mijn blog van 16 juni 2006, mijn blog van 13 juni 2007  en mijn blog van 29 november 2007.

 Uit: Mensagem – de boodschap die niet aankwam

 

Mensagem (Boodschap) is het enige door Fernando Pessoa (1888-1935) bij zijn leven in boekvorm uitgegeven dichtwerk. Het verscheen een jaar voor zijn dood, in 1934. Wat is Mensagem? Waarom is het de enige gepubliceerde dichtbundel?

In de meest algemene termen: Mensagem is een mythische interpretatie van verleden en heden van Portugal, en een daarop gebaseerd visioen van zijn toekomst. De publicatie van het boek en het boek zelf hebben elk hun geschiedenis. Om met het laatste te beginnen: Pessoa heeft het boek niet zozeer geschreven, als wel samengesteld met (voor het merendeel) eerder geschreven gedichten. Het eerste dateert van 1913, vier werden geschreven tussen 1918 en 1922, vijftien in 1928, zes in 1934, en de andere daartussenin. Wat ze allemaal bindt is een aspect dat in het meeste van Pessoa’s overige poëtische werk geheel ontbreekt: zijn nationalisme.

Dit nationalisme van Pessoa schrijft men over het algemeen toe aan zijn in het buitenland doorgebrachte jeugd. Van zijn zevende tot zijn zeventiende leefde hij in Zuid-Afrika, waar zijn stiefvader Portugees consul was. Zoals bij wel meer ontheemden gebeurt, voelde Pessoa bij terugkeer in Portugal, in 1905, een grote drang zich te herintegreren in het culturele milieu van zijn geboorteland. In sommige opzichten werd hij Portugeser dan de Portugezen.

Dit uitte zich al vroeg in het schrijven van artikelen met patriottische strekking en in het opstellen van plannen voor een titanisch werk van epische toon en Sebastianistische strekking. Sebastianistisch? Daarover straks. Eerst verder met de ontstaansgeschiedenis van Mensagem.“

 

 

De zee Portugees

 

O zilte zee, wat van uw zout tezamen

Zijn door Portugal geweende tranen!

Hoeveel moeders hebben niet voor u geleden,

Hoeveel zoons hebben vergeefs gebeden!

Hoeveel meisjes bleven manloos zitten

Opdat wij u, o zee, zouden bezitten!

 

Was het dit waard? Alles is alles waard

Wanneer de ziel zichzelf aanvaardt.

Wie varen wil voorbij het verst verschiet

Moet voorbij pijn, voorbij verdriet.

God gaf de zee gevaren, diepten, kolken.

Maar in haar weerspiegelt hij de wolken.

 

 

Vertaald door August Willemsen

 

Willemsen

August Willemsen (16 juni 1936 – 29 november 2007)

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Joyce Carol Oates werd geboren in Lockport, New York, op 16 juni 1939.

 

The Lovers

Locked in love as the sky to its mock color
in a frieze of love like beauty in ancient profile
the lovers are a blantant litany
the lovers are hoarse with shouting of each other
their zeal eyeless and terrible
their moods promiscuous
as shiny black flies

 

Locked in love like the glowing bodies of wrestlers
in a panic of love as God pushes from every pore
the lovers laugh shrilly
the lovers see nothing funny
locked in love they are immortal
they are writhing in pain

 

Unlocked they would be like us
like us faintly quizzical
full-faced and glad of borders, walls,
ceilings, sills,
margins and boundaries and floors
and knowing what we are not

 

Locked in love they are tortured by Furies of thought:
Should one fail, what would the other do?
Should one lose faith, how would the other survive?
Mere death would canonize them
it is not mere death they fear

 

it is not mere death they fear

 

 

 

Waiting

 

Too many gulls to be counted.
Unrhythmic waves—immense, shallow—
the sucking noises never predictable.
He waits on the beach, his arms tight around his knees.
He is not a child, he sits too heavily.

 

A Canada goose flies in, the wings ungainly, noisy.
Seven mallards ride the waves
and there are innumerable sailboats, all silent.
Is this perfection?
He waits for the next wave to change everything.

 

 

Joyce+Carol+Oates

Joyce Carol Oates (Lockport, 16 juni 1939

 

 

 De Canadese dichter, artiest en musicus Derek Raymond Joseph Audette werd geboren op 16 juni 1971 in Hull, Quebec.

