Roel Richelieu Van Londersele, Philip Larkin

 

Dolce far niente

 

Seagulls At Mangawhai Beach door Andrew Griffiths

 

augustus

het strand kijkt naar de zee en ziet
dat het water oud is geworden
de meeuwen vliegen door de gedachten van de zon
en hangen hun poten te drogen
in de liezen van de duinen
stoeien de vakantielieven in de lakens
van het zand
er knarst iets in de tederheid
de boeren oogsten hun twijfels
en na de avond kijken ze met de ogen
van hun tractors naar de open wonden
van de velden, er komt ruimte
voor de landing van de herfst
het jaar sterft een eerste keer
aan voorbij zijn, op de patio van hun afscheid
bergen de reizigers de avondzon in hun koffers
met het heimwee van hun aarzeling
verliezen ze hun keuze
tussen thuis en horizon

 

Roel Richelieu Van Londersele (Ninove, 30 juni 1952) De Koepoort in Ninove.

 

De Engelse dichter Philip Larkin werd op 9 augustus 1922 geboren in Coventry. Zie ook alle tags voor Philip Larkin op dit blog.

 

Praten in bed

Praten in bed zou het gemakkelijkst moeten zijn,
Daar samen liggen gaat zo ver terug,
Een symbool van twee mensen die eerlijk zijn.
Toch verstrijkt de tijd meer en meer stil.
Buiten bouwt en verspreidt de onvolledige onrust
Van de wind wolken in de lucht,
En donkere steden hopen zich op aan de horizon.
Niets van dit al geeft om ons. Niets toont waarom
Op deze unieke afstand van isolatie
Het nog moeilijker wordt woorden te vinden
Woorden tegelijk waar en vriendelijk,
Of niet onwaar en niet onvriendelijk.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Philip Larkin (9 augustus 1922 – 2 december 1985) Stanbeeld in Hull

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e augustus ook mijn blog van 10 augustus 2019 en ook mijn blog van 10 augustus 2017 en ook mijn blog van 10 augustus 2014 deel 2 en eveneens deel 3.

Saundra Rose Maley, Philip Larkin

 

Dolce far niente

 

Summer Porch Blues door Candace Lovely

 

First Blues

That summer night
Was hot
Steaming like a crab
Luscious under the shell

Televisions gone bleary
Blinked
In front of men
In undershirts drinking beer

Wives upstairs took showers
Caught
A glimpse of their backs
In hallway mirrors

I sat in the dark
Invisible
On the backporch
Drinking in the night

And it tasted good
So good
Going down
And somebody like me

Blew night through an alto sax
Blew and blew
His cooling breath
His hot cool breath on me—

And I came alive
Glowing
In the dark
Listening like a fool

 

Vertaald door Saundra Rose Maley

 

De Engelse dichter Philip Larkin werd op 9 augustus 1922 geboren in Coventry. Zie ook alle tags voor Philip Larkin op dit blog

 

De maaier

De maaier sloeg af, tweemaal; knielend, vond ik
Een egel geklemd tegen de messen,
Gedood. Hij had in het lange gras gezeten.

Ik had hem eerder gezien en zelfs gevoerd, ooit.
Nu had ik zijn onopvallende wereld verscheurd,
Onveranderlijk. Begraven zou niet helpen:

De volgende ochtend stond ik op en hij niet.
De eerste dag na een overlijden, is de nieuwe afwezigheid
Altijd hetzelfde; we moeten zuinig zijn

Op elkaar, we moeten aardig zijn
Zolang er nog tijd is.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Philip Larkin (9 augustus 1922 – 2 december 1985) Portret door Humphrey Ocean, 1984

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e augustus ook mijn blog van 9 augustus 2019 en ook mijn blog van 9 augustus 2017 en ook mijn blog van 9 augustus 2015 deel 2.

Jostein Gaarder, Philip Larkin

De Noorse schrijver Jostein Gaarder werd geboren op 8 augustus 1952 in Oslo. Zie ook alle tags voor Jostein Gaarder op dit blog.