 

 

A Nameless Poet

 

I just read the work

of some nameless poet.

A poet

who posts some of his work

on his web site.

The poetry was ok

I suppose,

not great,

not even good

really.

but ok

 

However,

the man

who wrote it,

seemed to be

an asshole

of sorts.

 

“Thank you for not smoking cigarettes”

read a message on his website.

well,

fuck him!

I smoked the whole time I was reading

his mediocre poetry

and

I enjoyed my smoke

immensely.

I wish I could have

enjoyed

his work

a tenth of as much

as I enjoyed my smoke!

 

“My life is shit!”

exclaimed every one of his damned poems!

“Life, in general, is shit!”

exclaimed every one of his damned poems!

“Everybody hates me!”

exclaimed every one of his damned poems!

“And, none of it is my fault!”

exclaimed every one of his damned poems!

 

Fuck him.

He should probably

take up

smoking,

he might lighten up a bit.

 

 

Derek_R_Audette

Derek R. Audette (Hull, 16 juni 1971)

 

Zie voor de drie bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2008 en ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

 

 

De Zwitserse schrijver en columnsit -minu (eig. Hans-Peter Hammel) werd geboren op 16 juni 1947 in Basel. Zie ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

Uit: Vom Inselkoller und den Glühwürmchen

 

Inselkoller ist schrecklich. Und ich habe ihn.
Wenn die Vipern das Einzige sind, das dir entgegenzügelt, brauchst du andere Gesellschaft. Hornissenschwärme kreisen wie brummende Kampfflugzeuge über dir. Und Innocent macht beim kleinsten Brummer gleich in grösster Panik: «Schlag sie tot. Ich bin allergisch. Sieben können ein Pferd töten…» Ist er ein Gaul?
Ich beruhige ihn mit Kamille und wünschte mir Ferien auf dem sterilen Mars. Da hält dich auch das vielbesungene Röslein am Wegerand nicht auf Erden zurück. Oder das Balllettcorps der Lichtkäfer, die hier wie ein Transvestitenauftritt Glimmerschwänzchen und den Namen «Luciole» tragen.
Über die Glühwürmchen könnte ich ja stundenlang ein Liedlein singen. Tante Irmchen, die mit der Nasenwarze und den stets etwas verklebten
Pfefferminz-Bonbons im Gummitäschchen, das gute Irmchen also hat in seiner besten Zeit stets das Lied vom «Glühwürmchen… Glühwürmchen glimmre…» hingefiepst. Um ehrlich zu sein – es hat damit sämtliche Hochzeitsgesellschaften und Trauergäste mit seinem «glimmre… glimmre… schimmre… schimmre» zum Wahnsinn getrieben. Und nachdem Irmchen von einem besoffenen Lastwagenfahrer plattgefahren war und links und rechts wie ein Pizzateig von der Krankenbarre lampte, als sie ihr diese Reanimationskiste ansetzten und Vollgas gaben, da kam sie nochmals hoch, verbeugte sich kurz und krächzte: «Schimmre… flimmre». DAS WARS DANN AUCH. ENDE VOM LIED. ENDE DER KATASTROPHE. ENDE DES GLIMMERFIMMERWAHNSINNS.

 

Minu

-minu  (Basel, 16 juni 1947)

 

De Albanese dichter en vertaler Ferdinand Laholli werd geboren op 16 juni 1960 in Gradishta. Zie ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

 

Pretending

 

I am afraid to hear

and see

 

You are afraid to hear

and see

 

They are afraid to hear

and see.

 

We all pretend

that we know all about the world.

 

 

The Suicide Of Leaves

 

They long

to turn to gold

and now they fall

one

by one,

wailing.

 

 

Vertaald door Zana Banci en Anthony Weird

 

 

Laholli

Ferdinand Laholli (Gradishta, 16 juni 1960)

 

De Zweedse dichter en schrijver Torgny Lindgren werd geboren op 16 juni 1938 in Raggsjö. Zie ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2008 en ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

Uit: Bathsheba  (Vertaald door Tom Geddes)

“Now King David was striken with frost in his body, to his very bones. It was the month of zif, when to everyone else the heat seemed unbearable. He could get no sleep; he became more and more like a solitary bird on a rooftop.
They covered him over with layer upon layer of sheepskins, skins that had been displayed before the face of the Lord, and yet still he shook and shivered incessantly from cold.
And wine, wine which had in Mephiboshet produced an over-abundance of warmth and sleep, he could not swallow – it merely trickled out from the corner of his mouth.
And Bathsheba said: ‘Woman is the warmest of all God’s creatures. Let us find him a woman who is in her warmest years.’
For she knew: both kings and gods had been awakened to renewed life, had even arisen from the dead in the shimmering heat exuded by youth.
It was Abishag from Shunem they found. Solomon found her. He called her the Shunammite after the city where he found her. It was said of her that withered trees she touched bor fruit within ten days, and that infertile asses became pregnant at ounce if she slapped their hind quarters. It was for these reasons that Solomon asked to see her. Babylonian merchants thought her real name was Ishtar. She had once been taken out into the desert and red-blossomed oleanders had grown up in her footprints.
When Solomon saw her, he realized at once that she was the one who could cure the King. If the frost in his body could withstand Abishag the Shunammite, then it was incurable. The sun had burned her dark brown: she had once been the guardian of a vineyard. Her teeth resembled a flock of newly-washed ewes, her hair was long and gleaming black, and her breasts were firm and pointed.“

 

 

TorgnyLindgren

Torgny Lindgren (Raggsjö, 16 juni 1938)

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Elfriede Gerstl werd geboren op 16 juni 1932 in Wenen. Zie ook mijn blog van 16 juni 2008 en  ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

ich schreibe also … was …

1.
schreiben ersetzt ersehntes sprechen?
verstanden werden wollen
was für ein wahnsinn
als ob der wind lesen könnte
na ja schreiben in ehren
schreiben ist der beste koch
das schreiben kommt
das schreiben geht
ich schreibe … also bin ich?

 

2.
versteh ich denn was ich da sag
& bin ich der hüter meiner gedanken
& wie und wann gehören sie mir
in buchform eh klar – habs nicht
so gemeint –
& und wenn mir einer zufliegt
wie die birne vom baum
was dann

 

 

Elfriede_Gerstl

Elfriede Gerstl (16 juni 1932 – 9 april 2009)

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e juni ook mijn vorige blog van vandaag.

Theo Thijssen, Erich Segal, Jean d’Ormesson, Anna Wimschneider, John Cleveland, Giovanni Boccaccio, Frans Roumen

De Nederlandse schrijver en onderwijzer Theo Thijssen werd geboren in Amsterdam op 16 juni 1879. Zie ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2009.

Uit: Het taaie ongerief

 

Een snoer simpele herinneringen van Joop van Santen. Van een, die na een bestaan van meer dan een halve eeuw eens achterom kijkt, – en zich verwondert: hoe door dat bestaan een taaie draad van steeds hetzelfde ongerief kon lopen, die hij nù pas ziet.

De lijdens-historietjes zijner kleding-misère, als stekelige kraaltjes geregen aan de draad, waarvan hij ’t ene eind plotseling te pakken kreeg. . . . bij gelegenheid van onze laatste grote demonstratie. En toen is-ie die draad gaan volgen, terug door de jaren heen, tot het moment van prille jeugd, waar de herinnering aanvangt.

 Ieder weet nog, dat het had geregend toen, héél erg geregend? Welnu, en op een gegeven moment bekeek ik mijn vingers, en konstateerde, dat het de vingers van een verwoed sigaretten-roker waren: bruin-gevlekte toppen. Maar dat kòn niet: ik róók geen sigaretten; wèl sigaren. Zouden dan ook al de sigaren zich gemoderniseerd hebben, en mijn vingers zijn gaan toetakelen als die van het elegante tijd-type: de jongeling, die altijd juist toevallig z’n sigaret-peukje uitdooft? Mijn gesprek met een A.J.C.-leider hokte: zag ook hij niet de bruinte mijner vingertoppen, en weende hij niet inwendig bij zoveel gedegenereerdheid in iemand-als-ik?

Ik veegde tersluiks m’n vingers wat af – aan de binnenkant van de lapèl van m’n oue trouwe regenjas. Ze werden weer toonbaar en ik herkreeg m’n gemoedsrust en konverseerde weer met m’n A.J.C.-leider.