Uit: De Wereld van Sofie (Vertaald door Janke Klok)

´Sofie ontving nu een grotere brief met daarop vermeld: “Filosofiecursus”. Wat is filosofie? De een houdt van sport, de ander niet. De een van lezen, de ander niet. De een leest romans, de ander alleen de krant. We zijn allemaal verschillend. Wat is het belangrijkste in het leven? Iemand die honger heeft zegt “eten”, iemand die het koud heeft zegt “warmte”, en iemand die eenzaam is zegt “aandacht”. Filosofen vinden dat naast aandacht, eten en warmte, we ook antwoord moeten vinden op de vraag wie we zijn en waarom we leven. Alle culturen hebben zich al met die vraag bezig gehouden. De geschiedenis laat wel verschillende antwoorden zien. Maar het is moeilijker om filosofische vragen te stellen dan deze te beantwoorden. Ieder moet z’n eigen antwoorden vinden. Je kunt niet in een encyclopedie vinden of God bestaat, of er een leven is na de dood. Maar door te lezen over wat andere mensen gedacht hebben, kunnen we wel onze eigen mening over het leven vormen. De wetenschap heeft al veel raadsels opgelost. Zoals hoe de achterkant van de maan eruit ziet. Sofie ontvangt de volgende brief: “Het enige wat we nodig hebben is het vermogen om ons te verwonderen”. Kleine kinderen doen dat van nature, verwonderen. Met de jaren neemt dat af. Alles
wordt een gewoonte. Stel: mama staat met de rug naar vader en Thomas, hun kleine kind. Plots gaat vader vliegen boven z’n stoel. Thomas zegt: “Papa vliegt”. Hij verwondert zich, maar doet dat zo vaak op een dag, en gaat weer verder spelen. Mama draait zich om en verschrikt hevig. Zij heeft geleerd dat mensen niet vliegen. Alles went in het leven. Filosofen hebben dus de eigenschap met kleine kinderen gemeen dat ze zich blijven verwonderen, dat de wereld nooit ‘gewoon’ wordt´

 

Jostein Gaarder (Oslo, 8 augustus 1952)

 

De Engelse dichter Philip Larkin werd op 9 augustus 1922 geboren in Coventry. Zie ook alle tags voor Philip Larkin op dit blog

 

Middagen

De zomer vervliegt:
De bladeren vallen solo of met z’n tweeën
Van bomen die grenzen
Aan het nieuwe recreatieterrein.
In de holtes van middagen
Komen jonge moeders bijeen
Bij schommel en zandbak
En laten hun kinderen gaan.

Achter hen, met tussenpozen,
Staan echtgenoten met ambachten,
Een domein vol wasgoed,
En de albums, met de belettering
Onze bruiloft, liggen
Bij de televisie:
Voor hen de wind; die verpest
Hun ontmoetingsplaatsen

Dat zijn nog steeds ontmoetingsplaatsen
(Maar de geliefden zijn allemaal op school),
En hun kinderen, zo gericht op
Het vinden van meer onrijpe eikels,
Verwachten naar huis te worden gebracht.
Hun schoonheid is ingedikt.
Iets duwt hen
Naar de zijkant van hun eigen leven.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Philip Larkin (9 augustus 1922 – 2 december 1985)

 

Zie voor meer schrijvers van de 8e augustus ook mijn blog van 8 augustus 2019 en ook mijn blog van 8 augustus 2017 en ook mijn blog van 8 augustus 2015 deel 2.

Pablo Neruda, Martin Piekar

 

Dolce far niente

 

Lazybones door Liz Gribin, z.j.

 

Lazybones

They will continue wandering,
these things of steel among the stars,
and worn out men will still go up
to brutalise the placid moon.
There, they will found their pharmacies.

In this time of the swollen grape,
the wine begins to come to life
between the sea and the mountain ranges.