Maar even later – daar was dat bruin weer! En ineens begreep ik: ‘k had m’n hoed wat verschoven, m’n bruine hoed, en de doorweekte rand gaf af.“

 

 

Thijssen

Theo Thijssen (16 juni 1879 – 23 december 1943)
Beeld van Theo Thijssen in de Amsterdamse Jordaan, gemaakt door Hans Bayens

 

 

De Amerikaanse schrijver en literatuurwetenschapper Erich Segal werd op 16 juni 1937 in Brooklyn, New York, geboren. Zie ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2009.

Erich Segal overleed op 17 januari van dit jaar aan een hartaanval.

 

Uit:  Love Story

 

We went to the Midget Restaurant, a nearby sandwich joint which, despite its name, is not restricted to people of small stature. I ordered two coffees and a brownie with ice cream (for her).

“I’m Jennifer Cavilleri,” she said, “an American of Italian descent.”

As if I wouldn’t have known. “And a music major,” she added.

“My name is Oliver,” I said.

“First or last?” she asked.

“First,” I answered, and then confessed that my entire name was Oliver Barrett. (I mean, that’s most of it.)

“Oh,” she said. “Barrett, like the poet?”

“Yes,” I said. “No relation.”

In the pause that ensued, I gave inward thanks that she hadn’t come up with the usual distressing question: “Barrett, like the hall?” For it is my special albatross to be related to the guy that built Barrett Hall, the largest and ugliest structure in Harvard Yard, a colossal monument to my family’s money, vanity and flagrant Harvardism.

After that, she was pretty quiet. Could we have run out of conversation so quickly? Had I turned her off by not being related to the poet? What? She simply sat there, semi-smiling at me. For something to do, I checked out her notebooks. Her handwriting was curious — small sharp little letters with no capitals (who did she think she was, e. e. cummings?). And she was taking some pretty snowy courses: Comp.Lit. 105, Music 150, Music 201 —

“Music 201? Isn’t that a graduate course?”

She nodded yes, and was not very good at masking her pride.“

 

 

Segal

Erich Segal (New York, 16 juni 1937 – 17 januari 2010)

 

De Franse schrijver en essayist Jean d’Ormesson (eig. Jean Lefèvre, comte d’Ormesson) werd geboren op 16 juni 1925 in Parijs.

 

Uit: Voyez comme on danse

 

„Deux ou trois étés de suite, nous avions lâché l’Italie pour l’une ou l’autre des îles grecques. Nous louions pour pas cher des maisons qui étaient loin des villages et tout près de la mer. Les voitures, les journaux, les faits divers, les impôts, les débats de société et les institutions, nous les laissions derrière nous avec Margault et Romain. À Naxos, notre fenêtre donnait sur un champ de lavande. À Symi, nous avions un figuier au milieu du jardin. J’écrivais à son ombre un livre sur mon enfance qui allait s’appeler Au plaisir de Dieu…Nous marchions sur le sable, nous dormions beaucoup, nous ne voyions personne, nous nous baignions à tout bout de champ, nous nous nourrissions de tomates, de mezze, de feuilles de vigne farcies, de tzatziki. Les journaux de Paris arrivaient une fois par semaine au port où nous n’allions pas les chercher.Non, nous ne nous ennuyions pas. Nous ne faisions presque rien. Nous nous aimions.”

 

Jeand'Ormesson

Jean d’Ormesson (Parijs, 16 juni 1925)

 

 

De Duitse schrijfster en boerin Anna Wimschneider werd geboren op 16 juni 1919 in Pfarrkirchen.

 

Uit: Herbstmilch

 

Die Eltern freuten sich an ihren Kindern. Gegen Abend spielten wir meist Fangen, schüttelten eine Menge Maikäfer von den Kirschbäumen und wurden vor dem Schlafengehen noch einmal richtig munter. Einmal zog mir die Mutter ein schönes rotes Samtkleid an, setzte mich auf den Schubkarren, um zum Getreidedreschen Scheps zu holen. Auf dem Weg ins Dorf hat sie mich bei den Häusern, an denen wir vorbeikamen, den Leuten vorgestellt, denn sie war sehr stolz auf ihr erstes Mädchen.
Eines Tages lag die Mutter im Bett, ich weiß nicht, warum, und die größeren Kinder waren bei ihr in der oberen Stube. Von unten hörten wir eine Streiterei, die Mutter kniete sich auf den Boden, aus dem man ein Stück herausnehmen konnte. Sie schaute hinunter. Der Vater und der Großvater stritten. Der Großvater hatte vom Brunnen hinterm Haus Wasser geholt, der Vater aber die Haustüre abgeschlossen, da konnte der Großvater nicht mehr herein. So ergab sich die Streiterei.”