In Chile now, cherries are dancing,
the dark, secretive girls are singing,
and in guitars, water is shining.

The sun is touching every door
and making wonder of the wheat.

The first wine is pink in colour,
is sweet with the sweetness of a child,
the second wine is able-bodied,
strong like the voice of a sailor,
the third wine is a topaz, is
a poppy and a fire in one.

My house has both the sea and the earth,
my woman has great eyes
the colour of wild hazelnut,
when night comes down , the sea
puts on a dress of white and green,
and later the moon in the spindrift foam
dreams like a sea-green girl.

I have no wish to change my planet.


Vertaald door Alastair Reid

 

Pablo Neruda (12 juli 1904 – 23 september 1973) Plaza de Armas in Parral, de geboorteplaats van Pablo Neruda

 

De Duits-Poolse dichter Martin Piekar werd geboren op 5 augustus 1990 in Bad Soden am Taunus. Zie ook alle tags voor Martin Piekar op dit blog.

Centraal Station
Wiesbaden

I.

Definitie: remix van tijden.
Kaiserspoor en ik
we schrijven allebei geschiedenis
of gedichten. in treinen
zit het heimwee, zit
weg-
gedoken. Hier lijkt het ziek
en koortsig – strepen
als scheuren en mijn vervelling
zit er nog in. beide
zijn vandaag dieper
verankerd. Een vriend die
in een tehuis trok, trok me mee –
het was zijn eerste voor en niet
tegen hem.
Ik trok mijn huid hier uit
en kreeg vrienden. Tieners
getuigen van mythen, getuigen
van vreemdvergane geschiedenissen.
maar de eigen geschiedenis
is niet voorbij gegaan
zij gaat voorbij, zij
gaat altijd voorbij.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Martin Piekar
(Bad Soden am Taunus, 5 augustus 1990)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 7e augustus ook mijn blog van 7 augustus 2019 en ook mijn blog van 7 augustus 2017 en ook mijn blog van 7 augustus 2011 deel 1 en ook deel 2.

Kjell Westö, Martin Piekar

De Finse schrijver Kjell Westö werd geboren op 6 augustus 1961 in Helsinki. Zie ook alle tags voor Kjell Westö op dit blog.

Uit: De zwavelgele hemel (Vertaald door Clementine Luijten)

“Toch voelde ik me gevleid door Linda’s woorden, en het gesprek eindigde ermee dat ik beloofde met Alex te praten en zou informeren of hij Klasu niet een beetje kon ontlasten. Daarna hing ik op, en door mijn hoofd tolden gedachten over Henry Vogts smadelijke dood in Fuengirola, Linda’s doctoraalscriptie over de betekenis van het religieuze erfgoed voor het expressionisme van Sallinen en Ruokokoski en haar berustende genegenheid waar het Pirkko’s bonte kleding en uitgestippelde leventje betrof. Toen ik naar bed ging piekerde ik nog steeds, en ik kwam tot de conclusie dat Linda zich sowieso niet in het krachtveld van winstbejag en strijd om status zou moeten bevinden. Toen op maandagochtend de telefoon ging was ik er daarom van overtuigd dat het Linda was die net zo intensief had nagedacht als ik en nog eens wilde praten. Maar toen ik de hoorn opnam en mijn naam zei wachtte me een lange, onbehaaglijke stilte. In de pauzes tussen mijn hallo? hallo? met wie spreek ik? hoorde ik de lijn kraken en het knersen en ratelen van een tram die de bocht nam. Net toen ik wilde ophangen klonk er een iele, beetje zeurende oudemannenstem, zo heel anders dan de autoritaire toon die ik ooit had gekend: Met Per-Olof Rabell. De opa van Stella en Alex. Ik moest snel mijn gedachten ordenen. Hoe is het, Poa? wist ik uit te brengen. waar bel je vandaan? Ik ben weer opgenomen in het Eira-ziekenhuis, antwoordde hij. Voel me niet echt geweldig. Maar ze zeggen nu al zo lang dat ik dood zal gaan dat ik ze niet meer geloof. Poa overleefde al meer dan drie jaar sinds zijn doodvonnis. Dat was langer dan welke arts ook ooit had verwacht. Dat is vervelend om te horen, zei ik. Ik wou dat er een geneesmiddel was. Ik voelde me niet helemaal eerlijk toen ik dat zei. En het kan zijn dat Poa iets in mijn stem hoorde, want hij zei zonder omwegen: Ik bel omdat ik je om vergeving wil vragen. Ik mocht je niet, en ik vind je nog steeds een rotte appel en heb een enorme hekel aan je. Maar ik ben niet altijd correct tegen je geweest en daarvoor moet ik je mijn excuses aanbieden. Ik heb jou ook nooit gemogen, had ik willen zeggen. Maar dat zeg je niet tegen een stervende, dus liet ik het achterwege. Het geeft niet, zei ik daarom maar. Je hoeft geen excuses aan te bieden. Ik begrijp dat je verbaasd bent, zei Poa stijfjes. Maar het is belangrijk je correct te gedragen.”