 

Anna_Albert_Wimschneider

Anna Wimschneider (16 juni 1919 – 1 januari 1993)

Hier met haar man op de Duitse televisie

 

 

Zie voor de twee bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

 

De Engelse dichter John Cleveland werd geboren op 16 juni 1613 in Loughborough. Zie ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

 

An Elegy On Ben Jonson 

 

WHO first reform’d our Stage with justest Lawes,

And was the first best Judge in his owne Cause?

Who (when his Actors trembled for Applause)

 

Could (with a noble Confidence) preferre

His owne, by right, to a whole Theater;

From Principles which he
knew could not erre.

 

Who to his FABLE did his Persons fitt,

With all the Properties of Art and Witt,

And above all (that could bee Acted) writt.

 

Who publique Follies did to covert drive,

Which hee againe could cunningly retrive,

Leaving them no ground to rest on, and thrive.

 

 

Cleveland

John Cleveland (16 juni 1613 – 29 april 1658)

 

De Italiaanse dichter en schrijver Giovanni Boccaccio werd geboren in Florence of Certaldoi in juni of juli 1313. Zie ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2008 en ook mijn blog van 16 juni 2009.

 

Uit: Decameron

 

‘Tis humane to have compassion on the afflicted; and as it shews well in all, so it is especially demanded of those who have had need of comfort and have found it in others: among whom, if any had ever need thereof or found it precious or delectable, I may be numbered; seeing that from my early youth even to the present I was beyond measure aflame with a most aspiring and noble love more perhaps than, were I to enlarge upon it, would seem to accord with my lowly condition. Whereby, among people of discernment to whose knowledge it had come, I had much praise and high esteem, but nevertheless extreme discomfort and suffering, not indeed by reason of cruelty on the part of the beloved lady, but through superabundant ardour engendered in the soul by ill-bridled desire; the which, as it allowed me no reasonable period of quiescence, frequently occasioned me an inordinate distress.
In which distress so much relief was afforded me by the delectable discourse of a friend and his commendable consolations, that I entertain a very solid conviction that to them I owe it that I am not dead.
But, as it pleased Him, who, being infinite, has assigned by immutable law an end to all things mundane, my love, beyond all other fervent, and neither to be broken nor bent by any force of determination, or counsel of prudence, or fear of manifest shame or ensuing danger, did nevertheless in course of time abate of its own accord, in such wise that it has now left nought of itself in my mind but that pleasure which it is wont to afford to him who does not adventure too far out in navigating its deep seas; so that, whereas it was used to be grievous, now, all discomfort being done away, I find that which remains to be delightful.”

 

boccaccio2

Giovanni Boccaccio ( juni of juli 1313 – 21 december 1375)

Standbeeld in de facade van het Uffizi paleis in Florence

 

 

En als toegift bij een andere verjaardag:

 

Jack I

Koel leek hij uiterlijk en onbewogen.
Wat mij het meeste trof was zijn profiel,
zijn wenkbrauwen, zo zwaar bij zijn fragiel
gevormde lichaam. Zou ik hem ook mogen?

Die schaduw onder zwarte wenkbrauwbogen
verdiepte het mysterie van zijn ziel.
Zijn ziel? Ach, alles wat te raden viel
voor hij mij aansprak met zijn groene ogen.

Hij vertelde dat hij van muziek hield
en van lezen. Dat was voor mij genoeg.
Ik wist: nu heb ik het geluk gevonden.

Niets anders had tot nu toe mij bezield.
Hij was zo mooi en lief, dat toen hij vroeg
naar mij, ik zei: elk woord van mij is zonde.

 

introspect 

Introspect door Aaron Westerberg, 2010

 

Frans Roumen, Uit: Elk woord van mij is zonde,

Uitgeverij Berend Immink, Nijmegen 1984)

 

 

 

De Nederlandse dichter en vertaler Frans Roumen (Wessem, 16 juni 1957) woont en werkt in Nijmegen. Zie ook mijn blog van 16 juni 2009 en ook mijn blog van 16 juni 2008.  mijn blog van 16 juni 2007. en mijn blog van 16 juni 2006.