 

Kjell Westö (Helsinki, 6 augustus 1961)

 

De Duits-Poolse dichter Martin Piekar werd geboren op 5 augustus 1990 in Bad Soden am Taunus. Zie ook alle tags voor Martin Piekar op dit blog.

 

Centraal station Frankfurt am Main III

III

Ik vraag een orkaan. spoedig.
Ik vraag me een paar
Honderd kilometer boven je antwoord.
Mogelijkheden in tempodwang.
Pseudo-sporen in de geest verweerd .

Raamkozijnen projecteren landschappen
Als vestibule. voorbijsnellend terrein
Niet te stoppen in mijn ogen. momenteel
Zonder referentiepunt. one-way. – als niets
Bestemd is tot wachten. Reiswildernis.

Vragen als wonden. die
Niet sluiten. en in de paar
Honderd kilometer zal ik
Jou niet vragen omdat het
Wond gedacht is. uitgevraagd naar huis.

Hier, daar wacht altijd
Een vrouw – nee niet meer moeder
– een vrouw,
Die mijn hoofd vast te houden
Weet.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Martin Piekar
(Bad Soden am Taunus, 5 augustus 1990)

 

Zie voor de schrijvers van de 6e augustus ook mijn blog van 6 augustus 2019 en ook mijn blog van 6 augustus 2017 en mijn blog van 6 augustus 2016 en ook mijn blog van 6 augustus 2015 en ook mijn blog van 6 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Martin Piekar

De Duits-Poolse dichter Martin Piekar werd geboren op 5 augustus 1990 in Bad Soden am Taunus. Zie ook alle tags voor Martin Piekar op dit blog.

Hauptbahnhof Frankfurt am Main II

II

Rockupy Menschenmenge, verwiesen
In naive Gehörgänge. Friede,
Ist die Isolation,
In Kauf zu nehmen.
Während Tauben
Einen unterhalten. An der Architektur
Rinnt Wort für mich für Wort,
Gärt nicht an mir. Vergesse

Vergiss es, was du hören wolltest
Hat keine Verspätung, es bekommt
Keinen Einlass in die Gewitter-
Kulisse: Rockupy-Kabel-Camp.
Werbung
Als eigens fluktuierendes Element
Zwischen Schultern.
Wie Fensterglas
Stecke ich viskos in Reisen fest;
An seinem MP3-Player
Verklebt jeder zwischen Schienen.

 

Hauptbahnhof Frankfurt am Main III

III

Ich frage einen Orkan. zügig.
Ich frage mich ein paar
Hundert Kilometer über deine Antwort.
Möglichkeiten im Zugzwang.
Pseudofährten im Verstand gewittert.

Fensterrahmen projizieren Landschaften
Als Vestibül. vorbeihastendes Terrain
Haltlos in meinen Augen. derzeitig
Ohne Anhaltspunkt. one-way.– wenn nichts
Bestimmt ist zu harren. Reiseödnis.

Fragen wie Wunden. die sich
Nicht schließen. und in den paar
Hundert Kilometern werde ich
Dich nicht fragen. weil es
Wundgedacht ist. ausgefragt nach Hause.

Hier, dort wartet immer
Eine Frau – nein nicht mehr Mutter
– eine Frau,
Die meinen Kopf zu halten
Versteht.

 

Centraal Station Frankfurt am Main II

II

Rockupy mensenmenigte doorverwezen
Naar naïeve gehoorgangen. Vrede,
Is het isolement
Op de koop toe nemen.
Terwijl duiven
Je vermaken. Aan de architectuur
Loopt woord voor mij voor woord,
Gist niet aan mij. Vergeet

Vergeet het, wat je wilde horen
Heeft geen vertraging, het krijgt
Geen toegang tot het onweer-
Decor: Rockupy kabelkamp.
Reclame
Als specifiek fluctuerend element
Tussen schouders.
Als vensterglas
Zit ik vast in viskeuze reizen;
Aan zijn mp3-speler
Blijft iedereen tussen de rails plakken.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Martin Piekar
(Bad Soden am Taunus, 5 augustus 1990)

 

Zie voor de schrijvers van de 5e augustus ook mijn blog van 5 augustus 2019 en ook mijn blog van 5 augustus 2016 deel 1 en deel 2.

Rutger Kopland, Martin Piekar

De Nederlandse dichter en schrijver Rutger Kopland (eig. Rutger Hendrik van den Hoofdakker) werd geboren in Goor op 4 augustus 1934. Zie ook mijn blog van 4 augustus 2010 en ook alle tags voor Rutger Kopland op dit blog.

Er moeten toch mensen wonen

Er moeten toch mensen wonen, ik luister,
en herinner mij dit huis, de lege eierschalen,
de koude resten thee, de waaiende gordijnen,
op het tafellaken grijze stront van vogeltjes,

Oh, goede morgen, als kabouters in zachte
pyjama’s gaan de geluiden door het huis, de
eerste Clementi, de kranen, de fluit van
het kokende water. Geluk is langzaam naar

beneden gaan en daar zitten wachten
op stappen, tussen muren bedekt
met tekeningen: vaders, moeders,

kinderen, tafel, huis, voorgoed
aan het ontbijt. En ik
was één van hen.

 

Wie

Wie zal de vriend zijn van mijn vriendin,
de baas voor mijn hond, het kind in mijn jeugd,
de oude man bij mijn dood, wie zal dat zijn als
ik het niet ben? Jij? Ach kom, jij bent niets

dan twee ogen, die zien wat ze zien, jij
bent niets dan het uitzicht: een zon schijnt,
een appelboom bloeit, een stoel staat in
het gras; vreugde, verdriet, weet jij veel,

uitzicht. maar wie zal mijn liefste grijs en
ziek laten worden, er voor zorgen dat de hond
jankt, het kind huilt, en de dood komt? Wie
zal de appelboom laten verkommeren, de stoel
voorgoed laten staan in de regen? Iemand toch
zal toe moeten zien dat alles voorbij gaat.

 

Tegen het krakende hek

Zo stonden wij tegen het krakende hek,
zo buiten de wereld als paarden.

Het was weer aarde, gier en soir de
paris, een avond van waar en wanneer.

In mij kwamen vergeten regels omhoog,
zachte op nacht rijmende landerijen,

maar jij fluisterde: hier, hier is het
het fijnste, waar je nu bent, waar je nu

bent met je handen. Zo lagen we tegen
de aarde en tegen elkaar, terwijl het hek

kraakte tegen de opdringende paarden.

 

Rutger Kopland (4 augustus 1934 – 11 juli 2012) Portret door Trudy Kramer, 2002

 

De Duits-Poolse dichter Martin Piekar werd geboren op 5 augustus 1990 in Bad Soden am Taunus. Zie ook alle tags voor Martin Piekar op dit blog.

 

Centraal Station Frankfurt am Main I

I.

Mijn perspectieven eindigen daar
De moeder van mijn treinstations
Wat hier ontsproot, kwam altijd terug
Naar of met mij (altijd heeft
Een blind quotum, maar een quotum)
A million faces, each a million lies
Schreef ik in de ICE, dan komen
De bruggen, de boten, ik geloof
Dat je altijd in een cirkel rijdt – bijna
Geometrisch – ik zweer het
Bij al mijn fetisjen: Frankfurt
Spiegelt zich niet in de Main
De rivier spiegelt zich hier in de stad

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Martin Piekar (Bad Soden am Taunus, 5 augustus 1990)

 

Zie voor de schrijvers van de 4e augustus ook mijn blog van 4 augustus 2019 en ook mijn blog van 4 augustus 2017 en ook mijn blog van 4 augustus 2013 en mijn blog van 4 augustus 2011 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3 en mijn blog over Robert Beck.

Marica Bodrozić

De Duitse dichteres en schrijfster Marica Bodrozić werd geboren op 3 augustus 1973 in Zadvarje in het toenmalige Joegoslavië. Zie ook alle tags voor Marica Bodrozić op dit blog.

EIN KOLIBRI KAM UNVERWANDELT
in die Gattung der Träume hinein,
sah sich um, sah die dort vorhandenen
Menschen, malte seine Flügel blau und sagte
zu den Zweibeinigen: ich bin der Himmel.
Die Farbe sprach dafür.
Aber die Leute hatten keine Beweise.
Also schwiegen sie feige um die Schönheit
herum, gaben vor, Diplomatie zu betreiben.
Sie rechneten, betrieben Kalkulation
und teilten am Ende dem Kolibri mit,
man habe beschlossen, Farbe,
das sei Illusion. Der Vogel staunte,
er lernte das Staunen unvermittelt
von den Menschen, flog zu den lila Blüten,
setzte sich hin und packte sein Zauberbuch aus.
Dann blätterte er einige Mal hin und her,
verwandelte sich in einen Schmetterling,
malte seine Flügel blau und sagte
zu den Menschen: ich bin der Himmel.
Die Farbe sprach dafür.
Aber die neuen Kinder hatten keine Träume mehr.
Sie nahmen das sprechende Wunder
zwischen die Finger. Und erst der Staub
rief sie ins Staunen. Der Schmetterling
wurde unterdessen gelb, flog in die Urgegend
der Bilder, ruhte auf den reifenden Zitronen,
wurde ein Kolibri, kam unverwandelt
in die Gattung der Träume hinein,
sah sich um, sah die dort vorhandenen
Menschen, und hatte Geduld.

 

EEN KOLIBRIE KWAM ONVERANDERD
het genre van de dromen binnen,
keek om zich heen, zag de daar aanwezige
mensen, schilderde zijn vleugels blauw en zei
tegen de tweevoeters: ik ben de hemel.
De kleur sprak ervoor.
Maar de mensen hadden geen bewijs.
Dus zwegen ze laf om de schoonheid
heen, deden alsof ze diplomatie bedreven.
Ze maakten berekeningen en calculeerden
en deelden uiteindelijk aan de kolibrie mee
dat men besloten had dat kleur,
een illusie is. De vogel was verbaasd,
hij leerde plotseling verbaasd te staan
van de mensen, vloog naar de paarse bloemen,
ging zitten en pakte zijn magische boek uit.
Toen bladerde hij een paar keer heen en weer,
veranderde zichzelf in een vlinder,
schilderde zijn vleugels blauw en zei
tegen de mensen: ik ben de hemel.
De kleur sprak ervoor.
Maar de nieuwe kinderen hadden geen dromen meer.
Ze namen het pratende wonder
tussen de vingers. En pas het stof
wekte hun verbazing. De vlinder
werd ondertussen geel, vloog naar het oergebied
van de schilderijen, rustte op de rijpende citroenen,
werd een kolibrie, kwam onveranderd
het genre van de dromen binnen,
keek om zich heen, zag de daar aanwezige
mensen, en had geduld.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Marica Bodrozić (Zadvarje, 3 augustus 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e augustus ook mijn blog van 3 augustus 2018 en ook mijn blog van 3 augustus 2016 en mijn blog van 3 augustus 2015 en eveneens van 3 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

James Baldwin

De Amerikaanse schrijver James Baldwin werd op 2 augustus 1924 in Harlem, New York, geboren. Zie ook alle tags voor James Baldwin op dit blog.

Uit: Letter from a Region in My Mind

“Yet there was something deeper than these changes, and less definable, that frightened me. It was real in both the boys and the girls, but it was, somehow, more vivid in the boys. In the case of the girls, one watched them turning into matrons before they had become women. They began to manifest a curious and really rather terrifying single-mindedness. It is hard to say exactly how this was conveyed: something implacable in the set of the lips, something farseeing (seeing what?) in the eyes, some new and crushing determination in the walk, something peremptory in the voice. They did not tease us, the boys, any more; they reprimanded us sharply, saying, “You better be thinking about your soul!” For the girls also saw the evidence on the Avenue, knew what the price would be, for them, of one misstep, knew that they had to be protected and that we were the only protection there was. They understood that they must act as God’s decoys, saving the souls of the boys for Jesus and binding the bodies of the boys in marriage. For this was the beginning of our burning time, and “It is better,” said St. Paul—who elsewhere, with a most unusual and stunning exactness, described himself as a “wretched man”—“to marry than to burn.” And I began to feel in the boys a curious, wary, bewildered despair, as though they were now settling in for the long, hard winter of life. I did not know then what it was that I was reacting to; I put it to myself that they were letting themselves go. In the same way that the girls were destined to gain as much weight as their mothers, the boys, it was clear, would rise no higher than their fathers. School began to reveal itself, therefore, as a child’s game that one could not win, and boys dropped out of school and went to work. My father wanted me to do the same. I refused, even though I no longer had any illusions about what an education could do for me; I had already encountered too many college-graduate handymen. My friends were now “downtown,” busy, as they put it, “fighting the man.” They began to care less about the way they looked, the way they dressed, the things they did; presently, one found them in twos and threes and fours, in a hallway, sharing a jug of wine or a bottle of whiskey, talking, cursing, fighting, sometimes weeping: lost, and unable to say what it was that oppressed them, except that they knew it was “the man”—the white man. And there seemed to be no way whatever to remove this cloud that stood between them and the sun, between them and love and life and power, between them and whatever it was that they wanted. One did not have to be very bright to realize how little one could do to change one’s situation; one did not have to be abnormally sensitive to be worn down to a cutting edge by the incessant and gratuitous humiliation and danger one encountered every working day, all day long.”

 

James Baldwin (2 augustus 1924 – 1 december 1987)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e augustus ook mijn blog van 2 augustus 2018 en ook mijn blog van 2 augustus 2017 en ook mijn blog van 2 augustus 2011 deel 2.

Gerrit Krol, Alfred Tennyson

De Nederlandse dichter en schrijver Gerrit Krol werd geboren op 1 augustus 1943 in Groningen. Zie ook alle tags voor Gerrit Krol op dit blog.

Uit: Over de aandoeningen der ziel

“Over onze tekortkomingen. Want niemand schiet meer tekort dan wij – wij zijn niet groter. Als wij groter waren, konden we meer zien, en als we meer konden zien, konden we meer denken, en meer zien.
Op de markt staat een machine. Wie daarin kruipt ziet de toekomst, maar als hij er uit kruipt is hij die toekomst weer vergeten. Hij kan niemand vertellen wat hij heeft gezien. Daarom moet er een machine zijn voor twee personen, zodat deze elkaar hun ervaringen kunnen mededelen, maar daardoor zal, zoals te begrijpen is, hun eenzaamheid nog groter zijn want, terug op de wereld, hebben ze slechts elkaar om zich mede te delen en wát ze ons ook vertellen, hun belevenissen zijn de onze niet. Ze kunnen niets laten zien en met al hun geestdrift blijven ze ernstig in gebreke. Daarentegen, als ze maar iets meegenomen hadden, een kijkglas, een beroet glaasje om door te kijken en een object, waar iedereen naar kon kijken, dan konden wij, zij het door een zwart glaasje, allen hetzelfde zien. Want wanneer wij zodra wij met elkaar spreken, hetzelfde bedoelen, schieten wij niet meer tekort, maar nu schieten wij te kort.
Er zijn drie ruimtes, of vier, maar hoofdzakelijk drie. Drie ruimtes. De eerste ruimte wordt opgevuld door de dingen om ons heen. Deze dingen zijn voor allen hetzelfde. De tweede ruimte wordt opgevuld door hetgeen in ons is. Dit is voor elk van ons verschillend. De derde ruimte bestaat uit de woorden waarmee wij deze verschillende dingen aan elkaar gelijk stellen, zodat wij elkaar verstaan. De vierde ruimte is de ruimte die bestaat uit de dingen die zowel om ons heen zijn als in ons: onze waarnemingen. En de vijfde ruimte is gelijk aan de vierde, maar bestaat slechts uit woorden.
Er is een ruimte, die je ruimte 4a kunt noemen: je waarnemingen, maar niet die van nu, – die van gisteren. Deze ruimte heet de geest. Het zijn de gedachten. Iedereen heeft een eigen geest en zijn eigen gedachten. Deze gedachten, van jou en mij, hebben dus niets met elkaar gemeen dan de naam die we er aan geven.
Een gedachte waar we zelf deel van uitmaken, is een gevoel. Het gevoel van jou en het gevoel van mij, hebben niets gemeen, ook niet het woord dat we ervoor gebruiken, want hij bedoelt jezelf en ik bedoel mij. Je hoeft daarover dus niets tegen mij te zeggen.”

 

Gerrit Krol (1 augustus 1934 – 24 november 2013)

 

De Engelse dichter Alfred, Lord Tennyson werd geboren op 6 augustus 1809 in Somersby, Lincolnshire, England. Zie ook alle tags voor Alfred Tennyson op dit blog.

 

Uit: In Memoriam

Blijf bij mij als mijn lamp laag staat,
Als ’t bloed stokt, elke zenuw prikt
En tintelt, als het hart haast stikt,
En ’s Levens raderwerk traag gaat.

Blijf bij mij als ’t zintuigelijk lijf
Door folterpijn van hoop ontbloot is,
De Tijd een stof strooiend despoot is,
Het Leven een vuurspuwend wijf.

Blijf bij mij als ’t geloof droog staat,
De mens een herfstvlieg is, gedoemd,
Die eitjes legt, en steekt, en zoemt,
Zijn nietige cel weeft, en vergaat.

Blijf bij mij in mijn stervenstijd,
Wijs mij het eind van ’t menselijk streven,
En aan de duistere rand van ’t leven
De dageraad der eeuwigheid
.

 

Vertaald door Rudy Bremer

 

Alfred Tennyson (6 augustus 1809 – 6 oktober 1892) Portret door George Frederic Watts, 1863-1864

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e augustus ook mijn blog van 1 augustus 2019 en ook mijn blog van 1 augustus 2017 en ook mijn blog van 1 augustus 2011 deel 3.

Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 1 augustus 2017.

De Amerikaanse dichter en advocaat Francis Scott Key werd geboren op de plantage Terra Rubra bij Frederick (Maryland) op 1 augustus 1779.